U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2022.

Ministeriële regeling · BWBR0044605

Uitvoeringsregeling bronbelasting 2021

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Financiën van 31 december 2020, houdende nadere regels voor de toepassing van de Wet bronbelasting 2021 (Uitvoeringsregeling bronbelasting 2021)Uitvoeringsregeling bronbelasting 2021De Staatssecretaris van Financiën,

Gelet op artikel 2.1, vijfde lid, van de Wet bronbelasting 2021;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën,J.A.Vijlbrief

Deze regeling geeft uitvoering aan artikel 2.1, zesde lid, van de Wet bronbelasting 2021.

Voor de toepassing van artikel 2.1, eerste lid, onderdeel c, en zesde lid, van de Wet bronbelasting 2021 wordt, tenzij de inspecteur het tegendeel aannemelijk maakt, de voordeelgerechtigde, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel c, van de Wet bronbelasting 2021, geacht niet gerechtigd te zijn tot de voordelen met als hoofddoel of een van de hoofddoelen om de heffing van belasting bij een ander te ontgaan en wordt geacht sprake te zijn van geldige zakelijke redenen die de economische realiteit weerspiegelen indien:

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.

Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling bronbelasting 2021.

De woonlandfactor, bedoeld in artikel 2, onderdeel g, wordt voor andere lidstaten van de Europese Unie, andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en Zwitserland bepaald aan de hand van de volgende tabel:

Voor andere staten wordt de woonlandfactor bepaald aan de hand van de tabel die is opgenomen in de Regeling woonlandbeginsel in de sociale zekerheid 2012.