ZBO-regeling · BWBR0036189
Regeling verslagstaten pensioenfondsen 2015
Na overleg met de representatieve organisaties;
Gelet op artikel 147 van de Pensioenwet en artikel 142 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling;
Gelet op artikel 32 en artikel 33, derde lid, van het Besluit financieel toetsingskader pensioenfondsen;
Gelet op artikel 30a, vierde lid, van de Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 december 2014, tot wijziging van de Regeling Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling in verband met de Wet aanpassing financieel toetsingskader (Stcrt. 2014, 36799);
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen 1 en 2, die worden gepubliceerd op de website https://www.dnb.nl/login/dienst-rapportages/toezichtrapportages/pensioenfondsen.
Amsterdam20 januari 2015De Nederlandsche Bank N.V.F.Elderson,directeurIn deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
- b.
DNB: De Nederlandsche Bank N.V.;
- c.
fonds: pensioenfonds, als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet, of beroepspensioenfonds, als bedoeld in artikel 1 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling;
- d.
algemeen pensioenfonds: algemeen pensioenfonds, als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet;
- e.
collectiviteitkring: collectiviteitkring als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; en
- f.
gescheiden vermogen: een te onderscheiden financieel geheel, zijnde het deel van het vermogen dat niet door collectieve waardeoverdracht is overgegaan naar de nieuwe pensioenregeling, als bedoeld in artikel 150l, zevende lid, van de Pensioenwet respectievelijk artikel 145k, zevende lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.
Deze regeling is van toepassing op fondsen.
Voor een fonds, niet zijnde een algemeen pensioenfonds, worden de gegevens, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a, onder 1 t/m 5 en onder 7 t/m 10, onderdelen b tot en met i, k tot en met m, en p tot en met s, van het Besluit, aan DNB verstrekt door middel van de volgende modellen, zoals opgenomen in bijlage 1:
- a.
in het model van staten J101-1 tot en met J102-3: het fonds en zijn organisatie, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a, respectievelijk artikel 33, tweede lid, van het Besluit;
- b.
als bijlage bij model J101-1 tot en met J102-3 een bestuursverslag als bedoeld in artikel 30, eerste lid onderdeel b van het Besluit;
- c.
in het model van staten J301-1 tot en met J302-12: de enkelvoudige balans en, indien van toepassing, de geconsolideerde balans alsmede een toelichting daarop als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, aanhef, van het Besluit, een specificatie van de activa, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, onder 1°., van het Besluit, en een specificatie van de passiva, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, onder 2°., van het Besluit;
- d.
in het model van staat J307: informatie over ontvangen en gestelde zekerheden en garanties, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, onder 3°., van het Besluit;
- e.
in het model van staat J309-1 tot en met J309-2: de financiële relaties en transacties van het fonds, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit;
- f.
in het model van staten J311 en J312-1 en J312-2: informatie over grote posten binnen de beleggingen, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, onder 4°., van het Besluit;
- g.
in het model van staten J401 en J402-1 t/m J402-5: een rekening van baten en lasten met specificatie van de posten, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit;
- h.
in het model van staat J403-1 tot en met J403-6: specificatie van premiegegevens over het verslagjaar, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel k, van het Besluit;
- i.
in het model van staten J501 tot en met J503: de dekkingsgraad, beleidsdekkingsgraad en de reële dekkingsgraad en de toetsing van het eigen vermogen als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen f en g, van het Besluit;
- j.
in het model van staten J601-1 tot en met J603 en staten J605-1 en J605-2: actuariële staten, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel h, van het Besluit;
- k.
in het model van staat J604A en J604B: informatie over toeslagverlening en informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel p en q, van het Besluit;
- l.
in het model van staat J701-1 tot en met J701-3: het deelnemersbestand, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel i, van het Besluit;
- m.
in het model van staten J801 en J802: verzekering, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel l, van het Besluit;
- n.
in het model van staat J901-1 en J901-2: verplichtingen van het fonds voor risico van de deelnemers, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel m, van het Besluit;
- o.
in het model van staat J902: uitvoering van een VUT-regeling, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel r, van het Besluit;
- p.
in het model van staat J903: uitvoering van een inkoopregeling, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel s, van het Besluit;
- q.
in het model van staat J904: de z-score indien sprake is van een verplicht gesteld bedrijfstakpensioenfonds, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, onder 5°., van het Besluit.
Behoudens onderdeel b is het eerste lid van overeenkomstige toepassing op een collectiviteitkring.
De gegevens voor een algemeen pensioenfonds, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a, onder 1 t/m 5 en onder 7 t/m 10, onderdelen b, c, e en g van het Besluit worden aan DNB verstrekt door middel van de volgende modellen, zoals opgenomen in bijlage 1:
- a.
in het model van staat APF001-1, APF001-2 en APF006-1 tot en met APF006-7: het algemeen pensioenfonds en zijn organisaties, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a;
- b.
in het model van staat APF002: de enkelvoudige balans en, indien van toepassing, de geconsolideerde balans, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c;
- c.
in het model van staat APF003: een rekening van baten en lasten met specificatie van de posten, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit;
- d.
in het model van staat APF004: informatie inzake het vereist eigen vermogen als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen g, van het Besluit;
- e.
in het model van staat APF005: toelichtingen inzake de balans, de rekening van baten en lasten en de organisatie;
- f.
als bijlage bij model APF005 een bestuursverslag, als bedoeld in artikel 30, eerste lid onderdeel b, van het Besluit.
