Ministeriële regeling · BWBR0017252

Regeling Wet kinderopvang

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 28 september 2004, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/KO/2004/65638, houdende nadere regels ter zake van enkele in de Wet kinderopvang geregelde onderwerpen (Regeling Wet kinderopvang)Regeling Wet kinderopvangDe Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op de artikelen 24, 30, 35, vierde lid, 45, tweede lid, 46, vierde lid, 48, vijfde en negende lid, onderdeel a, 53, 56, tweede lid, 62, eerste lid, 67, tweede lid, van de Wet kinderopvang;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag28 september 2004De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A.J. de Geus

In deze regeling wordt verstaan onder:

Voor de datum, bedoeld in de eerste volzin van artikel 5.3, eerste lid, van de Regeling SUWI verstrekt de Sociale verzekeringsbank aan de minister in het jaarplan met begroting, bedoeld in artikel 46 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, een opgave van het totaalbedrag aan de voor het komende kalenderjaar geraamde baten en lasten met betrekking tot de kinderopvangtoeslag buitenland, uitgesplitst naar uitkeringslasten per maand en uitvoeringskosten per kalenderjaar.

De systeembeschrijving, bedoeld in artikel 4, vijfde lid, van het Besluit registers, wordt vastgesteld overeenkomstig de bij deze regeling behorende bijlage 1.

De Dienst Uitvoering Onderwijs wordt aangewezen als verwerker in de zin van artikel 4 van het Besluit registers.

De houder van een kindercentrum beschikt over een kopie van een bewijsstuk waaruit blijkt dat de Duits-, Engels- of Franssprekende beroepskracht meertalige kinderopvang:

De houder van een kindercentrum beschikt over een bewijsstuk waaruit blijkt dat de Duits-, Engels- of Franssprekende beroepskracht meertalige kinderopvang:

De gastouder toont aan dat is voldaan aan de eis om ten minste zeven uur per jaar aan permanente educatie te volgen die aansluit op de werkzaamheden binnen de gastouderopvang, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder b, van het Besluit kwaliteit kinderopvang.

De opleidingen die voor beroepskrachten voorschoolse educatie worden genoemd in de meest recent aangevangen collectieve arbeidsovereenkomst Kinderopvang voor Kindercentra en Gastouderbureaus worden aangewezen als opleidingen als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.

Een houder van een gastouderbureau geleidt de betalingen van vraagouders aan gastouders niet door zolang de termijn, bedoeld in 1.47b, vierde lid, van de wet van toepassing is. Binnen deze termijn vinden er geen contante betalingen plaats tussen vraagouder en gastouder.

In de schriftelijke overeenkomst, bedoeld in artikel 1.56, vierde lid, van de wet, geeft het gastouderbureau de vraagouder inzicht in de uitvoeringskosten en de kosten van gastouderopvang.

Vervallen

Vervallen

In de schriftelijke overeenkomst, bedoeld in artikel 1.56, vierde lid, van de wet, wordt het unieke registratienummer van de gastouder opgenomen.

De ouder betaalt periodiek de kosten voor kinderopvang uiterlijk binnen zes kalendermaanden na afloop van het tijdvak waarover de kosten op grond van de overeenkomst worden berekend.

Vervallen

De houder van een kindercentrum of een gastouderbureau stelt jaarlijks vanaf het kalenderjaar 2017 het verslag, bedoeld in artikel 1.57b, vierde lid, van de wet op, dat betrekking heeft op het voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 11h zoals dat luidde de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I van de Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 21 augustus 2017 tot wijziging van diverse regelingen in verband met de harmonisatie van de regelgeving met betrekking tot kindercentra en peuterspeelzalen (Stcrt. 2017, 49281) blijft van toepassing op het verslag dat ziet op het kalenderjaar voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I van genoemde regeling.

Vervallen

Vervallen

Bij de beoordeling van een aanvraag tot gelijkstelling als bedoeld in artikel 1.48, eerste en tweede lid, van de wet worden de in bijlage 2 genoemde criteria en bewijsstukken, bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel h, van het Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang gebruikt.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De verplichting tot het afronden van een pedagogische module, bedoeld in artikel 10, tweede lid, geldt niet ten aanzien van een gastouder:

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De Regeling Wet kinderopvang treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet kinderopvang in werking treedt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Wet kinderopvang.

