Gelet op artikel 147, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
Besluit:
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,V.P.G.KarremansHet Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst wordt aangewezen als hulpverleningsdienst als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ten behoeve van de uitvoering van haar taken, genoemd in artikel 80, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, artikel 141, onder d, van het Wetboek van Strafvordering en artikel 2, onder a, en artikel 3 van de Wet op de Bijzondere opsporingsdiensten.
De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst stelt ten behoeve van het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst een richtlijn op als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Regeling optische en geluidssignalen 2009 met inachtneming van artikel 3, derde en vierde lid, van die regeling. In aanvulling op het derde lid, onder e, dient er binnen de opleiding van de bestuurder specifieke aandacht te zijn voor het rijden met optische en geluidssignalen in een motorvoertuig dat niet herkenbaar is als een motorvoertuig in gebruik bij de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst.
Het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst wijst personen of groepen aan die daartoe ingerichte motorvoertuigen met inwerking zijnde optische en geluidssignalen mogen besturen.
De in het eerste lid bedoelde personen worden aangewezen nadat zij een speciale instructie hebben gekregen als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Regeling optische en geluidssignalen 2009.
De motorvoertuigen van het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst zijn vrijgesteld van de artikelen 5.2.51a, eerste lid, en 5.3.51a, eerste lid, van de Regeling voertuigen op grond van artikel 147, eerste lid, Wegenverkeerswet 1994.
De optische en geluidssignalen bedoeld in artikel 29, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, die de motorvoertuigen van het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst voeren, voldoen aan de eisen die worden gesteld in artikel 5, eerste en vijfde lid, van de Regeling optische geluidssignalen 2009, met uitzondering van het vereiste dat het motorvoertuig herkenbaar is als een motorvoertuig in gebruik bij het Team Bijzondere Bijstand van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2026 of, indien de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2026, met ingang van de dag na de datum van uitgifte van die Staatscourant en werkt terug tot en met 1 juli 2026 en vervalt met ingang van 1 juli 2028.