Ministeriële regeling · BWBR0038995
Regeling aanvullende bekostiging eerste opvang nieuwkomers vo
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Economische Zaken,
Gelet op de artikelen 85a, eerste lid, en 89 van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 2.2.3, eerste, tweede en derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs,
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,S.DekkerIn deze regeling wordt verstaan onder:
bevoegd gezag: bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs of artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
BRON: Basisregister onderwijs;
BRP: Basis Registratie Personen;
DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs;
eerste opvang: het verzorgen van voortgezet onderwijs voor en het bieden van onderwijsvoorzieningen aan nieuwkomers;
minister: Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media;
nieuwkomer: nieuwkomer als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bekostiging WVO 2021, met dien verstande dat daarbij onder teldatum een van de peildata, genoemd in artikel 4, vierde lid, wordt verstaan;
nieuwkomer eerste categorie: nieuwkomer die op 1 oktober 2019 nog niet in Nederland was;
nieuwkomer tweede categorie: nieuwkomer die op 1 oktober 2019 in Nederland was en op de betreffende peildatum korter dan twee jaar in Nederland is;
school: school voor voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, waaronder begrepen het voorbereidend beroepsonderwijs in een agrarisch opleidingscentrum, bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
schoolplan: schoolplan, bedoeld in artikel 24 van de Wet op het voortgezet onderwijs.
De artikelen 3.1 tot en met 3.5 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS zijn niet van toepassing.
De minister verstrekt ambtshalve aanvullende bekostiging voor de kosten van de eerste opvang.
De minister kan het bevoegd gezag eenmalig op aanvraag aanvullende bekostiging verstrekken voor de kosten van de voorbereidende en coördinerende werkzaamheden die samenhangen met de opstart van de eerste opvang, indien deze eerste opvang betrekking heeft op ten minste 10 nieuwkomers op de peildatum.
De aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt per school berekend op basis van het aantal nieuwkomers dat op de betreffende peildatum, bedoeld in het vierde lid, op de school staat ingeschreven.
De aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt:
- a.
€ 3.003,17 per kwartaal per nieuwkomer eerste categorie;
- b.
€ 1.085,89 per kwartaal per nieuwkomer tweede categorie.
De aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 3, tweede lid, bedraagt € 16.950,48 per school.
De peildata zijn 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober van het kalenderjaar 2021.
De minister stelt de verblijfstermijn in Nederland voor iedere peildatum vast op basis van:
- a.
de eerste datum verblijfstitel, zoals blijkt uit de BRP;
Indien er in de BRP geen datum verblijfstitel aanwezig is hanteert de minister:
- b.
de datum in Nederland, zoals blijkt uit de BRP; of
- c.
indien het bevoegd gezag van mening is dat de werkelijke datum binnenkomst in Nederland afwijkt van de hiervoor onder a en b genoemde gegevens kan het bevoegd gezag in BRON de datum binnenkomst in Nederland volgens het bevoegd gezag registreren. De minister hanteert dan deze datum, met dien verstande dat het bevoegd gezag hiervan aan de accountant een bewijsstuk of bewijsstukken overlegt.
Vervallen
DUO hanteert voor de voorlopige telling en de daarop gebaseerde bekostiging, bedoeld in artikel 3, eerste lid, de registratie in BRON op respectievelijk 16 januari, 16 april, 16 juli en 16 oktober 2021 van het aantal nieuwkomers dat op respectievelijk de peildata 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober 2021 als schoolgaand stond ingeschreven.
Om in aanmerking te komen voor de aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 3, tweede lid, mag het bevoegd gezag voor een school niet eerder aanvullende bekostiging hebben ontvangen voor de organisatie van eerste opvang. De school dient te beschikken over een verklaring van de gemeente, waaruit blijkt dat de school nog niet eerder aanvullende bekostiging heeft ontvangen van de gemeente voor de organisatie van eerste opvang. De school bewaart deze verklaring in haar administratie.
Voor het indienen van een aanvraag als bedoeld in artikel 3, tweede lid, wordt gebruikgemaakt van het daarvoor beschikbaar gestelde formulier op www.duo.nl. Aanvragen die op de peildata 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober 2021 niet uiterlijk op respectievelijk 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober 2021 door DUO zijn ontvangen, worden afgewezen.
De aanvullende bekostiging wordt direct vastgesteld in de maand, volgend op de betreffende peildatum.
De aanvullende bekostiging wordt verstrekt als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan het in de regeling omschreven doel en kan ook worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
De minister betaalt ineens.
De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.
Het bevoegd gezag geeft in het schoolplan aan hoe het de aanvullende bekostiging inzet voor het onderwijskundig beleid en de bewaking en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs aan nieuwkomers.
Het bevoegd gezag informeert de partijen in de omgeving van de school, die herkenbaar betrokken zijn bij de inzet van de aanvullende bekostiging, over zijn beleid ter zake en betrekt opmerkingen van die partijen op een herkenbare manier bij het bepalen van het onderwijskundig beleid.
Deze regeling berust op artikel 82 van de Wet op het voortgezet onderwijs.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2017.
Deze regeling vervalt per 1 januari 2023.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende bekostiging eerste opvang nieuwkomers vo.