U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 06-12-2024.

Beleidsregel · BWBR0043833

Beleidsregel ernstige inbreuken GVB 2020

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 26 juni 2020, nr. WJZ/ 20174737, tot vaststelling van de Beleidsregel ernstige inbreuken GVB 2020Beleidsregel ernstige inbreuken GVB 2020De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 90, eerste lid, van verordening nr. 1224/2009, artikel 42, tweede lid, in samenhang met artikel 3, tweede lid, van verordening nr. 1005/2008 en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage26 juni 2020De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,C.J.Schouten

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 90, eerste lid, onderdeel a, van de controleverordening, wordt aangemerkt overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 90, eerste lid, onderdeel b, van de controleverordening, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 114 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 39, eerste lid, van de controleverordening, voor zover het motorvermogen ten minste 15 procent hoger is dan op het motorcertificaat of op de visvergunning vermelde maximaal continu vermogen.

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 90, eerste lid, onderdeel c, van de controleverordening, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 3, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 15, eerste lid, van de basisverordening, voor zover een substantiële hoeveelheid van een tijdens een visserijactiviteit gevangen soort waarvoor een vangstbeperking geldt, niet aan boord wordt of is gebracht of gehouden of niet wordt of is aangeland, tenzij dit aan boord brengen en houden of het aanlanden van deze vangsten in zou gaan tegen verplichtingen uit hoofde van de regels van het gemeenschappelijke visserijbeleid in visserijtakken of visserijzones waar die regels van toepassing zijn, of zouden vallen onder vrijstellingen uit hoofde van die regels.

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 42, onderdeel b, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 42, onderdeel c, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel f, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel g, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt het verborgen houden van, knoeien met, of doen verdwijnen van bewijsmateriaal dat van belang is in het kader van een onderzoek naar de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid.

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel i, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel k, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt het in het gebied van een regionale visserijorganisatie als bedoeld in artikel 2, vijftiende lid, van verordening nr. 1005/2008, verrichten van een visserijactiviteit:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld in artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel d, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van een van de volgende bepalingen voor zover gericht wordt of is gevist op de in deze bepalingen genoemde vissoorten:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel h, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van:

Als ernstige inbreuk als bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel j, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 140, eerste lid van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in samenhang met artikel 37, onderdeel 4, of onderdeel 6, van verordening nr. 1005/2008, voor zover de in dit artikel verboden dienstverlening wordt geboden aan een vissersvaartuig dat is opgenomen in de ‘communautaire lijst van IOO-vaartuigen’, bedoeld in artikel 27 van verordening nr. 1005/2008.

Als ernstige inbreuk, bedoeld artikel 42, onderdeel a, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onderdeel l, van verordening nr. 1005/2008, wordt aangemerkt een overtreding van artikel 2, eerste lid, in voorkomend geval in samenhang met artikel 8 van de Uitvoeringswet Visserijverdrag 1967 dan wel het vissen met een vaartuig dat geen nationaliteit heeft en derhalve een staatloos vaartuig is, overeenkomstig de internationale wetgeving.