Wijzigingen Officiële bron
Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2013 krachtens de Wet op de Rechtsbijstand, versie per 1 september 2013Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2013 krachtens de Wet op de Rechtsbijstand, versie per 1 september 2013

Aldus vastgesteld te Utrecht op 25 juli 2013

P.J.M. van denBiggelaardirecteur stelselJ.Wijkstradirecteur bedrijfsvoering

Uitgangspunt van de Wet op de rechtsbijstand is dat advocaten die rechtsbijstand in de zin van de wet willen verlenen zich daartoe inschrijven bij de Raad voor Rechtsbijstand.

Het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand (verder: de Raad) kan op grond van de artikelen 14 en 15 van de Wrb voorwaarden aan de inschrijving verbinden die betrekking hebben op de organisatie van het kantoor waar de rechtsbijstandverlener werkzaam is, de verslaglegging van de advocaat omtrent de door hem/haar verleende bijstand, het minimum en het maximum aantal zaken waarvoor een advocaat jaarlijks kan worden toegevoegd en de deskundigheid van de advocaat op bepaalde rechtsterreinen. Deze inschrijvingsvoorwaarden zijn algemeen verbindende voorschriften.

De Raad stelt als voorwaarde voor het toevoegen van (beginnende) advocaten op basis van de Wrb dat het verzoek om inschrijving door de Raad volledig is behandeld en is ingewilligd.

De Raad kan op grond van art. 16 Wrb uitsluitend in bijzondere gevallen een niet-ingeschreven advocaat toevoegen. Dit is het geval indien een rechtzoekende uitdrukkelijk en gemotiveerd om toevoeging van de niet-ingeschreven advocaat verzoekt of indien voor de verlening van rechtsbijstand op een bepaald rechtsterrein onvoldoende advocaten met de desbetreffende specialistische deskundigheid zijn ingeschreven. Het verstrekken van een toevoeging aan een niet-ingeschreven advocaat dient een uitzondering te blijven. Een advocaat die op grond van art. 16 Wrb vaker dan sporadisch een verzoek om toevoeging indient dient zich op grond van de Wrb te laten inschrijven.

In ieder geval zal aan een niet-ingeschreven advocaat geen toevoeging worden verleend indien hij toevoeging verzoekt op een terrein waarop in de door de Raad vastgestelde inschrijvingsvoorwaarden deskundigheidseisen worden gesteld.

Naast de algemene inschrijvingsvoorwaarden kent de Raad een afzonderlijke regeling en deskundigheidsvereisten voor Strafrecht, Psychiatrisch patiëntenrecht, Vreemdelingenrecht, Asiel- en Vluchtelingenrecht, Internationale kinderontvoering en Personen- en familierecht, alsmede voor de verlening van rechtsbijstand in het kader van het (kinder)straf-, vreemdelingen- en psychiatrische patiëntenpiket.

Per 1 juli 2013 treden deskundigheidseisen in werking op het terrein van jeugdzaken. Deze eisen zullen gelden voor jeugdstrafzaken en voor verzoeken voor een machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg.

De advocaat dient desgevraagd informatie te verstrekken en verantwoording af te leggen over de afhandeling van zaken. Deze informatieplicht kan ook worden aangewend met betrekking tot de evaluatie van door de Raad gevoerd beleid. Desgevraagd dient de advocaat verslaglegging te doen over de wijze waarop aan de inschrijvingsvoorwaarden is voldaan.

De Raad stelt ten aanzien van een zevental rechtsgebieden bijzondere deskundigheidsvereisten in. Het betreft hier rechtsgebieden die ofwel specialistische kennis vereisen, ofwel vereisen dat de advocaat zich verdiept in en beperkt tot een aantal samenhangende rechtsgebieden. De inschrijving op deze rechtsgebieden moet worden aangevraagd door middel van een afzonderlijk formulier. De gestelde vereisten gelden voor de toelating dan wel de voortzetting van de inschrijving. Als de advocaat niet is ingeschreven voor het betreffende rechtsgebied, is het hem niet toegestaan zaken op het betreffende rechtsgebied te behandelen of daarvoor toevoeging te verzoeken.

De Raad toetst steekproefsgewijs of de ingeschreven advocaat heeft voldaan aan de gestelde eisen voor het onderhouden van zijn deskundigheid op bovengenoemde terreinen waarvoor bijzondere voorwaarden gelden.

In 2013 wordt gecontroleerd of de deskundigheidseisen voor de rechtsbijstandverlening in strafzaken zijn nageleefd.

In 2014 voert de Raad een toets uit op de specialisatiegebieden asiel- en vluchtelingenrecht, vreemdelingenrecht/vreemdelingenpiket/ vreemdelingenbewaringszaken, psychiatrisch patiëntenrecht en personen- en familierecht.

De vereisten voor het verstrekken van toevoegingen in strafzaken zijn:

De vereisten voor de voortgezette inschrijving voor strafzaken zijn:

De extra vereisten voor deelname aan het strafpiket zijn:

Voor de toelating tot het strafpiket gelden de bovengenoemde algemene voorwaarden alsmede:

Afwijkingsbevoegdheid:

De Raad kan in uitzonderlijke gevallen afwijken van het vereiste dat het onderdeel strafrecht ofwel de minor strafrecht in de beroepsopleiding van de Orde met succes voltooid is. 5

De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen voor jeugdstrafzaken en voor verzoeken voor een machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg zijn:

De vereisten voor toevoegingen op het rechtsgebied psychiatrisch patiëntenrecht zijn:

De vereisten voor de voortgezette inschrijving op het rechtsgebied psychiatrisch patiëntenrecht zijn:

De extra vereisten voor deelname aan het psychiatrische patiëntenpiket zijn:

In verband met het noodzakelijke onderhouden van de ervaring wordt waar nodig een wachtlijst voor deelname gehanteerd. Belangstellenden voor toelating tot het het psychiatrische patiëntenpiket worden op datum van aanmelding geregistreerd. Nieuwe toelating vindt pas plaats als het aantal zaken per deelnemende rechtsbijstandverlener in een jaar gemiddeld niet onder 15 toevoegingen daalt. Mogelijke toelating wordt door de Raad aangekondigd als het volgen van een cursus, die vereist is voor de toelating, mogelijk is. Om zich te laten registreren op de wachtlijst behoeft de rechtsbijstandverlener nog niet aan de gestelde inschrijvingsvereisten te voldoen. Wel moet de rechtsbijstandverlener de stage voltooid hebben.

De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen in vreemdelingenzaken zijn:

In bijlage 1 zijn de Inschrijvingsvoorwaarden voor vreemdelingenrecht, vreemdelingenpiket en vreemdelingenbewaringszaken opgenomen.

De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen in asiel- en vluchtelingenzaken zijn:

In bijlage 2 zijn de Inschrijvingsvoorwaarden voor het Asiel- en vluchtelingenecht opgenomen.

De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen in kinderontvoeringszaken zijn:

De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen op het terrein van het personen- en familierecht zijn:

In bijlage 3 zijn de Inschrijvingsvoorwaarden voor het Personen- en Familierecht opgenomen.

De advocaat ontvangt het op basis van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 verstrekte voorschot persoonlijk en is persoonlijk aansprakelijk voor de onverwijlde terugbetaling c.q. verrekening met de vergoedingen in zaken op basis waarvan het voorschot is berekend, in geval de inschrijving wordt doorgehaald. De advocaat die in loondienst heeft gewerkt, kan zich er niet op beroepen dat voorschotten aan zijn patroon/kantoor zijn uitbetaald.

De advocaat die wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen op het terrein van het vreemdelingenrecht (niet zijnde asielrechtsbijstand) dient te voldoen aan de algemene inschrijvingsvoorwaarden en bovendien dient hij terzake:

ofwel:

ofwel:

De advocaat dient verder:

De advocaat die voorwaardelijk wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen op het terrein van het vreemdelingenrecht (niet zijnde asielrechtsbijstand) dient terzake:

Indien voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden kan de Raad overgaan tot een voorwaardelijke inschrijving voor een periode van 1 jaar.

Na afloop van de periode van voorwaardelijke inschrijving gaat de Raad uitsluitend tot onvoorwaardelijke inschrijving over indien uit rapportage van de advocaat en diens begeleider is gebleken dat aan de hierboven onder 1 genoemde voorwaarden en de bij de voorwaardelijke inschrijving gestelde voorwaarden wordt voldaan.

De advocaat die wil deelnemen aan het vreemdelingenpiket en/of bewaringszaken wil behandelen op basis van een toevoeging dient terzake:

Om ingeschreven te blijven dient een (voorwaardelijk) ingeschreven advocaat in ieder jaar van inschrijving:

Indien niet aan deze voorwaarden voldaan is, zal de Raad de rechtsbijstandverlener van verdere deelneming aan de (piket)regeling c.q. als deskundige op het terrein uitschrijven. Uitsluiting dan wel uitschrijving geschiedt op basis van artikel 17 lid 2 Wet op de rechtsbijstand.

De Raad kan, na zonodig daartoe advies te hebben ingewonnen van Landelijke Adviescommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring (LARAV), in uitzonderlijke gevallen afwijken van de hierboven onder 1, 2, 3 en 4 genoemde voorwaarden. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan afwijking van de ervaringseis. Een dergelijke afwijking kan geboden zijn bij een drastische afname van de vraag.

De Raad heeft op grond van artikel 8 van de Wet op de rechtsbijstand de Klachtencommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring ingesteld. Deze klachtencommissie adviseert, hetzij naar aanleiding van een klacht, hetzij op eigen initiatief, of op verzoek van de Raad, de Raad over maatregelen te nemen tegen advocaten die rechtsbijstand hebben geboden op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht en het vreemdelingenrecht, vreemdelingenpiket en vreemdelingenbewaring.

In een afzonderlijk reglement zijn de werkzaamheden van en de behandeling van klachten door de klachtencommissie geregeld. De ingeschreven advocaat is verplicht zich te onderwerpen aan het genoemde reglement.

De Raad kan – ambtshalve of naar aanleiding van een schriftelijke klacht – een toegelaten advocaat een waarschuwing geven of al dan niet tijdelijk van de verdere verlening van rechtsbijstand op het terrein van het vreemdelingenrecht, vreemdelingenbewaring of het vreemdelingenpiket uitsluiten dan wel andere maatregelen treffen, indien uit concrete feiten of omstandigheden is gebleken van enig handelen of nalaten in strijd met een zorgvuldige en doelmatige rechtbijstandsverlening aan vreemdelingen. Deze maatregelen gaan gepaard met melding aan de Deken en andere betrokkenen. Het advies daartoe wordt aan de Raad uitgebracht door de Klachtencommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring.

De advocaat die wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen aan asielzoekers dient te voldoen aan de algemene inschrijvingsvoorwaarden en bovendien dient hij terzake:

ofwel:

ofwel:

De advocaat dient verder:

De advocaat die voor het eerste jaar voorwaardelijk wil worden ingeschreven om rechtsbijstand te verlenen aan asielzoekers dient ter zake:

Indien voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden kan de Raad overgaan tot een voorwaardelijke inschrijving voor een periode van 1 jaar. Deze termijn kan in bijzondere gevallen worden verlengd met een door de Raad te bepalen termijn.

Na afloop van de periode van voorwaardelijke inschrijving gaat de Raad uitsluitend tot onvoorwaardelijke inschrijving over indien uit rapportage van de advocaat en diens begeleider is gebleken dat aan de voorwaarden van lid 1 en de bij de voorwaardelijke inschrijving gestelde voorwaarden wordt voldaan.

Voor deelname aan het rooster op het AC dient de advocaat terzake:

De Raad kan nadere regels stellen met betrekking tot de frequentie van deelname, de flexibele inzet, de buitenressortelijke inzet en de beschikbaarheid voor een schaduwrooster.

Indien een advocaat vóór 1 november op enig moment in het kalenderjaar de grens bereikt van 200 eenheden wordt hij van het rooster op het AC verwijderd. Voor de definitie van het begrip eenheid wordt verwezen naar artikel 5.

De advocaat kan door de Raad bij wijze van maatregel van deelneming aan de spreekuurvoorziening op het AC uitgesloten worden. De deelname eindigt eveneens indien de advocaat niet langer aan de voorwaarden voor de verstrekking van toevoegingen op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht voldoet.

Om ingeschreven te blijven dient een (voorwaardelijk) ingeschreven advocaat in ieder jaar van inschrijving:

Indien niet aan deze voorwaarden voldaan is, zal de Raad de rechtsbijstandverlener als deskundige op het terrein uitschrijven. Uitsluiting dan wel uitschrijving geschiedt op basis van artikel 17 lid 2 van de Wet op de rechtsbijstand.

De Raad kan, na zonodig daartoe advies te hebben ingewonnen van de Landelijke Adviescommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring (LARAV), in uitzonderlijke gevallen afwijken van de hierboven onder 1, 2, 3 en 4 genoemde voorwaarden. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan afwijking van de ervaringseis. Een dergelijke afwijking kan geboden zijn bij een drastische afname van de vraag.

