Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving van het Ministerie van Veiligheid en Justitie van 4 april 2013 nummer 361230, houdende verlening van ondermandaat en het doorgeven van volmacht en machtiging aan onder de directeur-generaal ressorterende ambtenaren (Mandaatregeling DGRR Ministerie van Veiligheid en Justitie 2013)Mandaatregeling DGRR Ministerie van Veiligheid en Justitie 2013De directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving van het Ministerie van Veiligheid en Justitie,

Gelet op artikel 3 van de Mandaatregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie 2011, artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement en artikel 22, vierde lid, van de Comptabiliteitswet 2001;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. Bijlage 1 en 2 bij dit besluit liggen bij het ministerie ter inzage.

’s-Gravenhage4 april 2013De directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving van het Ministerie van Veiligheid en Justitie,G.N.Roes.

Als hoofd van dienst in de zin van artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement ten aanzien van de onder hun dienstonderdeel ressorterende ambtenaren, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 1 bij deze regeling.

Als bevoegd om te beschikken over bedragen voor het aangaan van verplichtingen en voor het verrichten van uitgaven, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 2 bij deze regeling voor zover het betreft de bedragen, genoemd in kolom 2 van die bijlage.

Aan de directeur-generaal blijft voorbehouden:

De in artikel 1, eerste lid, onder f en g, genoemde ambtenaren kunnen geen ondermandaat verlenen van de in artikel 4 onder b, genoemde bevoegdheid.

De in artikel 1, eerste lid, onder f en g, genoemde ambtenaren worden aangewezen om de bevoegdheid tot het nemen van besluiten inzake financieel beheer en het nemen van rechtspositionele besluiten verder dan één hiërarchisch niveau door te geven.

De in artikel 1, eerste lid, onder a tot en met e genoemde functionarissen wordt toegestaan elkaar volledig te vervangen. Zij treden daarbij in elkaars, in artikel 1, eerste lid, genoemde bevoegdheden.

De Mandaatregeling DGRR Veiligheid en Justitie en de Ondermandaatregeling DGRR aan DWJZ worden ingetrokken.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt met uitzondering van artikel 1, tweede lid terug tot en met 1 juli 2011.

Deze regeling wordt aangehaald als: Mandaatregeling DGRR Ministerie van Veiligheid en Justitie 2013.

Ligt ter inzage bij het ministerie.

Ligt ter inzage bij het ministerie.