Regeling · BWBR0037548
Besluit tenuitvoerlegging tuchtrechtspraak advocatuur
Op de voordracht van de Minister van Veiligheid en Justitie van 11 december 2015, nr. 714516;
Gelet op de artikelen 48, zesde lid, en 48ab, tweede lid, van de Advocatenwet;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 23 december 2015, nr. W03.15.0437/II);
Gezien het nader rapport van de Minister van Veiligheid en Justitie van 6 januari 2016, nr. 720109;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Wassenaar12 januari 2016Willem-AlexanderDe Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van derSteurde eenentwintigste januari 2016De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van derSteurIn dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- –
hof van discipline: hof van discipline, bedoeld in artikel 51, eerste lid, van de wet;
- –
raad van discipline: raad van discipline, bedoeld in artikel 46aa, eerste lid, van de wet;
- –
wet:Advocatenwet.
De tenuitvoerlegging van een beslissing als bedoeld in artikel 48ab, eerste lid, of 48ac, eerste lid, onderdeel c, van de wet geschiedt door Onze Minister voor Rechtsbescherming.
Dit besluit berust mede op artikel 48ac, vierde lid, van de wet.
Dit besluit treedt in werking op 1 februari 2016.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tenuitvoerlegging tuchtrechtspraak advocatuur.