Regeling · BWBR0051701
Uitvoeringsbesluit EU-verordeningen grenzen en veiligheid
Op de voordracht van Onze Minister van Asiel en Migratie van 12 juli 2024, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 5607731, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Defensie;
Gelet op de EES-verordening, Etias-verordening, de SIS-verordening grenscontroles, de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken, de SIS-verordening terugkeer, de Verordening interoperabiliteit grenzen en visa, de Verordening interoperabiliteit politiële en justitiële samenwerking, asiel en migratie en de wijziging van de VIS-verordening met het oog op de herziening van het Visuminformatiesysteem, artikel 2, eerste en tweede lid en artikel 5 van de Uitvoeringswet EU-verordeningen grenzen en veiligheid, artikel 2dd van de Vreemdelingenwet 2000 en artikel 18, eerste lid en artikel 23, tweede lid, van de Wet politiegegevens;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 11 september 2024, W03.24.00177/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Asiel en Migratie, van 10 oktober 2025), directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 6732603, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Defensie;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage27 oktober 2025Willem-AlexanderDe Minister van Asiel en Migratie,D.M. vanWeelde eenendertigste oktober 2025De Minister van Justitie en Veiligheid,F. vanOostenIn dit besluit wordt verstaan onder:
- –
Schengeninformatiesysteem: het Schengeninformatiesysteem, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de SIS-verordening grenscontroles en artikel 4, eerste lid, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
VIS: het Visuminformatiesysteem, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de VIS-verordening.
Recht op toegang tot gegevens in het Schengeninformatiesysteem en het recht tot rechtstreekse bevraging daarvan hebben:
- a.
Onze Minister van Asiel en Migratie ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
- b.
Onze Minister van Buitenlandse Zaken ten behoeve van de doelen, genoemd in;
- –
artikelen 34, eerste lid, onderdeel f, vierde lid en artikel 41, zesde lid, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
- c.
het openbaar ministerie ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdeel c, en derde lid, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
- d.
de politie ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
- e.
de Koninklijke marechaussee ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdelen a tot en met e, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
- f.
de bijzondere opsporingsdiensten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten, ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdeel c, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdeel c, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken;
- –
- g.
de Passagiersinformatie-eenheid, bedoeld in artikel 5 van de Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven, ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdeel c, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdeel c, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken; en
- –
- h.
de Douane ten behoeve van de doelen, genoemd in:
- –
artikel 34, eerste lid, onderdeel b, van de SIS-verordening grenscontroles;
- –
artikel 44, eerste lid, onderdeel b, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken.
- –
De in het eerste lid bedoelde instanties maken een lijst met benamingen van functies openbaar, waarvoor geldt dat de personen die de functie bekleden geautoriseerd kunnen worden voor toegang tot en bevraging van het SIS ten behoeve van de in het eerste lid genoemde doelen.
Recht op toegang tot gegevens in het Schengeninformatiesysteem hebben:
- a.
de Dienst wegverkeer ten behoeve van de doelen, genoemd in artikelen 45, eerste lid, en 46, eerste lid, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken; en
- b.
de politie ten behoeve van het doel, genoemd in artikel 47, eerste lid, van de SIS-verordening politiële en justitiële samenwerking in strafzaken.
De in artikel 9, tweede lid, van de EES-verordening bedoelde immigratieautoriteiten zijn de Minister van Asiel en Migratie en de met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 belaste ambtenaren, voor zover deze verantwoordelijkheden overeenkomen met de in artikel 3, punt 4, van de EES-verordening genoemde verantwoordelijkheden.
De in artikel 39, eerste lid, van de EES-verordening bedoelde autoriteit die de centrale verantwoordelijkheid voor gegevensverwerking draagt is de Minister van Defensie.
Treedt op een later tijdstip in werking.
De in artikel 13, vierde lid, van de Etias-verordening bedoelde immigratieautoriteiten zijn de Minister van Asiel en Migratie en de met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 belaste ambtenaren, voor zover deze verantwoordelijkheden overeenkomen met de in artikel 3, punt 22, van de Etias-verordening opgenomen redenen.
De Minister van Asiel en Migratie en de met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 belaste ambtenaren hebben toegang tot het VIS voor het raadplegen van gegevens voor zover zij zijn belast met de uitvoering van taken op grond van de Vreemdelingenwet 2000 overeenkomstig de VIS-verordening:
- a.
vanwege de in artikel 18, 18bis, 19, 19bis, 20, 21 en 22 van die verordening omschreven doelen; en
- b.
Dit onderdeel is nog niet in werking getreden.
Treedt op een later tijdstip in werking.
De aangewezen VIS-autoriteit is ondergebracht bij de Koninklijke marechaussee.
Treedt op een later tijdstip in werking.
De Minister van Asiel en Migratie en de met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 belaste ambtenaren hebben toegang tot het VIS voor het invoeren, wijzigen of verwijderen van gegevens overeenkomstig de artikelen 22bis tot en met 22 septies van de VIS-verordening in verband met de taken op grond van de Vreemdelingenwet 2000.
Treedt op een later tijdstip in werking.
De in artikel 22octodecies, tweede lid, van de VIS-verordening bedoelde autoriteiten die bij de uitvoering van hun taken kunnen verzoeken om toegang tot de in dat artikellid bedoelde gegevens zijn:
- a.
de gerechten, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en het openbaar ministerie;
- b.
de raad voor de kinderbescherming, de rechtspersoon, bedoeld in artikel 256, eerste lid, of artikel 302, tweede lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, de Centrale autoriteit Internationale Kinderaangelegenheden, bedoeld in artikel 4 van de Uitvoeringswet internationale kinderbescherming en de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, voor zover de verwerking noodzakelijk is voor de uitvoering van de aan hen opgedragen wettelijke taken.
Treedt op een later tijdstip in werking.
De in artikel 29, vierde lid, van de VIS-verordening, bedoelde autoriteit die de centrale verantwoordelijkheid voor de gegevensverwerking draagt is de Minister van Buitenlandse Zaken.
Treedt op een later tijdstip in werking.
Wijzigt het Besluit politiegegevens
Treedt op een later tijdstip in werking.
Wijzigt het Vreemdelingenbesluit 2000
Wijzigt het Besluit houdende de wijziging van de Penitentiaire maatregel en het Besluit politiegegevens.
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit EU-verordeningen grenzen en veiligheid.