Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 15 januari 2020, nr. WJZ / 19315464;
Gelet op artikel 34, derde lid, van de Wet op de Kamer van Koophandel;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 29 januari 2020, nr. W18.20.0006/IV);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 19 februari 2020, nr. WJZ / 20030781;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage21 februari 2020Willem-AlexanderDe Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,M.C.G.Keijzerde elfde maart 2020De Minister van Justitie en Veiligheid,F.B.J.GrapperhausDe betalingstermijn, bedoeld in artikel 34, derde lid, van de Wet op de Kamer van Koophandel, wordt vastgesteld op vier weken.
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.