U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-08-2022.
Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs van 7 juli 2022, nr. PO/33290696, houdende regels voor de inrichting van tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij scholen in het primair en voortgezet onderwijs (Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemden)Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemdenDe Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,

Gelet op de artikelen 180b, 180c, 180d, 180e, 180f en 215a van het Wet op het primair onderwijs, de artikelen 118tb, 118tc, 118te, 118tf en 118tg van de Wet op het voortgezet onderwijs en de artikelen 9.5, 9.6, 9.8, 9.9, 9.10 en 14.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020;

Besluit:

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,A.D.Wiersma

In deze regeling wordt verstaan onder:

Het bevoegd gezag verstrekt op verzoek aan de inspectie de documenten die het op grond van artikel 180d van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118te van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.8 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 bijhoudt van het onderwijspersoneel van een tijdelijke onderwijsvoorziening.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Met inachtneming van artikel 3, derde lid, van de wet kan de Minister voor ten hoogste twee schooljaren een erkenning van beroepskwalificaties verlenen om les te geven in het primair onderwijs in een tijdelijke onderwijsvoorziening, indien de aanvrager de Nederlandse taal nog niet machtig is, doch wel beschikt over een buiten Nederland verkregen bewijsstuk om les te mogen geven in het primair onderwijs.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

De artikelen 2.30, derde lid, onderdelen a en b, en vijfde lid, en 2.43, derde lid, van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op leerlingen in een tijdelijke onderwijsvoorziening.

Artikel 19 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 is van overeenkomstige toepassing op een tijdelijke nevenvestiging voor een tijdelijke onderwijsvoorziening, met uitzondering van de termijn van artikel 19, eerste lid, eerste volzin.

De Minister kan bij of krachtens deze regeling vastgestelde voorschriften buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover onverkorte toepassing zal leiden tot onbillijkheden van overwegende aard.

Met inachtneming van de artikelen 5, tweede lid, en 15, eerste lid, van de Wet register onderwijsdeelnemers verstrekt het bevoegd gezag op verzoek informatie aan de Minister over het aantal en de doorstroom van ingeschreven leerlingen in een tijdelijke onderwijsvoorziening.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemden. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.