Ministeriële regeling · BWBR0006727

Regeling keuring en handel dierlijke producten

Wijzigingen Officiële bron
Regeling keuring en handel dierlijke productenRegeling keuring en handel dierlijke productenDe Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Gelet op richtlijn nr. 88/657/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 december 1988 tot vaststelling van de eisen voor de productie en het handelsverkeer in gehakt, vlees in stukken van minder dan 100 gram en vleesbereidingen en tot wijziging van de Richtlijnen 64/433/EEG, 71/118/EEG en 72/462/EEG (PbEG L 395), richtlijn nr. 89/662/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 395), richtlijn nr. 90/675/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 10 december 1990 tot vaststelling van de beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten uit derde landen die in de Gemeenschap worden binnengebracht (PbEG L 373), richtlijn nr. 91/494/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 26 juni 1991 tot vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor het intra-communautaire handelsverkeer en de invoer uit derde landen van vers vlees van pluimvee (PbEG L 268), richtlijn nr. 91/495/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 november 1991 inzake gezondheidsvoorschriften en veterinairrechtelijke voorschriften voor de productie en het in de handel brengen van konijnevlees en vlees van gekweekt wild (PbEG L 268), richtlijn nr. 92/45/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 16 juni 1992 betreffende de gezondheidsvoorschriften en veterinairrechtelijke voorschriften voor het doden van vrij wild en het in de handel brengen van vlees van vrij wild (PbEG L 268), richtlijn nr. 92/116/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 december 1992 tot wijziging en bijwerking van Richtlijn 71/118/EEG inzake gezondheidsvoorschriften op het gebied van het handelsverkeer in vers vlees van pluimvee (PbEG 1993, L 62), richtlijn nr. 92/118/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 december 1992 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke en de gezondheidsvoorschriften voor het handelsverkeer en de invoer in de Gemeenschap van producten waarvoor ten aanzien van deze voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving geldt als bedoeld in bijlage A, hoofdstuk I, van Richtlijn 89/662/EEG, en, wat ziekteverwekkers betreft, van Richtlijn 90/425/EEG (PbEG 1993, L 62) en richtlijn nr. 93/121/EG van de Raad van de Europese Unie van 22 december 1993 houdende wijziging van Richtlijn 91/494/EEG tot vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor het intracommunautaire handelsverkeer en de invoer uit derde landen van vers vlees van pluimvee (PbEG L 340);

Gelet op de artikelen 10, 11, eerste lid, onderdeel b, 13, tweede lid, 81, tweede tot en met vierde lid, 105 en 107 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de artikelen 19, 26, 27 en 28 van de Landbouwwet, artikel 2, onderdeel b, van het Besluit uitvoer dieren en producten van dierlijke oorsprong en de artikelen 2, 4, 5 en 6 van het Besluit inzake het in de handel brengen van dieren en producten en de toepassing van maatregelen met betrekking tot in Nederland gebrachte dieren en producten;

Gezien het advies van de Raad voor dierenaangelegenheden, het productschap voor Pluimvee en Eieren, het Bedrijfschap voor de Pluimveehandel- en industrie en de Vereniging van de Nederlandse Pluimveeverwerkende Industrie;

Besluit:

's-Gravenhage10 juni 1994De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, J.D.Gabor

Vervallen

De merken, bedoeld in artikel 2.2, worden slechts aangebracht en de bewijsstukken, bedoeld in artikel 2.2, worden slechts afgegeven, indien op grond van een van Rijkswege ingesteld onderzoek is gebleken dat wordt voldaan aan de artikelen 2.4, 2.5, 2.6 en 2.7, alsmede aan:

Indien de producten naar meer dan één bestemming worden vervoerd gaat elke partij vergezeld van het bewijsstuk, onderscheidenlijk de bewijsstukken, bedoeld in artikel 2.2.

Indien de partij bestemd is voor een derde land vindt het vervoer over Nederlands grondgebied plaats onder douanetoezicht.

Op grond van de regelgeving van de Europese Gemeenschap of de Toezichthoudende Autoriteit van de Europese Vrijhandelsassociatie geldt geen verbod om de producten anders dan in doorvoer buiten Nederland te brengen of uit te voeren.

Ten behoeve van het onderzoek of een merk als bedoeld in artikel 2.2 kan worden aangebracht, onderscheidenlijk een bewijsstuk als bedoeld in artikel 2.2 kan worden afgegeven, overlegt de aanvrager tijdig een daartoe bestemd, op de betrokken partij betrekking hebbend, aanvraagformulier aan de keuringsdierenarts die dit onderzoek verricht.

Indien uit de certificaten of documenten, bedoeld in artikel 2.9, eerste lid, blijkt dat de partij is bestemd voor Nederland of een lid-staat, is de handelaar ingeschreven in het in artikel 2.26, eerste lid, bedoelde register, terwijl die inschrijving niet is getroffen door een beslissing als bedoeld in artikel 2.26, derde lid.

Een partij als bedoeld in artikel 2.16, derde lid, wordt na het verlaten van de inspectiepost in verzegelde en lekvrije voertuigen of containers rechtstreeks vervoerd naar de inrichting van oorsprong waar het certificaat, bedoeld in artikel 2.16, derde lid, onderdeel b, is afgegeven.

Noch op grond van artikel 22, eerste lid, eerste gedachtenstreepje, van richtlijn 97/78/EG, noch op grond van andere regelgeving van de Europese Gemeenschap zijn maatregelen genomen houdende instelling van een verbod om de betrokken producten op het grondgebied van de Europese Gemeenschap, dan wel op het grondgebied van Nederland te brengen.

Degene die voornemens is een partij in te slaan in of uit te slaan uit een douane-entrepot, een ruimte voor tijdelijke opslag of een vrij entrepot geeft hiervan uiterlijk tot 14.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag van in- of uitslag melding aan de VWA, onder vermelding van de naam en het adres van de opslagfaciliteit, de dag van in- of uitslag en de aard en hoeveelheid van de producten.

Vervallen

Uitslag van een partij producten die niet voldoet aan de in deze regeling voor desbetreffende producten gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, uit een opslagruimte als bedoeld in artikel 2.23a, tweede lid, is slechts toegestaan indien de producten bestemd zijn:

Degene die om inslag dan wel opslag in, of uitslag uit een van de in artikel 2.23 genoemde opslagruimten verzoekt, voldoet de kosten voor keuringen en controles welke de VWA bij de inslag, opslag of uitslag verricht. De kosten bedragen de werkelijke kosten en staan in een rechtstreeks verband met deze keuringen en controles.

Levering van producten die niet voldoen aan de in deze regeling voor desbetreffende producten gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, aan zeevervoermiddelen als proviand voor bemanning en passagiers, geschiedt slechts door Onze Minister erkende handelaren.

Een handelaar die de in artikel 2.23g bedoelde producten aflevert aan zeevervoermiddelen als proviand voor bemanning en passagiers, houdt een register bij dat voldoet aan de in artikel 13, tweede lid, onderdeel d, van richtlijn 97/78/EG gestelde voorwaarden.

Een handelaar die de in artikel 2.23g bedoelde producten aflevert aan zeevervoermiddelen als proviand voor bemanning en passagiers:

De belanghebbende bij de lading en de handelaar, alsmede elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een partij met het oog op het brengen buiten Nederland aan de keuringsdierenarts ten onderzoek aanbiedt, dan wel zijn gemachtigde, en elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die producten over Nederlands grondgebied vervoert, zijn verplicht aan de keuringsdierenarts alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taken in het kader van deze regeling noodzakelijk acht.

De minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 10 van verordening 136/2004/EG.

Producten van dierlijke oorsprong, die zijn bestemd voor menselijke consumptie, zijn verkregen van dieren die voldoen aan alle veterinaire voorschriften in de voor de desbetreffende diersoort vastgestelde communautaire maatregelen.

Producten van dierlijke oorsprong, die zijn bestemd voor menselijke consumptie, zijn verkregen van dieren die niet afkomstig zijn van een bedrijf of inrichting, een grondgebied of een deel van een grondgebied, waar voor de betrokken dieren en producten van dierlijke oorsprong om veterinairrechtelijke redenen vastgestelde beperkende maatregelen gelden op grond van de in bijlage I bij richtlijn 2002/99/EG genoemde communautaire maatregelen.

Vlees en vleesproducten zijn niet verkregen van dieren die zijn gedood in een inrichting waar bij de slacht of tijdens de productie dieren, dan wel karkassen, of delen daarvan, aanwezig waren die besmet waren met of werden verdacht van een van de ziekten, bedoeld in de communautaire maatregelen genoemd in bijlage I bij richtlijn 2002/99/EG.

Aquacultuurproducten en aquacultuurdieren waarvan aquacultuurproducten afkomstig zijn voldoen aan richtlijn 91/67/EEG en, voor zover van toepassing, aan de op grond van artikel 4, tweede lid, van richtlijn 2002/99/EG vastgestelde communautaire maatregelen.

In afwijking van de artikelen 3.2 tot en met 3.6 zijn de communautaire maatregelen die op grond van artikel 4, derde lid, van richtlijn 2002/99/EG worden vastgesteld van toepassing op de producten van dierlijke oorsprong, bestemd voor menselijke consumptie.

Vers vlees van pluimvee, voor zover het karkassen en slachtafval betreft:

Vers vlees van pluimvee dat afkomstig is uit een koel- of vrieshuis dat is erkend op grond van artikel 4.16, eerste lid, onderdeel c, en dat nadien geen enkele goederenbehandeling anders dan verband houdend met de opslag heeft ondergaan:

Vervallen

Afdeling 5 Het brengen in Nederland van vers vlees van pluimvee uit derde landen (artikelen 4.13 tot en met 4.15)

In afwijking van artikel 4.12, eerste lid, aanhef en onderdeel a, mag vers vlees van pluimvee dat afkomstig is uit Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië of Slowakije en vóór 1 mei 2004 is verkregen in een inrichting die erkend was voor uitvoer naar de Europese Gemeenschap, tot en met 30 april 2005 voorzien zijn van het keurmerk, bedoeld in artikel 3, onderdeel a, van beschikking 2004/280/EG, mits het certificaat of document dat het vlees vergezelt, door de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst is voorzien van de verklaring: ‘Vóór 1 mei 2004 geproduceerd overeenkomstig Beschikking 2004/280/EG van de Commissie.’

Vervallen

Vervallen

De exploitant of de eigenaar, dan wel diens vertegenwoordiger van een erkende inrichting draagt er zorg voor dat:

Dood pluimvee, delen daarvan of vers vlees van pluimvee, dat dan wel die voor menselijke consumptie ongeschikt is dan wel zijn verklaard of anderszins niet geschikt wordt, dan wel worden, bevonden voor menselijke consumptie, wordt:

Degene die voornemens is pluimvee bedrijfsmatig te slachten of vers vlees van pluimvee bedrijfsmatig uit te snijden, dient de keuringsdierenarts ten behoeve van de keuring van het vlees de werkdag tevoren tussen 8.15 en 17.00 uur te waarschuwen en de door de keuringsdieren-arts, dan wel zijn assistenten verlangde medewerking te verlenen of te doen verlenen.

Gehele stukken vrij wild:

In afwijking van artikel 5.9, eerste lid, aanhef en onderdeel a, mag vlees van vrij wild dat afkomstig is uit Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië of Slowakije en vóór 1 mei 2004 is verkregen in een inrichting die erkend was voor uitvoer naar de Europese Gemeenschap, tot en met 30 april 2005 voorzien zijn van het keurmerk, bedoeld in artikel 3, onderdeel a, van beschikking 2004/280/EG, mits het certificaat of document dat het vlees vergezelt, door de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst is voorzien van de verklaring: ‘Vóór 1 mei 2004 geproduceerd overeenkomstig Beschikking 2004/280/EG van de Commissie.’

Vervallen

Onverminderd de artikelen 5.10 en 5.11 is, zolang de voorschriften voor het op het grondgebied van de Europese Gemeenschap brengen van vlees van vrij wild of gehele stukken vrij wild vanuit derde landen niet of slechts gedeeltelijk ingevolge de regelgeving van de Europese Gemeenschap zijn vastgesteld, het brengen in Nederland van vlees van vrij wild of gehele stukken vrij wild, bestemd voor een lid-staat, toegestaan indien is voldaan aan de voorschriften van de lidstaat van bestemming.

In Nederland gebrachte niet-onthuide karkassen van vrij evenhoevig wild, bestemd voor menselijke consumptie na verdere verwerking, worden onverwijld overgebracht naar de verwerkingsinrichting van bestemming.

Vlees van vrij wild of gehele stukken vrij wild dat, onderscheidenlijk die, overeenkomstig hoofdstuk V van bijlage I van richtlijn 92/45/EEG voor menselijke consumptie ongeschikt is, onderscheidenlijk zijn verklaard, of vlees van vrij wild of gehele stukken vrij wild dat, onderscheidenlijk die anderszins door de keuringsdierenarts of diens assistent niet geschikt wordt, onderscheidenlijk worden bevonden voor menselijke consumptie, wordt, onderscheidenlijk worden:

Artikel 4.21 is van overeenkomstige toepassing op het laten vervaardigen en het in voorraad hebben van de in dit hoofdstuk genoemde merken en het voorhanden hebben van stempels en andere werktuigen waarmee deze merken kunnen worden vervaardigd of aangebracht, met dien verstande dat voor ‘erkende inrichting’ in artikel 4.21, tweede lid, wordt gelezen: inrichting die is erkend als vrij wild-verwerkingsinrichting.

Artikel 4.22 is van overeenkomstige toepassing op degene die voornemens is vrij wild bedrijfsmatig te verwerken.

In deze afdeling wordt onder gehakt vlees verstaan: gehakt vlees van kippen, kalkoenen, parelhoenders, eenden, ganzen, gekweekt of vrij vederwild, klein vrij wild en gekweekte konijnen en hazen.

Gehakt vlees wordt na een van Rijkswege ingesteld onderzoek voorzien van het merk, bedoeld in:

De exploitant of de eigenaar, dan wel diens vertegenwoordiger van een op grond van artikel 9.10 erkende of erkend geachte werkplaats draagt er zorg voor dat in de werkplaats:

Gehakt vlees dat voor menselijke consumptie ongeschikt is verklaard of anderszins niet geschikt wordt bevonden voor menselijke consumptie, wordt onder toezicht van de keuringsdierenarts of diens assistent onbruikbaar gemaakt voor menselijke consumptie en behandeld overeenkomstig de bij of krachtens de Destructiewet of de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren ter implementatie van richtlijn 90/667/EEG aan de verwerking van dergelijk materiaal gestelde regelen.

Artikel 4.21 is van overeenkomstige toepassing op het laten vervaardigen en het in voorraad hebben van de in dit hoofdstuk genoemde merken en het voorhanden hebben van stempels en andere werktuigen waarmee deze merken kunnen worden vervaardigd of aangebracht, met dien verstande dat voor ‘erkende inrichting’ in artikel 4.21, tweede lid, wordt gelezen: erkende of erkend geachte werkplaats.

Artikel 4.22 is van overeenkomstige toepassing op degene die voornemens is gehakt vlees als bedoeld in artikel 9.4 bedrijfsmatig te verkrijgen.

In deze afdeling wordt onder vleesbereidingen verstaan: vleesbereidingen van kippen, kalkoenen, parelhoenders, eenden, ganzen, gekweekt of vrij vederwild, klein vrij wild en gekweekte konijnen en hazen.

In afwijking van artikel 10.9, eerste lid, aanhef en onderdeel a, mag een partij vleesbereidingen als bedoeld in artikel 10.4 die afkomstig is uit Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië of Slowakije en vóór 1 mei 2004 is verkregen in een inrichting die erkend was voor uitvoer naar de Europese Gemeenschap, tot en met 30 april 2005 voorzien zijn van het keurmerk, bedoeld in artikel 3, onderdeel a, van beschikking 2004/280/EG, mits het certificaat of document dat de partij vergezelt, door de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst is voorzien van de verklaring: ‘Vóór 1 mei 2004 geproduceerd overeenkomstig Beschikking 2004/280/EG van de Commissie.’

Vervallen

Vervallen

De exploitant of de eigenaar, dan wel diens vertegenwoordiger van een op grond van artikel 10.13 erkende of erkend geachte werkplaats draagt er zorg voor dat in de werkplaats:

Vleesbereidingen die voor menselijke consumptie ongeschikt zijn verklaard of anderszins niet geschikt worden bevonden voor menselijke consumptie, worden onder toezicht van de keuringsdierenarts of diens assistent onbruikbaar gemaakt voor menselijke consumptie en behandeld overeenkomstig de bij of krachtens de Destructiewet of de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren ter implementatie van richtlijn 90/667/EEG aan de verwerking van dergelijk materiaal gestelde regelen.

Artikel 4.21 is van overeenkomstige toepassing op het laten vervaardigen en het in voorraad hebben van de in dit hoofdstuk genoemde merken en het voorhanden hebben van stempels en andere werktuigen waarmee deze merken kunnen worden vervaardigd of aangebracht, met dien verstande dat voor ‘erkende inrichting’ in artikel 4.21, tweede lid, wordt gelezen: erkende of erkend geachte werkplaats.

Artikel 4.22 is van overeenkomstige toepassing op degene die voornemens is vleesbereidingen als bedoeld in artikel 10.4 bedrijfsmatig te verkrijgen.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

handelsdocument:

document waarop de aard van het product, de naam en, voorzover van toepassing, het erkenningsnummer van de geregistreerde inrichting, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van richtlijn 92/118/EEG, zijn vermeld;

lid-staat:

lid-staat, alsmede Noorwegen;

derde land:

land, niet zijnde Nederland of een andere lid-staat van de Europese Unie, en niet zijnde Noorwegen.

Het bewijsstuk, onderscheidenlijk de bewijsstukken, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, onderdeel e, is, onderscheidenlijk zijn:

Vervallen

Tenzij in de in artikel 11.5 bedoelde voorschriften van bijlage I van richtlijn 92/118/EEG anders is bepaald, zijn de in artikel 11.2 genoemde overige dierlijke producten afkomstig uit een inrichting als bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdelen a en b, van richtlijn 92/118/EEG, die door de minister overeenkomstig artikel 11.6 is geregistreerd, terwijl die inschrijving niet is getroffen door een beslissing als bedoeld in artikel 11.6, derde lid.

Indien het een in artikel 11.2 genoemde partij betreft, is, voor zover van toepassing, voldaan aan de in bijlage II, hoofdstuk 2, 3 en 4, van richtlijn 92/118/EEG vastgestelde voorschriften of aan de bij beschikking van de Commissie van de Europese Gemeenschappen of de Raad van de Europese Unie overeenkomstig hoofdstuk 2 van bijlage II van richtlijn 92/118/EEG voor het intra-communautaire handelsverkeer in deze producten vastgestelde voorschriften, voorzover deze veterinairrechtelijk van aard zijn.

De in artikel 11.2 genoemde overige dierlijke producten die zijn verzonden vanuit een lid-staat en zijn bestemd voor Nederland of een lid-staat, gaan vergezeld van het voor de desbetreffende productsoort in artikel 11.2 genoemde handelsdocument of certificaat en voldoen aan hetgeen omtrent het intracommunautaire handelsverkeer in de desbetreffende productsoort is bepaald in richtlijn 92/118/EEG.

In afwijking van artikel 11.7 mogen in artikel 11.2 genoemde overige dierlijke producten die afkomstig zijn uit Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië of Slowakije en vóór 1 mei 2004 zijn verkregen in een inrichting die erkend was voor uitvoer naar de Europese Gemeenschap, tot en met 30 april 2005 voorzien zijn van het keurmerk, bedoeld in artikel 3, onderdeel a, van beschikking 2004/280/EG, mits het certificaat of document dat de producten vergezelt, door de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst is voorzien van de verklaring: ‘Vóór 1 mei 2004 geproduceerd overeenkomstig Beschikking 2004/280/EG van de Commissie.’

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Zolang de voorschriften voor de invoer uit derde landen voor een bepaalde produktsoort niet of slechts gedeeltelijk ingevolge de regelgeving van de Europese Gemeenschap zijn vastgesteld en in werking getreden, voldoet een partij van deze produkten die is bestemd voor een lid-staat, aan de voorschriften van de lid-staat van bestemming.

Vervallen

Vervallen

Wijzigt de Regeling keuring en handelsverkeer vleesprodukten 1993.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

In afwijking van hetgeen in deze regeling is bepaald omtrent het aanbrengen van het merk met de letters ‘GOEDGEKEURD’, is het in bedrijven waar op de datum van inwerkingtreding van deze regeling gebruik werd gemaakt van het merk met de letters ‘GEZIEN’, tot één jaar na bedoelde datum toegestaan van laatstgenoemd merk gebruik te blijven maken, met inachtneming evenwel van de voorschriften die ten aanzien van het in deze regeling genoemde merk met de letters ‘GOEDGEKEURD’ zijn gesteld.

Deze regeling berust mede op de artikelen 68, 70 en 71 van de Veewet.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling keuring en handel dierlijke produkten.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.