Indien tengevolge van wijziging of beëindiging van de praktijk overdracht van dossiers in asiel- en vluchtelingenzaken aan een andere rechtsbijstandverlener plaats moet vinden, legt de advocaat de wijze waarop deze overdracht is geregeld ter goedkeuring aan de Raad voor.

De Raad heeft op grond van artikel 8 van de Wet op de rechtsbijstand de Klachtencommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring ingesteld. Deze klachtencommissie adviseert, hetzij naar aanleiding van een klacht, hetzij op eigen initiatief, of op verzoek van de Raad, de Raad over maatregelen te nemen tegen advocaten die rechtsbijstand hebben geboden op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht en het vreemdelingenrecht, vreemdelingenpiket en vreemdelingenbewaring.

In een afzonderlijk reglement zijn de werkzaamheden van en de behandeling van klachten door de klachtencommissie geregeld. De ingeschreven advocaat is verplicht zich te onderwerpen aan het genoemde reglement.

De Raad kan – ambtshalve of naar aanleiding van een schriftelijke klacht – een toegelaten advocaat een waarschuwing geven of al dan niet tijdelijk van de verdere verlening van rechtsbijstand op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht uitsluiten dan wel andere maatregelen treffen, indien uit concrete feiten of omstandigheden is gebleken van enig handelen of nalaten in strijd met een zorgvuldige en doelmatige asiel- en vluchtelingenrechtbijstandsverlening. Deze maatregelen gaan gepaard met melding aan de Deken en andere betrokkenen. Het advies daartoe wordt aan de Raad uitgebracht door de Klachtencommissie Rechtsbijstand Asiel en Vreemdelingenbewaring.

Opgemelde voorwaarden zijn:

De advocaat kan door de Raad bij wijze van maatregel van deelname aan het rooster worden uitgesloten. De deelneming eindigt eveneens indien de advocaat niet langer aan de voorwaarden voor de verstrekking van toevoegingen op het terrein van het asiel- en vluchtelingenrecht voldoet.

De roosters voor de AC’s worden per half jaar gemaakt. Uitgangspunt is dat roosters 10 weken voor ingang verzonden worden. Tot de datum van het versturen van de inventarisatieformulieren kunnen nieuwe advocaten zich aanmelden. Hierna sluit de termijn en worden nieuwe aanmeldingen in het bestand voor het volgende half jaar gezet.

De Raad geeft in de begeleidende brief bij de inventarisatie van roosterwensen voor de komende periode altijd de verwachte productieprognose in de betreffende periode per AC aan.

a. Reist de advocaat met toestemming van de Raad voor Rechtsbijstand naar de vreemdeling, dan wordt een vergoeding verstrekt volgens art 24 Besluit vergoedingen rechtsbijstand. Reist de advocaat één maal voor meerdere zaken naar de A.A.-locatie (AC) dan zal slechts één maal een vergoeding volgens genoemd artikel 24 worden verstrekt. De administratie van de Raad in het AC houdt hier een registratie van bij.

(uitgezonderd de ondertoezichtstellingen, voornaamswijzigingen en onder curatele/bewindstellingen)

Onderstaande inschrijvingsvoorwaarden op het terrein van het Personen- en familierecht treden op 1 juli 2012 in werking.

De advocaat die voorwaardelijk ingeschreven wil worden op het terrein van het Personen- en familierecht dient te voldoen aan de algemene inschrijvingsvoorwaarden en bovendien aan de volgende specifieke vereisten:

Verder dient de advocaat:

Na voorwaardelijke inschrijving kan de advocaat onvoorwaardelijk worden ingeschreven als hij definitief aan de voorwaarden onder a. of. b. en c. en d. heeft voldaan.

Constateert de Raad al bij het eerste verzoek om inschrijving dat de advocaat aan de onder a. of b. en c. en d. genoemde vereisten heeft voldaan, dan wordt hij direct onvoorwaardelijk in geschreven.

De advocaat dient vanaf het moment van onvoorwaardelijke inschrijving:

Afbakening:

Als het vereiste aantal toevoegingen niet gehaald wordt, kunnen desgewenst in de telling ook zaken die louter betalend zijn gedaan worden betrokken.

Het bleek wenselijk om voor advocaten werkzaam in de personen- en familierechtspraktijk de al bestaande gedragsregels nader uit te werken, waarbij de effectuering hiervan gestimuleerd kan worden door de cliënt te melden dat deze regels gehanteerd worden door bij de opdrachtbevestiging hiervan een uitdraai te verstrekken. Dit laat overigens de gelding van de Gedragsregels 1992 en de Verordening op de vakbekwaamheid onverlet.

De Orde heeft, op grond van de te beschermen onafhankelijke positie van de advocaat, aangegeven voor te staan dat deze gedragscode niet het karakter van een verplichting in de vorm van een inschrijvingsvoorwaarde heeft. De Orde besluit in het kader van de herziening van de regelgeving, of en welke elementen uit de gedragscode voor personen- en familierecht gecombineerd kunnen worden met de gedragsregels van de Orde. De Raad zal daar dan rekening mee houden en de noodzaak van een eigen code heroverwegen.

De rechtspraak wil in het kader van effectieve(re) rechtspraak meer samenhang aanbrengen in de behandeling en afdoening van jeugdstrafzaken en civiele jeugdzaken. Daartoe worden onder meer binnen de rechtbanken jeugdteams geformeerd en vaker combi-zittingen georganiseerd. Het komt steeds vaker voor dat in het jeugdrecht straf- en civiele aspecten met elkaar samenhangen c.q. naast elkaar spelen.

De Raad voor Rechtsbijstand, de Orde en de rechtspraak achten het van groot belang dat de rechtsbijstand in zaken waarin minderjarigen zijn betrokken, wordt verleend door advocaten die voldoende kennis en ervaring in beide rechtsgebieden hebben. Het gaat hierbij specifiek om jeugdstrafzaken en machtigingen uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg.

Teneinde een minimum kwaliteitsniveau te waarborgen heeft de Raad voor Rechtsbijstand na overleg met de Orde en de rechtspraak na te noemen criteria vastgesteld, waaraan een advocaat dient te voldoen om door de rechtbank te kunnen worden toegevoegd in jeugdstrafzaken danwel uithuisplaatsingen in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg. De na te noemen criteria gelden tevens voor de toelating op een jeugdpiketrooster.

Een toe te laten advocaat moet minimaal drie jaar relevante beroepservaring hebben en de beroepsopleiding advocatuur oude stijl van de Orde of leerjaar 1 van de Beroepsopleiding Advocaten nieuwe stijl van de Orde, met minor of major strafrecht met goed gevolg afgerond hebben.

Deze ervaringseis wordt gesteld om ervoor te zorgen dat advocaten die jeugdigen bijstaan over ervaring beschikken.

Onder relevante beroepservaring wordt verstaan: drie jaar werkervaring als beëdigd advocaat. Een kortere werkervaring als advocaat volstaat, mits die gecombineerd wordt met relevante werkervaring elders. Bijvoorbeeld in een beroep bij het Openbaar Ministerie, de Rechterlijke Macht, de Politie of de Jeugdzorg.

Advocaten die voor het begin van hun advocatenstage elders in een relevante werkkring hebben gewerkt, kunnen dus na voltooiing van de beroepsopleiding Oude Stijl of leerjaar 1 van de beroepsopleiding Nieuwe Stijl instromen wanneer zij, gecombineerd met andere relevante werkervaring, aan de driejaars-eis hebben voldaan. Zij moeten uiteraard ook de overige voorwaarden (opleidingsvereisten, meelopen) hebben nageleefd.

Een eenmaal ingeschreven advocaat is overigens niet verplicht om ook aan het jeugdpiketrooster deel te gaan nemen.

De landelijke lijst met advocaten wordt beheerd door de Raad voor Rechtsbijstand; de Raad voor Rechtsbijstand zal de rechtbanken periodiek een actuele lijst doen toekomen.

De inschrijvingsvoorwaarden treden op 1 juli 2013 in werking. Advocaten hebben tot 1 juli 2013 de tijd om te voldoen aan de inschrijvingsvoorwaarden om opgenomen te worden op de lijst. De advocaat die per 1 juli 2013 toegelaten wil worden tot de lijst dient een schriftelijke aanvraag in bij de Raad voor Rechtsbijstand.

In de tweede helft van 2015 wordt door de Raad voor Rechtsbijstand getoetst of de advocaten die tot de lijst zijn toegelaten het aantal toevoegingszaken en het aantal opleidingspunten hebben behaald dat volgens de artikelen 7, 8 en 9 nodig is om op de lijst te kunnen blijven staan. Dan zal ook een evaluatie plaatsvinden van de gestelde vereisten door vertegenwoordigers van de Raad voor Rechtsbijstand, de Orde en de rechtspraak.

Om op de lijst te staan, dienen advocaten aan de volgende criteria te voldoen: