Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Klimaat en Groene Groei van 10 augustus 2024, nr. WJZ/ 63120441, houdende de subsidiëring van de realisatie en exploitatie van grootschalige productie -installaties voor waterstof (Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse)Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyseDe Minister van Klimaat en Groene Groei,

Gelet op de artikelen 2, eerste lid, aanhef en onderdelen a, b en h, en 3 van de Kaderwet EZK- en LNV-subsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage10 augustus 2024De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.Th.M.Hermans

In deze regeling wordt verstaan onder:

De minister kan al ontvangen of genoten overheidssteun of in de toekomst te ontvangen of te genieten overheidssteun voor de realisatie van de waterstofproductie-installatie of voor de productie van volledig hernieuwbare waterstof in mindering brengen op de subsidie die op grond van deze regeling wordt verstrekt, indien die steun er toe leidt dat de totale voor de waterstofproductie-installatie verleende overheidssteun meer bedraagt dan is toegestaan op grond van de verplichtingen die voor de Staat gelden krachtens een verdrag.

De minister maakt binnen zes maanden na de subsidieverlening de informatie bekend, bedoeld in paragraaf 3.2.1.14, onderdeel 58, aanhef en subonderdeel b, van de Richtsnoeren staatssteun ten behoeve van klimaat, milieubescherming en energie 2022 (PbEU 2022/C 80/01).

De waterstofproductie-installatie wordt in stand gehouden in Nederland, de territoriale zee of binnen de Nederlandse exclusieve economische zone.

De minister kan de voortgangsverslagen, bedoeld in de artikelen 4.6 en 4.9, en het eindverslag, bedoeld in artikel 4.7, gebruiken voor openbare, brede verspreiding van de niet-bedrijfsgevoelige kennis en informatie die zijn opgedaan.

De subsidieontvanger verleent tot en met vijf jaar na de beschikking tot subsidievaststelling medewerking aan een evaluatie door de minister van de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.

Deze paragraaf is van toepassing op het investeringssubsidiedeel.

Het bedrag van het investeringssubsidiedeel is de som van de subsidiabele kosten van realisatie van de waterstofproductie-installatie, bedoeld in artikel 5.4.

Het investeringssubsidiebedrag bedraagt:

Deze paragraaf is van toepassing op het exploitatiesubsidiedeel.

In de beschikking tot subsidieverlening wordt in ieder geval opgenomen:

Het maximum exploitatiesubsidiebedrag wordt berekend met de formule:

de totale hoeveelheid te produceren volledig hernieuwbare waterstof in kg in de periode die het exploitatiesubsidiedeel beslaat x (productieprijs van volledig hernieuwbare waterstof – de door de minister vastgestelde ondergrens van het correctiebedrag per kg waterstof).

Indien in een kalenderjaar meer kg volledig hernieuwbare waterstof is geproduceerd dan de jaarlijkse gemiddelde hoeveelheid te produceren volledig hernieuwbare waterstof, wordt die te veel geproduceerde kg tot een hoeveelheid van ten hoogste 25% van de jaarlijkse gemiddelde hoeveelheid te produceren volledig hernieuwbare waterstof aangemerkt als zijnde geproduceerd in een volgend kalenderjaar, indien in dat volgende kalenderjaar de hoeveelheid geproduceerde volledig hernieuwbare waterstof in kg lager is dan de jaarlijkse gemiddelde hoeveelheid te produceren volledig hernieuwbare waterstof, inclusief de op grond van artikel 6.6 toegevoegde te produceren volledig hernieuwbare waterstof.

Indien sprake is van een netgekoppelde waterstofproductie-installatie of een dubbelgekoppelde waterstofproductie-installatie verstrekt de minister alleen een voorschot indien het eindverslag, bedoeld in artikel 4.7, vergezeld gaat van de hernieuwbarestroomafnameovereenkomsten voor wind- of zonne-energie voor de elektriciteit die gedurende de eerste vijf jaar zal worden gebruikt voor de productie van volledig hernieuwbare waterstof.

De minister verstrekt het eerste voorschot pas nadat de subsidieontvanger voor de garanties van oorsprong voor hernieuwbare waterstof een rekening heeft als bedoeld in artikel 3 van de Wet implementatie EU-richtlijn hernieuwbare energie voor garanties van oorsprong.

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse.

Een voorschot voor het investeringssubsidiedeel wordt als volgt berekend: