Wijzigingen Officiële bron
Standaarden voor Kwaliteitsmanagement 2025Standaarden voor Kwaliteitsmanagement 2025

Kwaliteitsmanagementstandaarden als bedoeld in artikel 12 van de Verordening accountantsorganisaties 2025 en artikel 24 van de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants.

Het bestuur van de Nederlandse beroepsorganisatie van accountants (NBA) onderschrijft de strategische doelstelling van de International Federation of Accountants (IFAC) om een accountantsberoep te ontwikkelen en te bevorderen dat in staat is op uniforme wijze diensten te verlenen van hoge kwaliteit ten behoeve van het algemeen belang.

Als lid van de International Federation of Accountants (IFAC) is de NBA verplicht de Standaarden van de IAASB in wet- en regelgeving te implementeren, voor zover dat onder de Nederlandse wet- en regelgeving mogelijk is.

In december 2020 heeft de IFAC via de International Auditing and Assurance Standards Board (IAASB) de Final Pronouncement van de International Standard on Quality Management (ISQM) 1 gepubliceerd. De NBA heeft de vertaling daarvan opgenomen in deze standaarden (Standaard voor kwaliteitsmanagement 1).

Het bestuur van de NBA is van oordeel dat regels voor accountantskantoren omtrent de stemrechten, de beleidsbepalers, de beroepsaansprakelijkheidsverzekering en de waarneming, welke geen deel uitmaken van SKM1, dienen te blijven gehandhaafd. Deze regels zijn opgenomen in Standaard voor Kwaliteitsmanagement 3N, en vormen een voortzetting van de eisen die voorheen op grond van de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen worden gesteld.

De leden gehoord:

Inleiding

Toepassingsgebied van deze Standaard voor kwaliteitsmanagement

Het kwaliteitsmanagementsysteem van het kantoor

Schaalbaarheid

Netwerken en serviceproviders

Autoriteit van deze Standaard

Ingangsdatum

Doelstelling

Definities

Vereisten

Het toepassen en naleven van relevante vereisten

Kwaliteitsmanagementsysteem

Verantwoordelijkheden

Het risico-inschattingsproces van het kantoor

Governance en leiding

Relevante ethische voorschriften

Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en specifieke opdrachten

Opdrachtuitvoering

Middelen

Informatie en communicatie

Specifieke maatregelen

Het monitoring- en herstelproces

Opzet en uitvoering van monitoringactiviteiten

Het evalueren van de bevindingen en het identificeren van tekortkomingen

Het evalueren van geïdentificeerde tekortkomingen

Het reageren op geïdentificeerde tekortkomingen

Bevindingen over een bepaalde opdracht

Voortdurende communicatie met betrekking tot het monitoren en herstel

Netwerkvereisten en netwerkdiensten

Monitoringactiviteiten van het netwerk met betrekking tot het kwaliteitsmanagementsysteem van het kantoor

Monitoringactiviteiten van het netwerk in alle netwerkonderdelen

Tekortkomingen in netwerkvereisten of -diensten die het kantoor heeft geïdentificeerd

Het evalueren van het kwaliteitsmanagementsysteem

Documentatie

Toelichtingen

Toepassingsgebied van deze Standaard voor kwaliteitsmanagement (Zie Par. 3–4)

Het kwaliteitsmanagementsysteem van het kantoor (Zie Par. 6–9)

Autoriteit van deze Standaard (Zie Par. 12)

Definities

Tekortkoming (Zie Par. 16(a))

Opdrachtteam (Zie Par. 16(f))

Externe inspecties (Zie Par. 16(g))

Bevindingen (Zie Par. 16(h))

Kantoor (Zie Par. 16(i))

Netwerk (Zie Par. 16(l), 48)

Personeel (Zie Par. 16(n))

Relevante ethische voorschriften (Zie Par. 16(t), 29)

Maatregel (Zie Par. 16(u))

Serviceprovider (Zie Par. 16(v))

Toepassing en naleving van relevante vereisten (Zie Par. 17)

Kwaliteitsmanagementsysteem

Een kwaliteitsmanagementsysteem opzetten, implementeren en in werking houden (Zie Par. 19)

Verantwoordelijkheden (Zie Par. 20–21, 28(d))

Het risico-inschattingsproces van het kantoor (Zie Par. 23)

Kwaliteitsdoelstellingen vaststellen (Zie Par. 24)

Kwaliteitsrisico's identificeren en inschatten (Zie Par. 25)

Maatregelen opzetten en implementeren om kwaliteitsrisico's te mitigeren (Zie Par. 16(u), 26)

Wijzigingen in de aard en omstandigheden van het kantoor of zijn opdrachten (Zie Par. 27)

Governance en leiding

Commitment ten aanzien van kwaliteit (Zie Par. 28(a))

Leiding (Zie Par. 28(b) en 28(c))

Organisatiestructuur (Zie Par. 28(d))

Middelen (Zie Par. 28(e))

Relevante ethische voorschriften (Zie Par. 16(t), 29)

Overwegingen met betrekking tot de publieke sector

Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en specifieke opdrachten

De aard en de omstandigheden van de opdracht en de integriteit en ethische waarden van de cliënt (Zie Par. 30(a)(i))

Het vermogen van het kantoor om de opdracht uit te voeren (Zie Par. 30(a)(ii))

De financiële en operationele prioriteiten van het kantoor (Zie Par. 30(b))

Opdrachtuitvoering

Verantwoordelijkheden van het opdrachtteam en het aansturen, toezicht houden en beoordelen (Zie Par. 31(a) en 31(b))

Professionele oordeelsvorming en professioneel-kritische instelling (Zie Par. 31(c))

Consultatie (Zie Par. 31(d))

Verschillen van inzicht (Zie Par. 31(e))

Opdrachtdocumentatie (Zie Par. 31(f))

Kantoren kunnen besluiten om een langere bewaartermijn te hanteren, bijvoorbeeld met het oog op de in Nederland bestaande mogelijkheid om binnen een periode van 10 jaar een tuchtklacht in te dienen.

Middelen (Zie Par. 32)

Human resources

Het werven, ontwikkelen en behouden van personeel en competentie en capaciteiten van het personeel (Zie Par. 32(a) en 32(d))

Commitment en verantwoordelijkheid van het personeel ten aanzien van kwaliteit en erkenning van de commitment ten aanzien van kwaliteit (Zie Par. 32(b))

Extern aangetrokken personen (Zie Par. 32(c))

Opdrachtteamleden toegewezen aan elke opdracht (Zie Par. 32(d))

Technologische middelen (Zie Par. 32(f))

Intellectuele middelen (Zie Par. 32(g))

Gebruik van technologische en intellectuele middelen (Zie Par. 32(f)–32(g))

Serviceproviders (Zie Par. 16(v), 32(h))

Informatie en communicatie (Zie Par. 33)

Het informatiesysteem van het kantoor (Zie Par. 33(a))

Communicatie binnen het kantoor (Zie Par. 33(b), 33(c))

Communicatie met externe partijen

Communicatie met of binnen het netwerk van het kantoor en met serviceproviders (Zie Par. 33(d)(i))

Communicatie met anderen buiten het kantoor (Zie Par. 33(d)(ii))

Specifieke maatregelen (Zie Par. 34)

Relevante ethische voorschriften (Zie Par. 34(a))

Klachten en beschuldigingen (Zie Par. 34(c))

Informatie die bekend is geworden na de aanvaarding of continuering van een cliëntrelatie of een specifieke opdracht (Zie Par. 34(d))

Communicatie met externe partijen (Zie Par. 34(e))

Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 34(e)(i))

Overwegingen met betrekking tot de publieke sector

Bepalen wanneer het anderszins passend is om met externe partijen te communiceren (Zie Par. 34(e)(ii))

Aard, tijdstip, omvang van en passende vorm van de communicatie met externe partijen (Zie Par. 34(e)(iii))

Opdrachten onderworpen aan opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling

Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling op grond van wet- of regelgeving (Zie Par. 34(f)(ii))

Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling als maatregel om één of meer kwaliteitsrisico’s te mitigeren (Zie Par. 34(f)(iii))

Overwegingen met betrekking tot de publieke sector

Het monitoring- en herstelproces (Zie Par. 35–47)

Opzet en uitvoering van monitoringactiviteiten (Zie Par. 37–38)

De opzet van het risico-inschattingsproces en het monitoring- en herstelproces (Zie Par. 37(c))

Wijzigingen in het kwaliteitsmanagementsysteem (Zie Par. 37(d))

Eerdere monitoringactiviteiten (Zie Par. 37(e))

Andere relevante informatie (Zie Par. 37(f))

Inspecties van opdrachten (Zie Par. 38)

Personen die monitoringactiviteiten uitvoeren (Zie Par. 39(b))

Het evalueren van de bevindingen en identificeren van tekortkomingen (Zie Par. 16(a), 40–41)

Het evalueren van geïdentificeerde tekortkomingen (Zie Par. 41)

Onderliggende oorzaak van de geïdentificeerde tekortkomingen (Zie Par. 41(a))

Reageren op geïdentificeerde tekortkomingen (Zie Par. 42)

Bevindingen over een specifieke opdracht (Zie Par. 45)

Voortdurende communicatie met betrekking tot het monitoren en herstel (Zie Par. 46)

Netwerkvereisten en netwerkdiensten (Zie Par. 48)

Netwerkvereisten of -diensten in het kwaliteitsmanagementsysteem van het kantoor (Zie Par. 49)

Monitoringactiviteiten van het netwerk op het kwaliteitsmanagementsysteem van het kantoor (Zie Par. 50(c))

Monitoringactiviteiten van het netwerk bij alle netwerkonderdelen (Zie Par. 51(b))

Tekortkomingen die het kantoor identificeert in netwerkvereisten of -diensten (Zie Par. 52)

Het evalueren van het kwaliteitsmanagementsysteem (Zie Par. 53)

Het concluderen over het kwaliteitsmanagementsysteem (Zie. Par. 54)

Snelle en passende maatregelen nemen en de verdere communicatie (Zie Par. 55)

Evaluaties van prestaties (Zie Par. 56)

Overwegingen met betrekking tot de publieke sector

Documentatie (Zie Par. 57–59)

Inleiding

Toepassingsgebied van deze Standaard

Ingangsdatum

Doelstelling

Vereisten

Stemrechten

Dagelijks beleid

Waarneming

Beroepsaansprakelijkheidsverzekering

Toelichting

Stemrechten

(Zie Par. 5 – 10)

A1

Het doel van deze bepalingen is te waarborgen dat kantoren, accountants of andere natuurlijke personen die beschikken over een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 54, eerste lid, van de Wab de zeggenschap over de uitvoering van assurance-opdrachten hebben.

De meerderheid van de stemrechten heeft betrekking op het beslissingsbevoegde orgaan van het kantoor, zoals de algemene vergadering van aandeelhouders in een BV, het bestuur van een stichting, of de maatschaps- of vennotenvergadering.

In een besloten vennootschap waarin de algemene vergadering van aandeelhouders uit één accountant en één fiscalist bestaat die beiden 50% van de aandelen in handen hebben, kan bijvoorbeeld door middel van het uitbrengen van prioriteitsaandelen worden bewerkstelligd dat de zeggenschap over besluiten die direct of indirect invloed hebben op assurance-opdrachten bij de accountant ligt. De speciale rechten die aan een prioriteitsaandeel zijn verbonden, zijn in de statuten vastgelegd.

Bij de formulering van de onderdelen b en c is aangesloten bij de artikelen 16, tweede lid, en 16a van de Wta. Stemrechten kunnen ook worden gehouden door gebruik te maken van een holdingconstructie (in lijn met de memorie van toelichting bij artikel 16a van de Wta).

A2

Het bestuur van de NBA kan in bijzondere gevallen een ontheffing verlenen. Die ontheffing maakt het mogelijk om een assurance-opdracht uit te voeren, ook al wordt niet aan de vereiste stemrechtverdeling voldaan. Eindverantwoordelijken voor kwaliteitsmanagement die een ontheffing verzoeken zullen in elk geval moeten aantonen dat:

Een ontheffing kan ook uitkomst bieden als de uitvoering of afronding van assurance-opdrachten opeens moet worden waargenomen binnen een kantoor waarin niet langer aan de vereiste stemrechtverdeling wordt voldaan. Stel nu dat de eigenaar van een klein kantoor plotseling komt te overlijden en zijn erfgenamen geen accountant zijn. Dan voldoet het kantoor op dat moment niet langer aan de vereiste stemrechtenverdeling en zou een waarnemer de lopende assurance-opdrachten niet kunnen afronden. Dit is niet wenselijk en bovendien in strijd met het doel dat de verplichting tot waarneming beoogt: een ordentelijke voortzetting en eventueel afronding van lopende assurance-opdrachten. Een ontheffing maakt het mogelijk dat de waarnemer de assurance-opdrachten voortzet en afrondt, ondanks het feit dat niet langer aan de stemrechteneis is voldaan.

De bevoegdheid van het bestuur van de NBA is een discretionaire bevoegdheid. Dit betekent dat het bestuur de vrijheid heeft om in concrete gevallen, binnen de kaders van het vierde en zevende lid, te besluiten om al dan niet een ontheffing te verlenen. Ook kan het bestuur bij het verlenen van een ontheffing eisen stellen (dit zijn de in het artikel genoemde 'ontheffingsvoorschriften'). De ontheffing wordt verleend voor een bepaalde termijn, maximaal zes jaren. Deze maximumtermijn is ontleend aan de toetsingscyclus door de Raad van Toezicht op grond van de Verordening op de kwaliteits-beoordelingen (ten minste eenmaal in de zes jaren). Een eventuele volgende aanvraag tot ontheffing wordt beoordeeld op basis van de actuele feiten en omstandigheden.

Waarneming

(Zie Par. 14 – 16)

A3

Een situatie waarin moet worden waargenomen kan zich voordoen wanneer de opdrachtpartner langdurig ziek is of komt te overlijden. Het gaat hierbij om het overnemen en zorgvuldig afwikkelen van de opdracht door een nieuw aangewezen opdrachtpartner.

