Wijzigingen Officiële bron
Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 7 februari 2020, 2020-0000005710, tot vaststelling van beleidsregels toepassing Wet algemene ouderdomsverzekering BES en Wet algemene weduwen- en wezenverzekering BESBeleidsregel RCN-unit SZW toepassing AOV en AWW BESDe Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op de artikelen 7a, zevende lid, 8, eerste en tweede lid, en 11, tweede lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES, de en 15 van de Wet algemene weduwen- wezenverzekering BES en artikelen 11, derde lidartikel 1a van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen BES;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag7 februari 2020De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,namens dezeC.A.HerstelDe directeur-generaal Sociale Zekerheid en Integratie

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

Vervallen

Indien de belanghebbende een herzieningsverzoek indient, behandelt de RCN-unit SZW dit op basis van redelijkheid. De RCN-unit SZW acht het evident onredelijk om zonder terugwerkende kracht terug te komen van een rechtens onaantastbaar besluit als de RCN-unit SZW uit hetgeen belanghebbende in zijn herzieningsverzoek aanvoert, concludeert dat het genomen besluit evident onjuist is. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen de volgende situaties:

[Artikel 12, eerste en tweede lid Wet algemene ouderdomsverzekering BES]

Voor de toepassing van artikel 11, derde lid, van de AWW wordt een kind in beginsel verondersteld ten laste van de belanghebbende weduwe of weduwnaar te komen. Slechts indien uit bij de RCN-unit SZW bekende informatie blijkt dat dit niet het geval is, kan de RCN-unit SZW anders concluderen. Dit is in elk geval aan de orde indien is gebleken dat het kind ten minste 70% van het leeftijdsgerelateerde wettelijk minimumloon, vastgesteld op grond van artikel 8, tweede lid, van de Wet minimumlonen BES verdient. Eventueel recht op studiefinanciering wordt buiten beschouwing gelaten. Vertrekpunt is dat een bijdrage van derden niet zondermeer een ontzegging van de aanspraak op het hogere uitkeringsbedrag tot gevolg zal hebben.

[Artikel 11, derde lid, Wet algemene weduwen- wezenverzekering BES]

Vervallen

De persoon die tussen 1 juli 2015 en 1 juli 2022 uitsluitend om studieredenen in het Europees deel van Nederland heeft gewoond en direct daaraan voorafgaand in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba woonde, wordt over die periode als verzekerde voor de AOV aangemerkt, behoudens tijdvakken waarin die persoon vanwege het verrichten van werk verzekerd is voor de Algemene Ouderdomswet (AOW).

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2020.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel RCN-unit SZW toepassing AOV en AWW BES.