Op de voordracht van Onze Minister voor Rechtsbescherming van 11 juli 2022, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 4097194, gedaan in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Gelet op het artikel 33, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 31 augustus 2022, nummer W16.22.00093/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister voor Rechtsbescherming van 28 september 2022, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 4221451, uitgebracht in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage3 oktober 2022Willem-AlexanderDe Minister voor Rechtsbescherming,F.M.Weerwindde elfde oktober 2022De Minister van Justitie en Veiligheid,D.Yeşilgöz-ZegeriusVerzoeken, mededelingen en de indiening en verzending van processtukken inzake een kinderbeschermingsmaatregel en jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet worden elektronisch gedaan, tenzij technische belemmeringen dit tijdelijk onmogelijk maken.
Dit besluit is van toepassing op de rechtbanken, de raad voor de kinderbescherming en de gecertificeerde instellingen, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit verplicht elektronisch procederen inzake een kinderbeschermingsmaatregel en jeugdhulp.