Het landelijk register kinderopvang is in de uitvoering gerealiseerd en bijeengebracht onder de naam Landelijk Register Kinderopvang (LRK). Het LRK is een centrale, door Dienst Uitvoering Onderwijs (hierna: DUO) beheerde, elektronische database die door een webapplicatie ter beschikking is gesteld aan alle gemeenten, die op basis van door DUO verstrekte autorisaties bevoegd zijn gegevens in het systeem in te voeren, te wijzigen of te verwijderen (via het zogenoemde Overheidsportaal). Gekoppeld aan dit Overheidsportaal is er een inkijkfunctie in de Basisregistratie personen (hierna: Brp), waarmee de gegevens van de aanvrager door de gemeenten te controleren zijn.1

Tevens is aan het LRK een toezichts- en handhavingssysteem gekoppeld: de Gemeenschappelijke Inspectieruimte (GIR). Deze GIR is via het Overheidsportaal toegankelijk voor GGD’en en gemeenten en wordt gebruikt om toezicht en handhaving te faciliteren: toezichtsgegevens kunnen makkelijk in het systeem worden vastgelegd en inspectierapporten en handhavingsbrieven kunnen worden gegenereerd. Tevens kan gemakkelijk informatie worden uitgewisseld tussen GGD en gemeente. De GIR wordt ook gebruikt bij het genereren van de jaarverantwoording door gemeenten aan de Inspectie van het Onderwijs (de tweedelijns toezichthouder).

Het LRK staat in verbinding met het toeslagensysteem van de Dienst Toeslagen, die het LRK gebruikt bij de toekenning van de kinderopvangtoeslag.

Het openbare deel van de gegevens in het LRK is via een website voor iedereen in te zien (het Publieksportaal). In het Publieksportaal kan op diverse manieren gezocht worden naar kinderopvangvoorzieningen en wordt allerlei informatie over de voorzieningen en de houders zichtbaar gemaakt. Deze informatie kan via internet ook in de vorm van een spreadsheet door iedereen worden gedownload via Open data Rijksoverheid.

Het proces rond het systeemcomplex werkt als volgt:

DUO zorgt in opdracht van de minister voor het beheer en de verdere ontwikkeling van het systeemcomplex LRK/GIR. In een jaarlijks contract met daarbij een Dienstverleningsovereenkomst en een Service Level Agreement wordt vastgelegd welke werkzaamheden DUO dient uit te voeren en welke doelen bereikt moeten worden. Iedere maand wordt door DUO gerapporteerd over het Service level en ieder kwartaal vindt op directeursniveau overleg plaats over de voortgang en het niveau van de dienstverlening.

Er is minstens eenmaal per maand overleg tussen de ketenpartners (DUO, SZW, ICT Uitvoeringsorganisatie, Vereniging Nederlandse Gemeenten (hierna: VNG), GGD Nederland, Dienst Toeslagen, Inspectie van het Onderwijs) over de voortgang en over vraagstukken in de uitvoering. Tevens is er maandelijks een Change Advisory Board (hierna: CAB), met daarin voornoemde partijen, die systeemwijzigingsvoorstellen prioriteert en de opdrachtgever adviseert over de doorontwikkeling van het systeem. In principe is er een halfjaarlijkse nieuwe release, waarin eventuele wijzigingen in beleid en regelgeving en gebruikerswensen zijn verwerkt.

VNG, GGD Nederland en DUO hebben veelvuldig overleg met gebruikers van het systeem. Eventuele gewenste wijzigingen kunnen via een wijzigingsvoorstel worden ingebracht in het CAB, dat daar vervolgens over adviseert. De hele procedure van het indienen van een wijzigingsvoorstel tot de uiteindelijke wijziging van het systeem is in een beschrijving vastgelegd en maakt onderdeel uit van de Dienstverleningsovereenkomst.

DUO zorgt voor een helpdesk en een nieuwsbrief aan gebruikers en gaat met regiomanagers het land in om bij gemeenten en GGD’en de vinger aan de pols te houden en problemen voor te zijn of op te lossen. Ook zorgt DUO voor instructies en korte cursussen in het werken met het LRK en de GIR.

