Wet · BWBR0034822
Wet aanpassing waterschapsverkiezingen
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is dat gecombineerde stembusverkiezingen worden gehouden voor provinciale staten en de categorie ingezetenen in het algemeen bestuur van het waterschap;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle Ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Wassenaar29 januari 2014Willem-AlexanderDe Minister van Infrastructuur en Milieu,M.H.Schultz van Haegen-Maas GeesteranusDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,R.H.A.Plasterkde veertiende februari 2014De Minister van Veiligheid en Justitie,I.W.OpsteltenWijzigt de Kieswet.
Wijzigt de Waterschapswet.
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
Wijzigt de Wet financiering politieke partijen.
Het register van aanduidingen van het stembureau, bedoeld in artikel 18 van de Waterschapswet, zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel B, van deze wet wordt binnen twee maanden na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel L, door de voorzitter van het stembureau overgedragen aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur van een waterschap, behorende bij de categorie, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel a, van de Waterschapswet.
De instelling van het stembureau, bedoeld in artikel 18 van de Waterschapswet, zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van deze wet, en de benoeming van de leden van dat stembureau worden gelijkgesteld aan de instelling van het stembureau en de benoeming van de leden van het hoofdstembureau, bedoeld in artikel E 6a van de Kieswet.
Bij de toepassing van de artikelen H 4, H 13a en I 14 van de Kieswet bij de verkiezing van de leden in het algemeen bestuur van het waterschap, behorende bij de categorie, bedoeld in het eerste lid, gehouden na de inwerkingtreding van dit lid, wordt in die artikelen onder «de laatstgehouden verkiezing» verstaan: de laatste verkiezing van de leden van de categorie ingezetenen in het algemeen bestuur van het waterschap die krachtens de Waterschapswet is gehouden.
Op de zittingsduur van een zittend algemeen bestuur van een waterschap dat is ingesteld in de periode tussen 1 januari 2013 en voor het tijdstip waarop artikel II, onderdeel G, in werking treedt, blijft artikel 29, derde en vierde lid, van de Waterschapswet van toepassing zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel G, van deze wet.
Wijzigt deze wet.
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Wijzigt de Waterschapswet.
Deze wet wordt aangehaald als: Wet aanpassing waterschapsverkiezingen.