De modellen van de verslagstaten, bedoeld in artikel 32, aanhef en onderdeel a, van het Besluit, zijn voor wat betreft de jaarstaten opgenomen in bijlage 1 en de daarbij behorende toelichting. De regels met betrekking tot de staten, bedoeld in artikel 32, aanhef en onderdelen b tot en met e, van het Besluit, zijn opgenomen in de modellen van de jaarstaten, bedoeld in artikel 2.1, en in de Aanwijzingen verslagstaten pensioenfondsen, zoals opgenomen in bijlage 2.
Het fonds stuurt de controleverklaringen, bedoeld in artikel 33, tweede lid, van het Besluit, voorzien van de daarbij behorende handtekening van onderscheidenlijk de actuaris en de accountant, aan DNB middels het daartoe door DNB aangewezen elektronische rapportagesysteem.
De in artikelen 2.1 en 2.2 bedoelde gegevens worden eenmaal per kalenderjaar aan DNB verstrekt.
Het fonds waarborgt dat de in artikelen 2.1 en 2.2 bedoelde gegevens uiterlijk 30 juni, na afloop van het kalenderjaar waarop de rapportage betrekking heeft, in het bezit van DNB zijn.
Voor het deel van de pensioenaanspraken en pensioenrechten ten aanzien waarvan een solidaire premieregeling of een flexibele premieregeling wordt uitgevoerd geldt voor het fonds de rapportageverplichting WTP-BEL en WTP-BEL-Q4 als bedoeld in bijlage 1.
Voor het gescheiden vermogen geldt voor het fonds de rapportageverplichting FTK-BEL, FTK-BEL-Q4, FTK-PR, FTK-RG, FTK-HBT en FTK-HP als bedoeld in bijlage 1.
De gegevens, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen c, aanhef en onder 5°., f, g, j, onder 1°., k, n tot en met q, en s tot en met x en tweede lid, onderdelen a en c, van het Besluit, verstrekt het fonds aan DNB door middel van de modellen, zoals opgenomen in bijlage 1, beginnend met de letter ‘K’ en met de letters ‘HBT’.
In aanvulling op het derde lid geldt dat een algemeen pensioenfonds de gegevens, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen c, e en g van het Besluit, aan DNB verstrekt door middel van de modellen, zoals opgenomen in bijlage 1, beginnend met de letters ‘APF’.
De modellen als bedoeld in artikel 3.1 worden ingevuld op de wijze zoals voorgeschreven in bijlage 2.
In bijlage 2 wordt voorgeschreven met welke frequentie het fonds de in artikel 3.1 bedoelde gegevens aan DNB verstrekt.
Voor fondsen, niet zijnde algemeen pensioenfondsen, en voor collectiviteitkringen, worden de gegevens, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen f, g, en h, van het Besluit aan DNB verstrekt door middel van de volgende modellen, zoals opgenomen in bijlage 1:
- a.
in het model van staat M101: de dekkingsgraad, de beleidsdekkingsgraad, de technische voorzieningen en het aanwezig eigen vermogen, als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen f, g, onder 1°, en h, onder 1°, van het Besluit.
De modellen van de verslagstaten, bedoeld in artikel 32, aanhef en onderdeel a, van het Besluit, zijn voor wat betreft de maandstaten opgenomen in bijlage 1 en de daarbij behorende toelichting. De regels met betrekking tot de staten, bedoeld in artikel 32, aanhef en onderdelen b tot en met e, van het Besluit, zijn opgenomen in de modellen van de maandstaten, bedoeld in artikel 4.1, en in de Aanwijzingen verslagstaten pensioenfondsen, zoals opgenomen in bijlage 2.
De in artikel 4.1. bedoelde gegevens worden elke kalendermaand aan DNB verstrekt.
Het fonds waarborgt dat de in artikel 4.1. bedoelde gegevens uiterlijk tien werkdagen na afloop van de toepasselijke kalendermaand in het bezit van DNB zijn.
Het fonds legt per categorie van activa en verplichtingen vast op welke wijze de waarde wordt vastgesteld.
Het fonds legt vast op welke wijze het vereist eigen vermogen wordt vastgesteld.
De op grond van deze regeling te verstrekken gegevens worden voor de eerste maal verstrekt over het boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 2015.
In afwijking van het eerste lid wordt de beleidsdekkingsgraad per einde van het boekjaar 2014 verstrekt met inachtneming van het bepaalde in artikel 35, eerste lid, van het Besluit (Overgangsrecht beleidsdekkingsgraad).
De Regeling informatieverstrekking pensioenfondsen (Stcrt. 2007, 69; zoals nadien gewijzigd) wordt ingetrokken. Deze regeling blijft van toepassing op de verstrekking van gegevens over het boekjaar 2014 of over eerdere boekjaren, voor zover in de onderhavige regeling niet anders is bepaald.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2015.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verslagstaten pensioenfondsen 2015.
Gepubliceerd op https://www.dnb.nl/login/dienst-rapportages/toezichtrapportages/pensioenfondsen/
Gepubliceerd op https://www.dnb.nl/login/dienst-rapportages/toezichtrapportages/pensioenfondsen/
Vervallen
Vervallen