Wijzigingen Officiële bron
Mandaatregeling onroerende zaken Ministerie van Buitenlandse Zaken buiten NederlandMandaatregeling onroerende zaken Ministerie van Buitenlandse Zaken buiten NederlandDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

handelende in overeenstemming met de Minister van Buitenlandse Zaken,

gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;

gelet op de artikelen 3.4, 4.6 en 4.20, vijfde lid, van de Comptabiliteitwet 2016;

gelet op artikel 10, tweede lid, onderdelen a tot en met d, van het Organisatiebesluit BZK 2018;

gelet op artikel 4, eerste lid, onderdeel g en artikel 6, van het Besluit taak Rijksvastgoedbedrijf 2017;

gelet op artikel 6, zevende lid, van de Regeling beheer onroerende zaken Rijk 2017;

BESLUIT

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage17 april 2020De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesR.W.Knops

In deze regeling wordt verstaan onder:

Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt onder mandaat tevens verstaan volmacht en machtiging.

Aan de secretaris-generaal wordt mandaat verleend om:

De secretaris-generaal wordt geacht te hebben ingestemd met de in artikel 3 genoemde mandaatverlening, zodra hij van dit mandaat gebruik heeft gemaakt of ter zake ondermandaat heeft verleend.

Besluiten en handelingen als bedoeld in artikel 3, onderdelen a tot en met d, die na 5 november 2012 tot de datum van inwerkingtreding van dit besluit zijn genomen of verricht door de secretaris-generaal, of door hem daartoe aangewezen functionarissen, worden aangemerkt als te zijn genomen of verricht namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Mandaatregeling onroerende zaken Ministerie van Buitenlandse Zaken buiten Nederland.