De nieuw aangewezen opdrachtpartner moet over de kennis en ervaring beschikken om de opdracht volgens de relevante wet- en regelgeving te kunnen uitvoeren.

A4

Deze bepaling ziet op kleine accountantskantoren. Als er maar één opdrachtpartner is, is het noodzakelijk om afspraken op voorhand te maken. Het kan overigens nuttig zijn om ook bij accountantskantoren met meerdere opdrachtpartners de waarneming met iemand van buiten te regelen.

Beroepsaansprakelijkheidsverzekering

(Zie Par. 17 – 22)

A5

Onder de bij de opdrachtuitvoering of bedrijfsvoering betrokken personen vallen ook de personen die waarnemen bij ziekte, overlijden of andere gevallen waarin waarneming vereist is (Zie Par. 5). Dit betekent dat de verzekering de aansprakelijkheid in geval van waarneming op vergelijkbare wijze moet dekken.

A6

De verzekering wordt aangegaan met een verzekeraar (van wie het aannemelijk is dat deze) voldoet aan redelijkerwijs te stellen eisen van solvabiliteit. In Nederland gevestigde verzekeraars vallen ingevolge de Wet op het financieel toezicht onder het toezicht van De Nederlandse Bank (of op grond van Europees recht onder toezicht van de Europese Centrale Bank) en worden geacht aan deze eisen van solvabiliteit te voldoen. Buitenlandse verzekeraars die onder gelijkwaardig toezicht staan, worden eveneens geacht te voldoen aan de eisen van solvabiliteit. In dien een ‘captive’ aan een dergelijk toezicht is onderworpen, wordt deze als een in dit verband acceptabele verzekeringsmaatschappij aangemerkt. Een ‘captive’ kan bijvoorbeeld een (her)verzekeringsmaatschappij zijn die onderdeel is van de accountantspraktijk of haar netwerk en die zich primair bezighoudt met het (her)verzekeren van de beroepsaansprakelijkheidsrisico’s van de tot het netwerk behorende organisaties.

A7

Het verdient aanbeveling in de polis de werkzaamheden die onder de dekking van de verzekering vallen expliciet te omschrijven, zodat hierover geen onduidelijkheid of meningsverschil kan ontstaan tussen de verzekerde en de verzekeraar op het moment dat een claim wordt ingediend.

De verzekering dient alle werkzaamheden te dekken ongeacht wie de claim indient. Het laatste deel van deze bepaling ziet op de situatie waarin een derde een claim indient in plaats van de cliënt.

A8

Deze bepaling ziet op situaties waarin claims van cliënten en derden afkomstig uit Europa met betrekking tot werkzaamheden verricht naar Nederlands recht, in Nederland kunnen worden ingediend.

A9

Dit betekent dat de werkzaamheden die zijn verricht in de twee jaren voorafgaand aan het sluiten van de verzekering die op het moment van afsluiten nog niet tot claims hebben geleid, ook zijn verzekerd. Eveneens dient de verzekering dekking te bieden voor claims die worden ingediend binnen twee jaar na het einde van de dekking als die claims verband houden met werkzaamheden die zijn verricht tijdens de dekkingsperiode. Afhankelijk van de werkzaamheden en andere relevante omstandigheden kan een langere termijn voor het inloop- en/of uitlooprisico noodzakelijk zijn.

A10

Indien een claim wordt ingediend en hiertegen verweer wordt gevoerd, kunnen de kosten van juridische bijstand hoog oplopen. Daarom wordt vereist dat de kosten van verweer in de beroepsaansprakelijkheidsverzekering zijn meeverzekerd.

A11

Er kunnen specifieke omstandigheden zijn die het risicoprofiel van het kantoor kunnen verhogen, zoals de aard van de werkzaamheden of de aard en omvang van de cliëntenportefeuille.

Een beroepsaansprakelijkheidsverzekering die slechts voldoet aan de minimumvereisten kan in dergelijke situaties onvoldoende zijn, zodat van deze minimumeisen moet worden afgeweken door het eigen risico te verlagen of de dekking te verhogen. Het kantoor zorgt ervoor dat de dekking van de beroepsaansprakelijkheidsverzekering ook in redelijke mate toereikend is voor deze specifieke omstandigheden.

Deze Standaarden voor Kwaliteitsmanagement treden in werking op 1 januari 2025. In het geval de Staatscourant waarin deze Standaarden worden gepubliceerd verschijnt na 31 december 2024, dan treden deze Standaarden in werking op de dag na publicatie in de Staatscourant en werken terug tot 1 januari 2025.

Deze publicatie wordt aangehaald als: Standaarden voor Kwaliteitsmanagement 2025.