U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 05-06-2025.

Ministeriële regeling · BWBR0043307

Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 17 maart 2020, nr. 2020-0000011303, houdende regels met betrekking tot de stimulering van aardgasvrije huurwoningen (Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen)Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningenDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op de artikelen 3, eerste en tweede lid, en 4, eerste en tweede lid, van de Kaderwet overige BZK-subsidies en de artikelen 6, vijfde lid, onderdeel b, en zevende lid, en 8, eerste en tweede lid, van het Kaderbesluit BZK-subsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,R.W.Knops

In deze regeling wordt verstaan onder:

Deze regeling heeft tot doel het stimuleren van het aardgasvrij maken van huurwoningen en huur- en koopwoningen die onderdeel uitmaken van een gebouw of gebouwen waarvoor een vereniging van eigenaars is opgericht waarvan een of meer leden verhuurder zijn van een woning in dat gebouw of die gebouwen door middel van opschaling en versnelling van:

In afwijking van artikel 3 van het Kaderbesluit kan op grond van deze regeling subsidie worden verstrekt aan een gemeente.

Indien de subsidie mede of uitsluitend betrekking heeft op de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder e, en uitsluitend door die kosten hoger uitkomt dan € 25.000, is op die subsidie hoofdstuk 3 van toepassing.

De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor zover:

De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor zover:

Op een aanvraag die wordt ingediend door een vereniging van eigenaars waarvan aan het lid dat verhuurder is of de leden die verhuurder zijn van één of meerdere woningen in het gebouw of de gebouwen waarvoor de vereniging van eigenaars is opgericht op grond van deze regeling voor 1 oktober 2021 een subsidie is verleend zijn de artikelen 3, tweede lid, 6, tweede lid, onder a en c, en 14, tweede lid, onder c, niet van toepassing.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 mei 2020, en vervalt met ingang van 1 januari 2026, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn verstrekt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen.