Regeling · BWBR0022829
Besluit burgerservicenummer
Op de voordracht van Onze Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties van 17 oktober 2006, nr. 2006-0000339264, CS/CZW;
Gelet op de artikelen 3, tweede lid, 4, 6, 8, vijfde lid, 16, 18, derde lid, en 21, vierde lid, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer en de artikelen 5, 6, eerste lid, 34, vierde lid, 35, achtste lid, 59, tweede lid, 91, 99 en 114, vijfde lid, van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;
De Raad van State gehoord (advies van 15 november 2006, nr. W04.06.0456/I);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 15 oktober 2007, nr. 2007-0000370830, STAF/CZW/WVOB;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage30 oktober 2007BeatrixDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A. Th. B.Bijleveld-Schoutende vijftiende november 2007De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch BallinIn dit besluit wordt verstaan onder:
- a.
- b.
systeembeschrijving: de systeembeschrijving, bedoeld in artikel 2;
- c.
geautomatiseerde systeem van het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege: het geautomatiseerde systeem waarmee het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege uitvoering geeft aan het bepaalde in en krachtens artikel 8, vijfde en zesde lid, en artikel 22, tweede lid, in samenhang met artikel 8, vijfde en zesde lid, van de wet;
- d.
geautomatiseerde systeem van de gebruiker: het geautomatiseerde systeem waarmee de gebruiker uitvoering geeft aan de regels, bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de wet.
Bij ministeriële regeling wordt een systeembeschrijving vastgesteld.
De systeembeschrijving bevat een beschrijving van:
- a.
de hoofdlijnen van de inrichting van de beheervoorziening;
- b.
de wijze waarop nummers worden aangemaakt en ter beschikking gesteld aan het college van burgemeester en wethouders of het bestuurscollege, onderscheidenlijk Onze Minister, teneinde als burgerservicenummer te worden toegekend;
- c.
de wijze waarop gegevens in het nummerregister worden opgenomen;
- d.
de gevallen waarin en de wijze waarop gegevens in het nummerregister worden gewijzigd of uit het nummerregister worden verwijderd;
- e.
de uitwisseling van gegevens, die verband houdt met de bijhouding van het nummerregister;
- f.
de inrichting en de werking van de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder c en d, van de wet, met inbegrip van de gegevens die worden uitgewisseld tussen de beheervoorziening en de registraties, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, van de wet, en de wijze waarop die gegevensuitwisselingen plaatsvinden;
- g.
de wijze waarop de beheervoorziening het geautomatiseerde systeem van een gebruiker of van een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege in staat stelt, aan te sluiten op de beheervoorziening, alsmede van de beveiliging van de aansluiting op de beheervoorziening;
- h.
de gevallen waarin en de wijze waarop aantekening wordt gehouden van het gebruik dat van de beheervoorziening wordt gemaakt;
- i.
de hoofdlijnen van het beheer van de beheervoorziening.
Onze Minister draagt zorg dat de beheervoorziening functioneert op een wijze die overeenstemt met de systeembeschrijving.
Onze Minister draagt zorg voor de nodige maatregelen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van de in het nummerregister opgenomen gegevens tegen verlies of aantasting van deze gegevens en tegen onbevoegde kennisneming, opneming, wijziging, verwijdering of verstrekking van deze gegevens.
Onze Minister draagt zorg voor de nodige maatregelen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van de beheervoorziening tegen onbevoegd gebruik en belemmering van de goede werking van de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet.
De maatregelen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, hebben ten minste betrekking op:
- a.
de personen die werkzaam zijn voor Onze Minister;
- b.
de toegang tot de beheervoorziening, met inbegrip van de verbindingen met de beheervoorziening;
- c.
de toegang tot gebouwen en ruimten waar de beheervoorziening of onderdelen daarvan aanwezig zijn;
- d.
de apparatuur en de programmatuur van de beheervoorziening;
- e.
de gegevens en het beheer van de gegevens die in de beheervoorziening zijn opgenomen;
- f.
het geval dat de geheimhouding van de in het nummerregister opgenomen gegevens is geschaad;
- g.
het voorkomen van calamiteiten en het afhandelen daarvan.
Het nummerregister bevat met betrekking tot de nummers die daarin zijn opgenomen de administratieve gegevens die zijn vermeld in bijlage 1 bij dit besluit.
Vervallen
Een gebruiker die is aangesloten op de beheervoorziening draagt er zorg voor dat de verbinding van zijn geautomatiseerde systeem met de beheervoorziening en de uitwisseling van gegevens tussen zijn geautomatiseerde systeem en de beheervoorziening functioneren op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
De verantwoordelijke voor een registratie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, van de wet draagt er zorg voor dat zijn geautomatiseerde systeem ten behoeve van de uitwisseling van gegevens tussen hem en Onze Minister functioneert op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
Een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege draagt er zorg voor dat zijn geautomatiseerde systeem ten behoeve van de uitwisseling van gegevens tussen het college en Onze Minister in verband met de toekenning van burgerservicenummers functioneert op een wijze die overeenstemt met hetgeen daarover in de systeembeschrijving is vastgelegd.
Onze Minister deelt desgevraagd aan een college van burgemeester en wethouders of een bestuurscollege in verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet mede of een door het college opgegeven nummer een burgerservicenummer is.
In verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet verstrekt Onze Minister aan het bestuursorgaan dat het burgerservicenummer toekent op verzoek de gegevens die zijn vermeld in bijlage 2.
Uit de basisregistratie personen worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het eerste lid.
In verband met de uitvoering van artikel 8 of artikel 22 van de wet verstrekt Onze Minister aan het bestuursorgaan dat het burgerservicenummer toekent op verzoek over een Nederlands document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1°, 2° of 4°, van de Wet op de identificatieplicht, met behulp waarvan een persoon zich identificeert:
- a.
de mededeling of ten aanzien van het desbetreffende document is geregistreerd dat het niet in het verkeer behoort te zijn, dan wel
- b.
een ander gegeven waaruit de geldigheid of ongeldigheid van het document kan worden afgeleid.
Uit het basisregister reisdocumenten, bedoeld in artikel 4a van de Paspoortwet, het register betreffende de afgifte van rijbewijzen, bedoeld in artikel 126 van de Wegenverkeerswet 1994, en door Onze Minister van Justitie en Veiligheid worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het eerste lid.
Onze Minister deelt op verzoek van een gebruiker in verband met de uitvoering van artikel 14 van de wet mede of het door de gebruiker opgegeven nummer een burgerservicenummer is.
Aan een gebruiker worden op verzoek in verband met de uitvoering van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de wet de gegevens verstrekt, die zijn vermeld in bijlage 3.
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden verstrekt door Onze Minister, indien de gebruiker bij zijn verzoek gebruik maakt van de beheervoorziening.
Uit de basisregistratie personen worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het tweede lid.
Aan een gebruiker wordt op verzoek in verband met de uitvoering van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de wet medegedeeld:
- a.
of ten aanzien van het desbetreffende document is geregistreerd dat het niet in het verkeer behoort te zijn, dan wel
- b.
een ander gegeven waaruit de geldigheid of ongeldigheid van het document kan worden afgeleid.
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, worden verstrekt door Onze Minister, indien de gebruiker bij zijn verzoek gebruik maakt van de beheervoorziening.
Uit het basisregister reisdocumenten, bedoeld in artikel 4a van de Paspoortwet, het register betreffende de afgifte van rijbewijzen, bedoeld in artikel 126 van de Wegenverkeerswet 1994, en door Onze Minister van Justitie en Veiligheid worden aan Onze Minister de gegevens verstrekt, die hij nodig heeft in verband met de uitvoering van het tweede lid.
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop de inlichtingen, bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, worden verstrekt.
Het onderzoek, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de wet, leidt tot een oordeel over:
- a.
de volledigheid, begrijpelijkheid en juistheid van de beschrijving van de inrichting, werking en beveiliging van de beheervoorziening, gelet op de geldende regelgeving;
- b.
de mate waarin de beheervoorziening functioneert overeenkomstig de onder a bedoelde beschrijving.
