U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 02-06-2018.
Wijzigingen Officiële bron
Beleidsregels van de Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland van 19 februari 2018, referentie 2017055452, ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2018 voor Wlz-uitvoerdersBeleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz-uitvoerders Wlz 2018De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland,

Gelet op artikel 91, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, artikel 4.4, derde lid, en artikel 4.5, eerste lid, van het Besluit Wfsv;

Besluit:

Deze beleidsregels zullen met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Voorzitter Raad van BestuurA.Moerkamp

Deze beleidsregels verstaan onder:

Het Zorginstituut keert het voor iedere Wlz-uitvoerder voorlopig vastgestelde, het nader vastgestelde en het definitief vastgestelde beheerskostenbudget voor het jaar 2018 uit met inachtneming van de Regeling voorschotverlening op uitkeringen en vergoedingen Wlz 2015.

Het Zorginstituut stelt in februari 2018 voor iedere Wlz-uitvoerder een voorlopig beheerskostenbudget vast.

Het Zorginstituut verdeelt het bedrag dat in artikel 2 van de Aanwijzing beschikbaar is gesteld voor de overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv als volgt over de Wlz-uitvoerders:

Ter voorlopige vaststelling van het beheerskostenbudget per Wlz-uitvoerder sommeert het Zorginstituut per Wlz-uitvoerder de conform artikel 4 berekende bedragen. Het Zorginstituut rondt het voorlopige beheerskostenbudget af op hele euro’s, waarbij het Zorginstituut bedragen van een halve euro en hoger naar boven afrondt en overige bedragen naar beneden.

Voor de bepaling van het aantal verzekerden, bedoeld in artikel 4, onderdeel a en b, gebruikt het Zorginstituut de opgaven van de verzekerdenaantallen per 1 juli 2017 van de Wlz-uitvoerder. Deze opgave maakt onderdeel uit van de tweede kwartaalstaat Wlz voor de Wlz-uitvoerder 2017. Deze opgave dient te zijn voorzien van een bestuursverklaring.

Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,6243610 als vergoeding in de beheerskosten.

Voor een nieuwe Wlz-uitvoerder, die geen rechtsopvolger is van een of meer bestaande Wlz-uitvoerders, kan het Zorginstituut uitgaan van andere dan in dit besluit genoemde verzekerdenaantallen.

Uiterlijk op de eerste werkdag van mei 2019 stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget voor het jaar 2018 nader vast. Het Zorginstituut verdeelt daarbij het bedrag dat in de Aanwijzing beschikbaar is gesteld voor de overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv als volgt over de Wlz-uitvoerders:

Voor de bepaling van het aantal verzekerden, bedoeld in artikel 9, onderdeel a en b, gebruikt het Zorginstituut de opgaven van de verzekerdenaantallen per 1 juli 2018 van de Wlz-uitvoerder. Deze opgave maakt onderdeel uit van de tweede kwartaalstaat Wlz voor de Wlz-uitvoerder 2018. Deze opgave dient te zijn voorzien van een bestuursverklaring.

Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,6243610 als vergoeding in de beheerskosten.

Uiterlijk in 2021 stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget voor het jaar 2018 definitief vast. Het Zorginstituut verdeelt daarbij het bedrag dat in de Aanwijzing beschikbaar is gesteld voor de overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv als volgt over de Wlz-uitvoerders:

Voor de bepaling van het aantal verzekerden, bedoeld in artikel 3, onderdeel a en b, gebruikt het Zorginstituut de opgaven van de verzekerdenaantallen per 1 juli 2018 van de Wlz-uitvoerder. Deze opgave maakt onderdeel uit van de tweede kwartaalstaat Wlz voor de Wlz-uitvoerder 2018. Deze opgave dient te zijn voorzien van een bestuursverklaring.

Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,6243610 als vergoeding in de beheerskosten.

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst, en werken terug tot en met 1 januari 2018.

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz-uitvoerders Wlz 2018.