Beleidsregel · BWBR0042464
Belastingen, internationale administratieve samenwerking; aanwijzing bevoegde autoriteiten
De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.
Dit besluit bevat de aanwijzing van de Directeur-generaal Belastingdienst tot bevoegde autoriteit voor de uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen, de EU-verordeningen (EU) nr. 904/2010 (administratieve samenwerking BTW) en (EU) nr. 389/2012 (administratieve samenwerking accijnzen), alsmede de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012, alsmede voor de uitvoering van overige internationale bijstandsverplichtingen.
Dit besluit wordt in de Staatscourant gepubliceerd.
Den Haag12 juli 2019De Staatssecretaris van Financiën,M.SnelDe Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen.
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen.
De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij handhaving van de nationale wetten bij onderzoek naar of vervolging van strafrechtelijke belasting- en douaneaangelegenheden.
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij handhaving van de nationale wetten bij onderzoek naar of vervolging van strafrechtelijke belasting- en douaneaangelegenheden.
De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 904/2010 van de Raad van 7 oktober 2010, betreffende de administratieve samenwerking en de bestrijding van fraude op het gebied van de belasting over de toegevoegde waarde (hierna: Verordening (EU) nr. 904/2010).
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 904/2010.
De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 389/2012 van de Raad van 2 mei 2012, betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de accijnzen (hierna: Verordening (EU) nr. 389/2012).
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 389/2012.
De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012.
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012.
De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van overige internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij de invordering van belastingschulden en overige schuldvorderingen.
De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om besluiten te nemen namens ‘Onze Minister’ en te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van overige internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij de invordering van belastingschulden en overige schuldvorderingen.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
Het besluit van 16 december 2014, nr. DGBel/2014/6876 M, is met ingang van de inwerkingtreding van dit besluit ingetrokken.