U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 17-09-2024.
Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 5 januari 2016, nr. WJZ/717829 (10547), houdende regels over het beheer van de rijkscollectie, de subsidiëring van instellingen met een wettelijke taak tot beheer van collecties en enkele technische aanpassingen (Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen)Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingenDe Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 2.7, 2.10, tweede lid, en 7.7 van de Erfgoedwet;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,M.Bussemaker

In deze regeling wordt verstaan onder:

Een beheerder zorgt dat museale cultuurgoederen van de Staat zich bevinden in voor de desbetreffende cultuurgoederen passende bewaaromstandigheden.

Een instelling met een wettelijke taak baseert het planmatig beleid voor het beheer van de cultuurgoederen of verzamelingen op een actuele analyse van de stand van het beheer en beschrijft in het beleid ten minste:

Deze paragraaf is uitsluitend van toepassing op subsidies die de minister verstrekt op grond van artikel 7.2 van de Erfgoedwet.

1 In 2018 heeft een kasschuif naar voren plaats gevonden. In verband daarmee wordt voor 2024 nog één jaar incidenteel € 1.000.000 minder verstrekt dan het subsidieplafond.

2 In verband met een herverdeling van € 12.000.000 in 2021 wordt vanaf 2022 tot en met 2026 een bedrag van € 2.400.000 in mindering gebracht. Vanaf 2027 wordt deze incidentele vermindering niet meer toegepast.

De indiening van de documenten, bedoeld in artikel 3.5, eerste lid, geschiedt op een door de minister te bepalen elektronische wijze.

De aanvraag tot vaststelling van de subsidie geschiedt in de verantwoording van de subsidie die de instelling met een wettelijke taak voor het betreffende jaar ontvangt op grond van artikel 4a van de Wet op het specifiek cultuurbeleid, met overeenkomstige toepassing van:

Artikel 2.29, eerste lid, van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid is van overeenkomstige toepassing op de vaststelling van de subsidie.

Indien na uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 2.8 van de Erfgoedwet, de subsidie niet volledig is aangewend en langetermijninvesteringsreserves zijn aangehouden voor het beheer van de cultuurgoederen of de instandhouding van gebouwen, zoals opgenomen in de begroting voor het desbetreffende jaar, dan kan de instelling de resterende middelen besteden aan publieksactiviteiten of andere activiteiten in het kader van de cultuurgoederen.

De indiening van de documenten, bedoeld in artikel 3.15, eerste lid, geschiedt op een door de minister te bepalen elektronische wijze.

Indien de subsidie na uitvoering van de activiteiten zoals opgenomen in de begroting voor het desbetreffende jaar niet volledig is aangewend, dan kan de instelling de resterende middelen besteden ten behoeve van de taak waarmee zij op grond van artikel 2.8 van de Erfgoedwet is belast.

Wijzigt de Subsidieregeling instandhouding monumenten.

Wijzigt de Subsidieregeling stimulering herbestemming monumenten.

Wijzigt het Organisatie- en mandaatbesluit OCW 2008.

Wijzigt de Beleidsregel erkenning tot het Nederlands cultureel erfgoed behorende monumenten gelegen buiten Nederland.

Wijzigt de Regeling omgevingsrecht.

Wijzigt de Subsidieregeling culturele basisinfrastructuur 2017-2020.

Wijzigt de Regeling op het specifiek cultuurbeleid.

Vervallen

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beheer rijkscollectie en subsidiëring museale instellingen.