Ministeriële regeling · BWBR0029920

Regeling vaststelling eenmalig bedrag uitgifte kavel A7 2011

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van 26 april 2011, nr. WJZ / 11060091, houdende regels met betrekking tot het eenmalig bedrag verschuldigd door een verkrijger of houder van de vergunningen voor kavel A7 en voor frequentieruimte in band III (Regeling vaststelling eenmalig bedrag uitgifte kavel A7 2011)Regeling vaststelling eenmalig bedrag uitgifte kavel A7 2011 De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Minister van Financiën;

Gelet op artikel 3.3a, eerste lid, van de Telecommunicatiewet;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag26 april 2011De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,M.J.M.Verhagen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 4 van de Regeling vaststelling eenmalig bedrag landelijke commerciële radio-omroep 2011 is van overeenkomstige toepassing op degene die houder is van een vergunning voor digitale radio-omroep welke verleend is met toepassing van de Regeling aanvraag.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vaststelling eenmalig bedrag uitgifte kavel A7 2011.

Modelbankgarantie1dit model dient te worden gebruikt voor een bankgarantiea.voor het stellen van zekerheid in het kader van de aanvraagprocedure (i.v.m. de verplichting bedoeld in de verklaring onder I.C1 en/of I.C2) ofb.met het oog op het verkrijgen van uitstel van betaling (i.v.m. de verplichting bedoeld in de verklaring onder I.D; uitstel van betaling wordt niet verleend voor het financieel bod)c.of ten behoeve van een combinatie hiervan.Voor het financieel bod geldt de bankgarantie in beginsel voor maximaal één jaar. Bij het financieel instrument geldt de bankgarantie in beginsel maximaal 1 jaar als de aanvrager geen uitstel van betaling aanvraagt. Vraagt de aanvraag wél uitstel van betaling dan geldt de bankgarantie in beginsel voor maximaal zes jaar. De aanvrager kan al bij de aanvraag een verzoek om uitstel van betaling doen en dan zekerheid verschaffen met behulp van een bankgarantie voor in beginsel maximaal zes jaar.

..... (naam van een bank die is gevestigd in een van de lidstaten van de Europese Unie of in een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte), statutair gevestigd te ....., mede kantoorhoudende te ....., hierna te noemen: ‘de Bank’;

In aanmerking nemende: