Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 15 december 2023, nr IENW/BSK-2023/363174, houdende vaststelling algemene regels voor inrichtingen en activiteiten (Regeling inrichtingen- en activiteiten BES)Regeling inrichtingen en activiteiten BESDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,

Gelet op artikel 2.1, eerste en tweede lid, van het Inrichtingen- en activiteitenbesluit BES;

BESLUIT:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, V.L.W.A.Heijnen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Aan de hoofdstukken 2 tot en met 3 wordt voldaan door degene die een inrichting type I of type II opricht, in werking heeft, verandert of de werking daarvan verandert of de inrichting beëindigt.

In een inrichting, niet zijnde een inrichting voor onderhoud en reparatie van motorrijtuigen als bedoeld in bijlage 1, hoofdstuk 2, onderdeel 10, bij het besluit, is geen autowrak aanwezig.

Verwijderd asbest of een verwijderd asbesthoudend product, niet zijnde grond, bodem of sloopschepen, wordt aangeboden aan een door het bestuurscollege aangewezen inzameldienst.

Handelingen aan, op of in de bodem die erosie bevorderen, worden vermeden.

Ter bescherming en bevordering van de duisternis en het donkere landschap wordt ter voorkoming van lichthinder het gebruik van lichtbronnen tot een aanvaardbaar niveau beperkt.

Ter voorkoming en beperking van geluidhinder worden luide werkzaamheden zoveel mogelijk binnen een gebouw van de inrichting uitgevoerd, waarbij de deuren en ramen zo mogelijk gesloten blijven.

Ter verkoming van geluidhinder worden de onderstaande grenswaarden niet overschreden:

Geurhinder bij kwetsbare objecten wordt voorkomen en voor zover dat niet mogelijk is tot een aanvaardbaar niveau beperkt.

Ten behoeve van het beperken van trillinghinder wordt apparatuur voorzien van doeltreffende dempers.

Een opslagvoorziening met gevaarlijke stoffen wordt tot op ten minste 3 meter afstand van deze voorziening zorgvuldig vrijgehouden van begroeiing en brandbare stoffen, zoals textiel, papier en hout.

Deze paragraaf is van toepassing op een koelinstallatie met een inhoud van tenminste:

Deze paragraaf is van toepassing op het in werking hebben van een kleine standaard stookinstallatie met een nominaal thermisch ingangsvermogen kleiner dan 1 MWth gestookt op standaardbrandstoffen.

Ten behoeve van een beperking van emissies in de lucht wordt de periode van het opstarten of stilleggen van een stookinstallatie zo kort mogelijk gehouden.

Het rookgas van een stookinstallatie met een nominaal thermisch ingangsvermogen kleiner dan 1 MWth voldoet aan de volgende emissiegrenswaarden:

De emissiegrenswaarden, bedoeld in artikel 2.13.6, gelden niet voor:

Bij het in werking hebben en bij onderhoudswerkzaamheden van een installatie voor het doorvoeren, bufferen of keren van rioolwater worden zodanige maatregelen getroffen dat geurhinder bij gevoelige gebouwen zoveel mogelijk wordt voorkomen, dan wel als dit niet mogelijk is tot een aanvaardbaar niveau wordt beperkt.

Deze paragraaf is van toepassing op het onderhouden, repareren of afspuiten van vaartuigen.

Deze paragraaf is van toepassing op het afleveren van vloeibare brandstoffen aan vaartuigen.

Deze paragraaf is van toepassing op het bieden van gelegenheid tot het afmeren van vaartuigen in een jachthaven met minimaal 10 ligplaatsen.

Ten behoeve van een doelmatig beheer van afvalstoffen worden van gebruikers van de jachthaven in ieder geval de volgende afvalstoffen ingenomen:

Deze paragraaf is van toepassing op het exploiteren van een badinrichting.

De gezondheid van de gebruikers van een badinrichting wordt zoveel mogelijk beschermd door in ieder geval zorg te dragen voor:

Deze paragraaf is van toepassing op tandheelkundige bewerkingen met amalgaam.

Deze paragraaf is van toepassing op het chemisch reinigen van textiel.

Er worden uitsluitend tetrachlooretheen of niet-gechloreerde alifatische koolwaterstoffen gebruikt.

Deze paragraaf is van toepassing op het opslaan van dierlijke meststoffen met een totaal volume van meer dan 3 kubieke meter.

Dit hoofdstuk is van toepassing op degene die een inrichting type I en een inrichting type II drijft.

Artikel 2.2.1, vierde lid, is met betrekking tot het lozen van huishoudelijk afvalwater op een zuiveringsvoorziening niet van toepassing tot 1 januari 2029.

Artikel 2.2.2, derde lid, is met betrekking tot het voorafgaand aan het lozen van vethoudend afvalwater toepassen van een vetafscheider en slibvangput niet van toepassing tot 1 januari 2026, indien dat lozen plaatsvindt buiten een rioleringsgebied op Bonaire en het gehele eilandsgebied op Sint Eustatius.

Artikel 2.8.1, eerste lid, is met betrekking tot te nemen energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder niet van toepassing tot 1 januari 2026.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling inrichtingen en activiteiten BES.

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Inrichtingen- en activiteitenbesluit BES in werking treedt.

Met intrinsiek wordt bedoeld de stof als zodanig. Om als (intrinsiek) niet-bodembedreigend te worden aangemerkt, staat van een stof bij voorbaat vast dat zij bij bedrijfsmatig gebruik niet tot een bodemverontreiniging kan leiden. Aangemerkt als intrinsiek niet-bodembedreigende stof, voor zover de stoffen niet verontreinigd of gemengd zijn met andere stoffen, worden:

Zowel de drijver van de inrichting als het bevoegd gezag kunnen aangeven dat een stof niet bodembedreigend is.