Ministeriële regeling · BWBR0048595
Subsidieregeling uitvoeringskosten waterschappen Wet open overheid
Gelet op de artikelen 3, en 4, eerste lid, onderdelen a, b, c, e, f en h van de Kaderwet overige BZK-subsidies en de artikelen 3, 6, vijfde lid, onderdeel b, 8, eerste lid, 11, tweede lid en derde lid, 20 en 24, vijfde lid, van het Kaderbesluit BZK-subsidies;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,H.G.J.Bruins SlotIn deze regeling wordt verstaan onder:
minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
De minister verstrekt een subsidie aan een waterschap ter tegemoetkoming in de kosten van de uitvoering van de Wet open overheid.
De subsidie wordt voor vijf boekjaren verstrekt. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Een waterschap dient de aanvraag tot subsidieverlening in voor 9 oktober 2023.
Door de aanvrager gemaakte kosten vóór indiening van de aanvraag komen voor subsidie in aanmerking indien de kosten niet eerder zijn gemaakt dan 1 januari 2023. Deze kosten vallen onder het subsidiebedrag voor het eerste boekjaar.
De aanvraag hoeft geen weergave te bevatten van de liquiditeitsbehoefte als bedoeld in artikel 11, derde lid, onderdeel e, van het Kaderbesluit BZK-subsidies.
Indien een subsidie als bedoeld in artikel 2 € 125.000 of meer is, zijn de regels in artikel 17 van het Kaderbesluit BZK-subsidies inzake een subsidie van € 25.000 tot € 125.000 van toepassing.
De aanvraag tot subsidievaststelling hoeft niet vergezeld te gaan van een controleverklaring als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel b, van het Kaderbesluit BZK-subsidies.
De minister verstrekt een voorschot per boekjaar.
Het voorschot voor een boekjaar is gelijk aan 100 procent van de voor dat jaar verleende subsidie.
Een voorschot wordt verstrekt in januari van het betreffende boekjaar. Het voorschot voor het eerste boekjaar wordt binnen zes weken na de beschikking tot subsidieverlening uitbetaald.
De minister kan een voorschot een maand later verstrekken, indien de waterschappen hiervan in kennis zijn gesteld.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2023.
Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2028, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn verstrekt.
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling uitvoeringskosten waterschappen Wet open overheid.
subsidieplafonds per jaar 2023 en 2024 | subsidieplafonds per jaar 2025 t/m 2027 | |
Waterschap | ||
Aa en Maas | € 135.085 | € 158.978 |
Amstel, Gooi en Vecht | € 181.390 | € 213.474 |
Brabantse Delta | € 143.113 | € 168.427 |
De Dommel | € 127.597 | € 150.166 |
De Stichtse Rijnlanden | € 138.824 | € 163.379 |
Delfland | € 197.292 | € 232.189 |
Drents Overijsselse Delta | € 132.325 | € 155.731 |
Fryslân | € 150.131 | € 176.687 |
Hollands Noorderkwartier | € 193.466 | € 227.686 |
Hollandse Delta | € 166.368 | € 195.795 |
Hunze en Aa’s | € 112.328 | € 132.197 |
Limburg | € 154.303 | € 181.596 |
Noorderzijlvest | € 105.059 | € 123.642 |
Rijn en IJssel | € 122.375 | € 144.021 |
Rijnland | € 184.946 | € 217.659 |
Rivierenland | € 172.746 | € 203.301 |
Scheldestromen | € 118.442 | € 139.392 |
Schieland en de Krimpenerwaard | € 117.869 | € 138.717 |
Vallei en Veluwe | € 146.733 | € 172.687 |
Vechtstromen | € 136.500 | € 160.644 |
Zuiderzeeland | € 109.799 | € 129.220 |