Ministeriële regeling · BWBR0037688
Regeling tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15
Gelet op Richtlijn 1999/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 1999 betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuurvoorzieningen aan zware vrachtvoertuigen (PbEG 1999, L 187), zoals deze laatstelijk is gewijzigd bij Richtlijn 2013/22/EU van de Raad van 13 mei 2013 (PbEU 2013, L 158), en artikel 5, eerste en vijfde lid, van de Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Infrastructuur en Milieu,M.H.Schultz van Haegen-Maas GeesteranusVoor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
hoofdweg: auto- of autosnelweg in beheer bij het Rijk;
Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
wegvak waar tol wordt geheven: een wegvak als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, van de wet;
wet:Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15.
Het toltarief voor de Blankenburgverbinding bedraagt:
- a.
voor voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van 3.500 kg of voor emissievrije voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van 4.250 kg: € 1,51;
- b.
voor voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van meer dan 3.500 kg, uitgezonderd emissievrije voertuigen als bedoeld onder a: € 9,13.
Het toltarief voor de ViA15 bedraagt:
- a.
voor voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van 3.500 kg of voor emissievrije voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van 4.250 kg: € 1,51;
- b.
voor voertuigen met een maximaal toegestaan gewicht van meer dan 3.500 kg, uitgezonderd emissievrije voertuigen als bedoeld onder a: € 9,13.
Het toltarief wordt jaarlijks geïndexeerd met de door het Centraal Planbureau geraamde Index Bruto Overheidsinvesteringen.
De Minister maakt voorafgaand aan de openstelling van de Blankenburgverbinding respectievelijk de ViA15 en vervolgens jaarlijks het geïndexeerde toltarief, bedoeld in het derde lid, bekend in de Staatscourant.
Het toltarief wordt geheven met ingang van de dag van openstelling van de Blankenburgverbinding respectievelijk de ViA15.
Een vrijstelling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, geldt voor alle motorrijtuigen die zich bevinden in een rijrichting van een wegvak waar tol wordt geheven waarop een calamiteit heeft plaatsgevonden op het moment dat alle rijstroken in een rijrichting van het betreffende wegvak als gevolg van die calamiteit zijn afgesloten.
Een vrijstelling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de wet, geldt voor alle motorrijtuigen die zich bevinden in een rijrichting van een wegvak waar tol wordt geheven op het moment dat alle rijstroken in een rijrichting van een hoofdweg, niet zijnde een wegvak waar tol wordt geheven, zijn afgesloten als gevolg van een calamiteit en het verkeer wordt omgeleid over een wegvak waar tol wordt geheven.
De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, geldt alleen voor motorrijtuigen die de calamiteit nog niet waren gepasseerd voordat de betreffende rijstroken werden afgesloten.
Met informatieborden worden bestuurders van motorrijtuigen geïnformeerd over:
- a.
de wegvakken waarop de verplichting tot het betalen van tol geldt;
- b.
de wijze waarop de betaling van tol kan plaatsvinden.
Het informatiebord, bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt in ieder geval geplaatst op voldoende afstand van de laatste afslag voorafgaand aan een wegvak waarop de verplichting tot het betalen van tol geldt.
Het verschuldigde toltarief, bedoeld in artikel 7b, eerste lid van de wet, wordt binnen 72 uur betaald.
Het verschuldigde toltarief, bedoeld in artikel 8e, derde lid van de wet, wordt binnen vier weken betaald.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15.