Wijzigt het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
Wijzigt het Wijzigingsbesluit Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (invoering verstrekkingsvoorziening).
Het Besluit burgerservicenummer treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, met uitzondering van artikel 19, aanhef en onder 1, dat in werking treedt met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het Besluit burgerservicenummer wordt geplaatst. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 november 2007, treedt artikel 19, aanhef en onder 1, in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het besluit wordt geplaatst en werkt het terug tot en met 2 november 2007.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit burgerservicenummer.
In het nummerregister worden over de daarin opgenomen nummers de volgende administratieve gegevens opgenomen:
- a.
de datum waarop het nummer is aangemaakt;
- b.
de status van het nummer;
- c.
het orgaan waaraan het nummer ter beschikking is gesteld;
- d.
de datum waarop het nummer ter beschikking is gesteld;
- e.
het orgaan dat het nummer heeft toegekend;
- f.
de datum waarop het nummer is toegekend;
- g.
het orgaan dat het nummer uit het verkeer heeft genomen;
- h.
de datum waarop het nummer uit het verkeer is genomen;
- i.
het type registratie waarin gegevens omtrent het nummer zijn opgenomen.
Gegevens met behulp waarvan kan worden vastgesteld of aan een persoon reeds een burgerservicenummer is toegekend, en zo ja, welk nummer aan de betrokken persoon is toegekend
- a.
het burgerservicenummer;
- b.
geslachtsnaam;
- c.
voornamen;
- d.
adellijke titel of predikaat;
- e.
geboortedatum;
- f.
geboorteplaats;
- g.
geboorteland of -gebied;
- h.
geslacht;
- i.
nationaliteit of nationaliteiten, dan wel een aanduiding dat de betrokkene geen nationaliteit bezit, een aanduiding dat de nationaliteit van de betrokkene niet kan worden vastgesteld, de aantekening dat op grond van artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap is vastgesteld dat de betrokkene niet de Nederlandse nationaliteit bezit, of de aantekening dat de betrokkene op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander behandeld wordt;
- j.
overlijdensdatum;
- k.
omschrijving reden opschorting;
- l.
aantekening omtrent beperking van de verstrekking van gegevens aan derden op grond van artikel 2.59, artikel 2.81, tweede lid, of artikel 2.84, eerste lid, onderdeel b, onder 3o, van de Wet basisregistratie personen;
- m.
bijhoudingsgemeente;
- n.
adresgegevens;
- o.
vorig land of gebied van verblijf;
- p.
datum vertrek uit Nederland;
- q.
aanduiding gegevens in onderzoek;
- r.
datum ingang onderzoek;
- s.
orgaan waarvan de gegevens zijn betrokken;
- t.
aanduiding van de mate waarin de gegevens overeenkomen met de gevraagde gegevens.
De gegevens die aan een gebruiker worden verstrekt ter beantwoording van
- 1.
de vraag of aan een bepaalde persoon een burgerservicenummer is toegekend en zo ja, welk burgerservicenummer is toegekend en
- 2.
de vraag aan welke persoon een bepaald burgerservicenummer is toegekend:
- a.
het burgerservicenummer;
- b.
geslachtsnaam;
- c.
voornamen;
- d.
adellijke titel of predicaat;
- e.
geboortedatum;
- f.
geboorteplaats;
- g.
geboorteland of -gebied;
- h.
geslacht;
- i.
overlijdensdatum;
- j.
aanduiding gegevens in onderzoek;
- k.
datum ingang onderzoek;
- l.
omschrijving reden opschorting;
- m.
aantekening omtrent beperking van de verstrekking van gegevens aan derden op grond van artikel 2.59, artikel 2.81, tweede lid, of artikel 2.84, eerste lid, onderdeel b, onder 3o, van de Wet basisregistratie personen, waarbij uitsluitend wordt aangegeven of er sprake is van een dergelijke aantekening of niet.
- *
Tenzij sprake is van een aantekening omtrent beperking van de verstrekking van gegevens aan derden als bedoeld in onderdeel m, worden voorts de volgende gegevens verstrekt:
- n.
bijhoudingsgemeente;
- o.
adresgegevens.
- n.
- a.