Ministeriële regeling · BWBR0045086

Regeling elektronische publicaties

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 april 2021, houdende regels over elektronische publicatie van algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen (Regeling elektronische publicaties)Regeling elektronische publicatiesDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op de artikelen 16, vijfde lid, 17, eerste en tweede lid, 18, tweede lid, 19, vijfde lid, en 20, derde lid, van de Bekendmakingswet, de artikelen 2, eerste lid, 4, tweede lid, en 8 van het Bekendmakingsbesluit, de artikelen 3.1, eerste lid, 3.2, 3.3, 3.8, 5.1, eerste lid, van het Besluit elektronische publicaties, de artikelen 13.1, zesde lid, en 20.26, tweede lid, van de Omgevingswet, artikel 3, eerste lid, van het Besluit basisregistratie personen, de artikelen 3, tweede lid, 3a, derde lid, 10, tweede lid, en 11, derde lid, van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES en artikel 31, eerste lid, van het Besluit basisadministraties persoonsgegevens BES;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,R.W.Knops

In deze regeling wordt verstaan onder:

De publicatiebladen, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van het besluit, worden uitgegeven op https://www.officielebekendmakingen.nl.

Vervangende uitgifte van de publicatiebladen als bedoeld in artikel 17, eerste en tweede lid, van de wet geschiedt:

Het uitgiftepunt, bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, is ondergebracht bij Logius, onderdeel van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Wilhelmina van Pruisenweg 52, Postbus 20011, 2500 EA Den Haag.

Teksten in geconsolideerde vorm als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van het besluit, worden beschikbaar gehouden op https://wetten.overheid.nl.

Regels als bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van de wet, zijn met betrekking tot:

Wijzigt de Bekendmakingsregeling.

Wijzigt de Omgevingsregeling.

Wijzigt de Regeling basisregistratie personen.

Wijzigt de Regeling basisadministraties persoonsgegevens BES.

In afwijking van artikel 3.2, kunnen de minister, gedeputeerde staten, het college van burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur van het waterschap, het bestuurscollege, het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie en het gemeenschappelijk orgaan beschikbaar gestelde geconsolideerde teksten beschikbaar houden overeenkomstig de regels die golden ten tijde van de eerste beschikbaarstelling van de betreffende geconsolideerde tekst.

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 1.1 van de Wet elektronische publicaties in werking treedt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling elektronische publicaties.

1 Op 1 januari van het voorafgaande kalenderjaar, volgens opgave van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

De verplichting tot consolideren is thans neergelegd in artikel 19, eerste lid, van de Bekendmakingwet. Voorheen (vanaf 2011) was deze verplichting opgenomen in artikel 137, eerste lid, van de Provinciewet, artikel 140, eerste lid, van de Gemeentewet en artikel 73a, eerste lid, van de Waterschapswet.

Vanaf de inwerkingtreding van de consolidatieverplichting op 1 januari 2011 geldt de wettelijke verplichting om algemeen verbindende voorschriften – alsmede delegatiebesluiten op grond van de Provinciewet en de Gemeentewet – die op dat tijdstip in werking waren getreden of die na dat tijdstip in werking zijn getreden in geconsolideerde vorm op internet te publiceren en beschikbaar te houden, ook als die voorschriften zijn ingetrokken of vervallen. Het staat overheden uiteraard vrij om een vroegere cesuurdatum te kiezen. Alle (versies van) algemeen verbindende voorschriften die op of na 1 januari 2011 gelden, dan wel na 1 januari 2011 komen te vervallen, worden conform deze bijlage op internet ontsloten.

Met ingang van 1 januari 2015 geldt de verplichting tot consolideren ook voor een besluit tot instelling, wijziging of intrekking van een gemeenschappelijke regeling als dat besluit niet kan worden aangemerkt als een algemeen verbindend voorschrift. Vanaf een jaar na het tijdstip waarop artikel 1.1 van de Wet elektronische publicaties in werking is getreden, geldt de verplichting eveneens voor een besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van een beleidsregel.

Zoals onder 3.1 blijkt, worden behalve algemeen verbindende voorschriften ook andere soorten besluiten in geconsolideerde vorm ontsloten. Kortheidshalve wordt in deze consolidatievoorschriften met ‘algemeen verbindende voorschriften’ tevens gedoeld op beleidsregels en andere besluiten die worden geconsolideerd.

Op grond van artikel 5.1, tweede lid, onderdelen b tot en met f, van het Besluit elektronische publicaties, zijn de regels omtrent beschikbaarstelling niet van toepassing op:

Een algemeen verbindend voorschrift dat naast een wijziging van andere algemeen verbindende voorschriften ook zelfstandige bepalingen (dat wil zeggen: tekst die niet een ander algemeen verbindend voorschrift wijzigt) bevat, wordt als een nieuw algemeen verbindend voorschrift in de collectie met geconsolideerde teksten opgenomen. Daarbij worden de wijzigingsinstructies vervangen door een redactionele opmerking als: ‘wijzigt [citeertitel of opschrift van het algemeen verbindende voorschrift]’.

Het besluit tot instelling van een gemeenschappelijke regeling wordt alleen door het daartoe aangewezen orgaan geconsolideerd. De overige deelnemers nemen dit besluit niet op in de collectie.

Het opschrift, de aanhef, het slotformulier en de ondertekening van een algemeen verbindend voorschrift worden opgenomen in de geconsolideerde tekst.

Te consolideren wijzigingen in een algemeen verbindend voorschrift kunnen als bron hebben:

De inwerkingtreding van een wijziging van de tekst van een algemeen verbindend voorschrift leidt tot een nieuwe versie van de geconsolideerde tekst van het algemeen verbindend voorschrift. De oude versie blijft opgenomen in de collectie. De datum waarop de oude versie vervalt, wordt opgenomen in de wetstechnische informatie of metadata van de oude versie en is gelijk aan de datum waarop de nieuwe versie in werking treedt. Indien de in een wijzigingsregeling opgenomen wijzigingen op verschillende tijdstippen in werking treden, wordt voor ieder tijdstip van inwerkingtreding een geconsolideerde versie gemaakt. Bij een wijzigingsregeling die meerdere algemeen verbindende voorschriften wijzigt, wordt voor ieder gewijzigd algemeen verbindend voorschrift een geconsolideerde versie gemaakt.

Indien een algemeen verbindend voorschrift wordt gewijzigd voordat het in werking is getreden, ontstaat er geen nieuwe versie. Bij ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’ wordt aangegeven dat het algemeen verbindende voorschrift vóór inwerkingtreding reeds is gewijzigd. Hierbij wordt verwezen naar de beschikbare bronnen van de betreffende wijziging.

In sommige gevallen worden niet de wijzigingsvoorstellen vastgesteld, maar worden de wijzigingen eerst verwerkt in een nieuwe geconsolideerde tekst die vervolgens wordt vastgesteld (onder formele intrekking van de oude geconsolideerde tekst). In dat geval is sprake van een nieuw algemeen verbindend voorschrift en zal het oude ingetrokken behoren te worden. Deze nieuwe vastgestelde geconsolideerde tekst wordt vervolgens beschikbaar gesteld als een nieuw algemeen verbindend voorschrift (en niet als een nieuwe versie van het gewijzigde algemeen verbindende voorschrift). Van het oude ingetrokken algemeen verbindende voorschrift wordt de datum van intrekking opgegeven bij de wetstechnische informatie.

Uitgangspunt is dat een algemeen verbindend voorschrift niet in werking treedt vóór de bekendmaking ervan. Van terugwerkende kracht is slechts sprake als daarin in het algemeen verbindende voorschrift is voorzien. Indien in (een versie van) een algemeen verbindend voorschrift een bepaling over terugwerkende kracht is opgenomen, wordt:

Indien een algemeen verbindend voorschrift wordt bekendgemaakt op een tijdstip dat is gelegen na de in het algemeen verbindende voorschrift opgenomen datum van inwerkingtreding, vormt de opgenomen datum van inwerkingtreding geen grondslag voor terugwerkende kracht.

Een algemeen verbindend voorschrift kan worden ingetrokken of kan vervallen van rechtswege.

Intrekking kan op drie manieren geschieden:

Bij het intrekken of vervallen van een algemeen verbindend voorschrift wordt in het ‘Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen’ van de meest recente versie een ‘Datum uitwerkingtreding’ ingevuld. Onder ‘Redactionele opmerkingen’ is vermeld in welke gevallen een toelichting wordt gegeven.

Informatie die van belang is voor een goed begrip van de geconsolideerde tekst maar niet uit andere wetstechnische gegevens is af te leiden, wordt als redactionele opmerking toegevoegd.

Redactionele opmerkingen die betrekking hebben op de gehele regeling, worden opgenomen in de wetstechnische informatie onder ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’.

In de volgende situaties wordt een redactionele opmerking bij ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’ geplaatst:

Redactionele opmerkingen die betrekking hebben op een onderdeel van het algemeen verbindend voorschrift, worden opgenomen in de geconsolideerde tekst van dat algemeen verbindend voorschrift. De opmerking wordt weergegeven tussen [blokhaken], ter onderscheiding van de eigenlijke tekst van het algemeen verbindend voorschrift.

In de volgende situaties wordt een redactionele opmerking in het desbetreffende onderdeel van de geconsolideerde tekst van het algemeen verbindend voorschrift geplaatst:

Een toelichting bij een algemeen verbindend voorschrift maakt geen onderdeel uit van het algemeen verbindend voorschrift en hoeft dus niet te worden geconsolideerd. Indien het bestuursorgaan naast het algemeen verbindend voorschrift ook een toelichting bij dit algemeen verbindend voorschrift opneemt in de geconsolideerde versie, kan ook de toelichting bij een latere wijziging van het algemeen verbindend voorschrift worden geconsolideerd. De toelichting wordt direct onder de tekst van het algemeen verbindend voorschrift opgenomen. Indien bij een wijziging alleen de toelichting wordt gewijzigd, leidt dit tot een nieuwe geconsolideerde versie.