U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 09-07-2025.

Ministeriële regeling · BWBR0050482

Subsidieregeling Strategisch opleiden MSZ

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 25 november 2024, kenmerk 4009410-1075454-MEVA, houdende regels voor de verstrekking van subsidie voor het opleiden en ontwikkelen van zorgpersoneel (Subsidieregeling Strategisch Opleiden MSZ)Subsidieregeling Strategisch opleiden MSZDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op de artikelen 3 en 5 van de Kaderwet VWS-subsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijnen Sport,M.Agema

In deze regeling wordt verstaan onder:

Op deze regeling zijn de definities van activiteitenplan, activiteitenverslag, financieel verslag, verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten en instelling bedoeld in artikel 1.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, niet van toepassing. Artikel 3.3 en artikel 10.1 van de Kaderregeling zijn evenmin van toepassing.

In geval van overschrijding van het subsidieplafond wordt het uit hoofde van het subsidieplafond beschikbare bedrag voor universitair medische centra verdeeld op basis van ten hoogste de volgende percentages:

De Minister kan bij de verlening van de subsidie verplichtingen opleggen als bedoeld in artikel 4:38 en 4:39 van de Algemene wet bestuursrecht.

De Minister kan een steekproef bij aanvragen tot € 125.000 uitvoeren voorafgaand aan de vaststelling van de subsidie. Hiervoor wordt een door de Minister vastgesteld formulier gebruikt.

De Minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Strategisch opleiden MSZ.

In het kader van een subsidieaanvraag en de verantwoording daarvan kan voor het berekenen van de personele kosten worden gekozen voor het laagste uurtarief per salarisschaal van de desbetreffende functiegroep waartoe aan opleidingsactiviteiten deelnemende medewerkers behoren. Het standaarduurtarief is per salarisschaal vastgesteld in deze bijlage.

De formule voor het berekenen van het standaarduurtarief per salarisschaal houdt in ((12 maanden * bruto maandloon * vakantiegeldtoeslag conform CAO * eindejaarsuitkering conform CAO)* werkgeverslasten 30%) / werkbare uren = standaarduurtarief.