Het beheer van het register buitenlandse kinderopvang wordt ondergebracht bij de Helpdesk Kinderopvang van DUO. Omdat door het afschaffen van de gelijkgestelde categorieën kinderopvang het aantal aanvragen tot inschrijving in het register buitenlandse kinderopvang zal toenemen, wordt ter ondersteuning van de uitvoering een compacte applicatie ingericht waarin de aanvragen en de daaruit volgende registraties worden bijgehouden. In deze applicatie wordt onder meer bijgehouden wat de status van een aanvraag is, en of en zo ja, welke brieven en beschikkingen er zijn verstuurd. Bij elke registratie wordt een identificerend nummer gegenereerd dat onder andere gebruikt wordt in de communicatie met de Dienst Toeslagen en dat ook gebruikt kan worden om gearchiveerde bewijsstukken op te vragen uit het digitaal archief van DUO.

De binnenkomende aanvragen en bewijsstukken worden in eerste instantie verzameld en handmatig verwerkt. Dit wordt onder andere zo gedaan omdat het belangrijk is de bewijsstukken fysiek te kunnen beoordelen. Nadat een beschikking is afgegeven wordt het dossier als één geheel gescand en zowel fysiek als digitaal gearchiveerd.

De regelgeving is verwerkt in werkinstructies aan de hand waarvan de Helpdesk Kinderopvang werkt. Naarmate de regeling tot meer landen wordt uitgebreid zullen ook daarvoor werkinstructies worden opgesteld.

Rond eind 2014/begin 2015 zal worden aangesloten op de bestaande koppeling tussen het LRK en de Dienst Toeslagen. De gegevens van de geregistreerde buitenlandse kinderopvanginstellingen zullen dan via een automatische koppeling worden doorgegeven naar de Dienst Toeslagen. In principe wordt aangesloten op de bestaande koppeling, maar dat gebeurt zodanig dat de berichten onderscheiden kunnen worden van de berichten die betrekking hebben op het LRK, zodat de beide stromen van elkaar gescheiden blijven. Alleen de medewerkers van de Helpdesk Kinderopvang hebben toegang tot de beheerfunctionaliteit van het register buitenlandse kinderopvang.

OPLEIDINGEN DIE ZELFSTANDIG KWALIFICEREN

MBO niveau 3 en 4

Gespecialiseerd pedagogisch medewerker;

Gespecialiseerd pedagogisch medewerker 4 kinderopvang;

Leidster kindercentra (niet van OVDB);

Leidster Kindercentra landelijke stg. OVDB;

Leidster Kindercentra van de OVDB of onder de WEB;

Medewerker kinderopvang, onderwijs en bewegen;

Onderwijsassistent;

Onderwijsassistent PO/SO (primair onderwijs/speciaal onderwijs);

Pedagogisch medewerker 3 kinderopvang;

Pedagogisch medewerker 4 jeugdzorg;

Pedagogisch medewerker 4 kinderopvang;

Pedagogisch medewerker Kinderopvang;

Pedagogisch werker;

Pedagogisch werker 3;

Pedagogisch Werker 3 Kinderopvang;

Pedagogisch Werker 4 Jeugdzorg;

Pedagogisch Werker 4 Kinderopvang;

Pedagogisch Werker Jeugdzorg – niveau 4;

Pedagogisch Werker kinderopvang;

Pedagogisch Werker niveau 3;

Pedagogisch Werker niveau 4;

Pedagogisch werker niveau 4 Jeugdzorg;

Sociaal Pedagogisch Medewerker (SPW; lang of onder WEB);

Sociaal Pedagogisch Werk Kinderopvang MBO niveau 3;

Sociaal Pedagogisch Werker;

Sociaal Pedagogisch Werker (SPW; lang of onder WEB);

Sociaal Pedagogisch Werker 3 (SPW-3);

Sociaal Pedagogisch Werker 4 (SPW4);

SPW lang; en

Vakopleiding Leidster kindercentra (conform de WEB).

HBO en WO

3e jaar deeltijd volgend Sociaal Pedagogisch Hulpverlener (SPH);

Associate Degree Childcare;

Associate Degree Jeugdwerker;

Associate Degree Kinderopvang;

Associate Degree Pedagogical Educational Assistant;

Associate Degree Pedagogisch Educatief Medewerker;

Associate Degree Pedagogisch Educatief Professional;

Associate Degree Pedagogisch Professional Kind en Educatie;

Associate Degree Sociaal Werk, met keuzemodule Opvoeden in brede context;

Associate Degree Sociaal Werk, met keuzemodule Pedagogiek;

Creatieve therapie (geen Mikojel: Middeloo, Kopse Hof, Jelburg of Sittard);

Hoger Beroepsonderwijs Bekwaamheidsonderzoek interim-wet zij-instroom primair onderwijs;

Kunstzinnige therapie;

Leraar basisonderwijs (aan Hogeschool, PABO of IPABO);

Leraar speciaal onderwijs;

Overgangsbewijs naar laatste jaar pedagogische academie;

Pedagogiek (HBO-bachelor);

Pedagogisch Management Kind en Educatie;

Pedagogisch management Kinderopvang;

Pedagogische Academie;

Psychologie (hbo), met specialisatie gericht op kinderen, jeugd en/of onderwijs;

Sociaal kunstzinnige therapie;

Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH);

Social Educational Care;

Social Work, programma Social Educational Care;

Social Work/Sociaal Werk, afstudeerrichting/profiel Sociaal Pedagoog;

Social Work/Sociaal Werk, profiel Jeugd of Jeugdzorgwerker;

Toegepaste Psychologie, met specialisatie gericht op kinderen, jeugd en/of onderwijs;

Vaktherapie (hbo); en

Zij-instroom in het Beroep Leraar Primair Onderwijs.

OPLEIDINGEN DIE KWALIFICEREN MET AANVULLENDE PEDAGOGISCHE MODULE

MBO niveau 2

Helpende breed 2;

Helpende sociaal agogisch werk 2;

Helpende welzijn 2; en

Helpende Zorg en Welzijn 2; en

Verzorgingsassistent(e).

MBO niveau 3 en 4

A verpleegkundige;

A-Verpleegkundige;

A-verpleegster;

A-verpleger;

Activiteitenbegeleider (AB);

Activiteitenbegeleiding (AB);

Agogisch Werk (AW);

Agogisch Werk/Cultureel Werk (AW/CW);

Agogisch Werk/Residentieel Werk (AW/RW);

Akte hoofdleidster kleuteronderwijs als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte Kleuterleidster A als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte Kleuterleidster B als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als hoofdleidster bij het kleuteronderwijs als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als leidster aan kleuterscholen als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als leidster bij het kleuteronderwijs als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Arbeidstherapie (AT);

B Verpleegkundige;

B-Verpleegkundige;

B-verpleger;

CIOS algemeen sportleider/ster;

Coördinator buurt, onderwijs en sport;

Cultureel Werk (CW);

Diploma A (ziekenverpleging);

Diploma MHNO kinderverzorgster voor het jonge kind;

Extramurale gezondheidszorg (EMGZ);

Getuigschrift A (ziekenverpleging);

Getuigschrift B (ziekenverpleging);

Inrichtingswerk (IW);

Kinderbescherming A;

Kinderbescherming B;

Kinderverzorging en opvoeding;

Kinderverzorging/Jeugdverzorging (KV/JV);

Kinderverzorging/Jeugdverzorging 2 (KV/JV 2);

Kinderverzorging/Jeugdverzorging 3 (KV/JV 3);

Kinderverzorgster (KV);

Kinderverzorgster van de centrale raad voor de kinderuitzending;

Kleuterzorg (Federatie van medische kleuterdagverblijven in Nederland);

Kleuterzorg, medisch kleuterdagverblijf Arnhem;

Kultureel werk (KW);

Maatschappelijke zorg (medewerker gehandicaptenzorg);

Medewerker Gehandicaptenzorg niveau 3;

Medewerker gehandicaptenzorg niveau 4;

Medewerker maatschappelijke zorg;

Persoonlijk begeleider gehandicaptenzorg niveau 4;

Residentieel Werk (RW);

Sociaal Agogisch 2;

Sociaal Agogisch II;

Sociaal Agogisch II (MBO-SA II) afstudeerrichting Kultureelwerk;

Sociaal Cultureel Werk;

Sociaal Dienstverlener (SD);

Sociaal-agogisch II richting (MBO SA II) (semi) residentiële hulpverlening;

Sociaal-Cultureel Werker (SCW);

Sociale Arbeid (SA, SA2 of SAII);

Sociale Arbeid/Sociaal Dienstverlener (SA/SD);

Sociale Dienstverlening (SD, SA, SA1 of SAI);

Sport en Bewegen (niveau 3 en 4);

Sport- en bewegingscoördinator;

Sport- en bewegingscoördinator (niveau 4);

Sport- en bewegingsleider (niveau 3);

Verdere Scholing in Dienstverband (VSID) richting kinderdagverblijven;

Verpleegkunde;

Verpleegkunde A;

Verpleegkunde B;

Verpleegkunde Z;

Verpleegkundige;

Verpleegkundige Z;

Verplegende (VP);

Verpleging (VP);

Verpleging A;

Verpleging B;

Verzorgende (VZ niveau 3 of VZ lang);

Verzorgende beroepen (VZ);

Verzorgende Individuele Gezondheidszorg (VIG);

Verzorging (VZ);

Z Verpleegkundige;

Z-Verpleegkundige; en

Zwakzinnigenzorg.

HBO en WO

3e jaar deeltijd volgend Cultureel Maatschappelijke vorming (CMV);

3e jaar deeltijd volgend Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD);

Akte Lager onderwijs zonder hoofdakte (oude kweekschoolopleiding) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte Muziekonderwijs A Algemene Muzikale Vorming als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als hoofdonderwijzer(es) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als leidster of hoofdleidster bij het kleuteronderwijs als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als onderwijzer(es) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid als volledig bevoegd onderwijzer(es) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid N XI als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid NXX (volgens de Wet op het voortgezet onderwijs) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van bekwaamheid tot het geven van middelbaar onderwijs in de lichamelijke oefening als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van Bekwaamheid van de tweede graad tot het geven van voortgezet onderwijs in Textiele Werkvormen alsmede in (een ander vak) als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van Bekwaamheid voor het geven van Lager Onderwijs in het vak Lichamelijke Oefening als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Akte van Bekwaamheid voor het geven van Lager Onderwijs in het vak Nuttige Handwerken voor Meisjes als bedoeld in bijlage I bij de Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. zoals deze luidde op 31 juli 2006;

Aktiviteitenleidersopleiding (van Mikojel: Middeloo, Kopse Hof, Jelburg of Sittard);

Applicatiecursus leraar basisonderwijs (als vervolg op en in combinatie met kleuterakte A/B);

Applicatiecursus volledig bevoegd onderwijzer(es);

Associate Degree Onderwijsondersteuner Omgangskunde;

Bachelor of Nursing;

Creatieve therapie (van Mikojel: Middeloo, Kopse Hof, Jelburg of Sittard);

Cultureel Werk (CW);

Culturele en Maatschappelijke vorming (CMV);

Docent Beeldende Kunst en Vormgeving;

Docent Dans;

Docent Drama;

Docent Mime;

Docerend musicus;

Educatieve therapie (van Mikojel: Middeloo, Kopse Hof, Jelburg of Sittard);

Extramurale gezondheidszorg (EMGZ);

Hogere Beroepsopleiding voor Verpleegkundigen;

Hogere sociaal-pedagogische opleiding van leider(st)s op het terrein van jeugdvorming en volksontwikkeling (van Middeloo, Kopse Hof, Jelburg of Sittard);

Hoofdonderwijzer;

Inrichtingswerk (IW);

Jeugdwelzijnswerk;

Kinderverzorging en kinderopvoeding;

Kinderverzorging en opvoeding;

Kreatief Educatief Werk;

Kunstzinnig vormende opleiding op HBO-niveau (docentenrichting binnenkunstonderwijs of kunstzinnige richting binnen lerarenopleiding);

Leraar lichamelijke oefening (ALO);

Leraar lichamelijke opvoeding (b1);

Leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in lichamelijke oefening;

Leraar voortgezet Onderwijs van eerste graad in handvaardigheid;

Leraar voortgezet onderwijs van eerste graad in tekenen;

Lerarenopleiding Omgangskunde;

Lerarenopleiding Verzorging/Gezondheidskunde;

Lerarenopleiding Verzorging/Huishoudkunde;

Maatschappelijk Werk (MW);

Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD);

Pedagogiek MO-A of kandidaatsexamen Pedagogiek;

Sport en Bewegen;

Sport- en bewegingseducatie (b1); en

Verpleegkunde.

AANVULLENDE PEDAGOGISCHE MODULES

Keuzedelen (vermeld op de resultatenlijst bij een mbo-diploma of uitgereikt als mbo-certificaat):

K1167 Werken met kinderen in de gastouderopvang; en

K1416 Ondersteuning in de kinderopvang.

Beroepsgerichte onderdelen van de mbo-3 opleiding Pedagogisch Medewerker, uitgereikt als mbo-certificaat:

C0125 Pedagogisch klimaat in de kinderopvang; en

C0123 Ontwikkeling en spelen stimuleren in de kinderopvang.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen