U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-07-2014.

Ministeriële regeling · BWBR0035372

Regeling vervoer van justitiabelen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 15 juli 2014 houdende regels aangaande het vervoer van justitiabelen (Regeling vervoer van justitiabelen)Regeling vervoer van justitiabelenDe Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,

Gelet op de artikelen 15, zesde lid, en 26, zesde lid, van de Penitentiaire beginselenwet, de artikelen 11 en 28, derde lid, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen en de artikelen 11, vijfde lid, en 50, zesde lid, van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,F.Teeven

In deze regeling wordt verstaan onder:

Onze Minister kan in de gevallen waarin deze regeling niet voorziet, bijzondere aanwijzingen geven.

Bij aankomst in een inrichting of een andere locatie wordt gehandeld overeenkomstig de binnen die inrichting of op die locatie gestelde regels en aanwijzingen.

De transportgeleiders houden tijdens het transport zoveel mogelijk toezicht op de justitiabelen, waarbij zij gebruik maken van de in het voertuig aanwezig zijnde toezichtsmiddelen.

De bagage van justitiabelen die verblijven op een politiebureau hoeft niet te zijn verpakt in een bagagedoos of preciosazak.

Het is de justitiabele tijdens een transport slechts toegestaan gebruik te maken van een toilet in een inrichting of een andere beveiligde locatie.

Indien het op medische gronden noodzakelijk is en de transportaanvrager daartoe een verzoek indient, kan de transportuitvoerder toestemming geven voor het vervoeren van de justitiabele tijdens het transport onder begeleiding van een verpleegkundige of andere ambtenaar of medewerker.

Indien door de fysieke of psychische toestand van de justitiabele bijzondere maatregelen zijn vereist, treft de transportuitvoerder de nodige voorzieningen.

Wanneer zich tijdens het transport bijzonderheden, aangaande de justitiabele, hebben voorgedaan, dan meldt de transportuitvoerder dit aan de inrichting.