Ministeriële regeling · BWBR0040429
Regeling informatievoorziening WVO
Gelet op artikel 2.3.6c, vierde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, artikel 164a, derde lid, van de Wet op de expertisecentra, de artikelen 58, achtste lid, 103b, derde lid, en 103d, vierde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en de artikelen 3, 4 en 4e van het Besluit informatievoorziening WVO;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,A.SlobIn deze regeling wordt verstaan onder:
accountantsverklaring: verklaring als bedoeld in artikel 6.12, tweede lid, onderdeel c, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020;
bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
BRIN: Basisregistratie Instellingen;
inspectie: Inspectie van het onderwijs;
minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
school: school die is aangewezen op grond van artikel 2.66 van de wet alsmede een uit ’s Rijks kas bekostigde school voor voortgezet onderwijs bedoeld in de wet of een school als bedoeld in artikel 14a van de Wet op de expertisecentra;
schooljaar: schooljaar als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
vakken: algemene vakken, profielvakken, beroepsgerichte keuzevakken en andere programmaonderdelen;
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Deze paragraaf berust op de artikelen 2.68, 2.69 en 6.23 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.
De opsomming van door een school te verzamelen gegevens als bedoeld in de artikelen 2.68 en 6.23 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 is opgenomen in bijlage 4.
Het bevoegd gezag levert de gegevens, bedoeld in artikel 16, op de wijze zoals beschreven in bijlage 5.
Wijzigt de Regeling gebruik gegevens bron.
De Regeling gegevenslevering onderwijsnummer VO wordt ingetrokken.
Deze regeling is gebaseerd op de artikelen 2.68, tweede lid, en 6.23, tweede en derde lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 augustus 2017.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling informatievoorziening WVO.
Vervallen
Vervallen
Vervallen
In deze bijlage worden gegevens gespecificeerd die bevoegde gezagsorganen, krachtens de artikelen 2.111 en 5.48 van de wet, verplicht zijn om aan de Minister te leveren.
Voor het bekostigen van scholen, voor toezicht en voor het maken en evalueren van beleid zijn gegevens nodig over scholen en over het bevoegd gezag van scholen.
De specificatie van de gegevens is verdeeld over de volgende onderdelen.
- 1.
gegevens over de onderwijsinstelling en samenwerkingsverband
- 2.
gegevens over onderwijspersoneel
- –
persoon
- –
arbeidsrelatie
- –
loon, toelagen en kortingen
- –
verlofgegevens
- –
WIA
- –
- 3.
Gegevens van regelingen waarvoor een aanvraag moet worden ingediend.
Voor de aanvraagprocedure geldt dat deze alleen aangeleverd hoeven te worden wanneer daar aanleiding toe is. In dat geval dient de school de gegevens via het daartoe bestemde formulier aan te leveren.
Gegevens over het bevoegd gezag, de instellingen en de samenwerkingsverbanden worden vastgelegd in de Basisregistratie Instellingen (BRIN). De registerhouder DUO geeft aan elke organisatie, die in het register wordt vastgelegd, een uniek nummer. Verder legt de registerhouder informatie vast uit beschikkingen en andere voor de werkprocessen van belang zijnde gegevens. In de registratie wordt precies vastgelegd wat o.a. in het kader van de planprocedure is goedgekeurd en in de beschikking aan het bevoegd gezag is opgenomen. Gegevens waarvoor goedkeuring is verleend kunnen niet zonder toetsingsprocedure gewijzigd worden. Andere gegevens, zoals communicatiegegevens kunnen, op aangeven van het bevoegd gezag, wel zonder toetsing worden gemuteerd.
In deze bijlage worden de elektronische aanlevering van enkele gegevens van scholen en het bevoegd gezag beschreven, die men zelf kan wijzigen zonder toetsing door het departement.
Via de website kunnen ook andere partijen informatie halen uit deze registratie.
Het gaat daarbij om een selectie van gegevens uit BRIN, met name de identificatiegegevens (BRIN-nummer) en adresgegevens.
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag, volgens de BRIN. | |
2 | Adres | De straatnaam, gevolgd door huisnummer en eventueel huisnummertoevoeging. | ||
3 | Postcode | De postcode behorende bij het adres. | ||
4 | Plaats | Naam van de woonplaats, behorende bij het vestigingsadres. | ||
5 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
2 | Adres | De straatnaam, gevolgd door huisnummer en eventueel huisnummertoevoeging. | ||
3 | Postcode | De postcode behorende bij het adres. | ||
4 | Plaats | Naam van de woonplaats, behorende bij het correspondentieadres. | ||
5 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
2 | Telefoonnummer | (N10) | Het telefoonnummer waaronder het bevoegd gezag bereikbaar is. | |
3 | Fax | (N10) | Het faxnummer waaronder het bevoegd gezag bereikbaar is. | |
4 | E-mail adres | Het adres waaronder het bevoegd gezag via het internet per elektronische post bereikbaar is. | ||
5 | Internetadres | URL waar het bevoegd gezag op internet te vinden is. | ||
6 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | Het door de Minister toegekende nummer van de school. | |
2 | Adres | De straatnaam, gevolgd door huisnummer en eventueel huisnummertoevoeging. | ||
3 | Postcode | De postcode behorende bij het adres. | ||
4 | Plaats | Naam van de woonplaats, behorende bij de straat en postcode. | ||
5 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | Het door de Minister toegekende nummer van de school. | |
2 | Telefoonnummer | (N10) | Het telefoonnummer waaronder de school bereikbaar is. | |
3 | Fax | (N10) | Het faxnummer waaronder de school bereikbaar is. | |
4 | E-mail adres | Het adres waaronder de school via het internet per elektronische post bereikbaar is. | ||
5 | Internetadres | URL waar de school op internet te vinden is. | ||
6 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer vestiging | 2 cijfers, 2 letters, 2 cijfers (A6) | Het door de Minister toegekende nummer van de vestiging. | |
2 | Adres | De straatnaam, gevolgd door huisnummer en eventueel huisnummertoevoeging. | ||
3 | Postcode | De postcode behorende bij het adres. | ||
4 | Plaats | Naam van de woonplaats, behorende bij de straat en postcode. | ||
5 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer vestiging | 2 cijfers, 2 letters, 2 cijfers (A6) | Het door de Minister gehanteerde nummer van de vestiging. | |
2 | Telefoonnummer | (N10) | Het telefoonnummer waaronder de school bereikbaar is. | |
3 | Fax | (N10) | Het faxnummer waaronder de school bereikbaar is. | |
4 | E-mail adres | Het adres waaronder de school via het internet per elektronische post bereikbaar is. | ||
5 | Internetadres | URL waar de school op internet te vinden is. | ||
6 | Ingangsdatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de mutatie ingaat of zal ingaan. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/grondslag |
1 | Organisatienummer samenwerkingsverband | (N5) | Het door de Minister toegekende nummer van het samenwerkingsverband. | |
2 | Naam coördinator | Naam van de coördinator van het samenwerkingsverband. | ||
3 | Telefoonnummer coördinator | Telefoonnummer van de coördinator van het samenwerkingsverband. | ||
4 | Organisatienummer participanten | 2 cijfers, 2 letters | De door de Minister toegekende nummers van de scholen die participeren in het samenwerkingsverband. | |
5 | Ongewijzigde samenstelling | J/N | Aanduiding dat de samenstelling van het samenwerkingsverband in het voorafgaande schooljaar niet is gewijzigd. | |
6 | Toevoeging scholen | J/N | Aanduiding dat in het voorafgaande schooljaar participanten aan het samenwerkingsverband zijn toegevoegd. | |
9 | E-mail adres | Het adres waaronder het samenwerkingsverband via het internet per elektronische post bereikbaar is. |
Gegevens over personeel worden door DUO verzameld op het niveau van arbeidsrelaties, op het niveau van de scholen en op het niveau van de bevoegde gezagsorganen. Gegevens op het niveau van de arbeidsrelaties worden vastgelegd in de database Onderwijspersoneel (OWP). Voor het beleid van OCW – en in het bijzonder het arbeidsmarktbeleid voor de sector Onderwijs – is het van belang dat landelijke ontwikkelingen kunnen worden gevolgd.
De personele gegevens hebben betrekking op:
- •
de persoon
- •
de arbeidsrelatie, de functie en betrekkingsomvang
- •
de hoogte en samenstelling van het salaris en de loonkosten
- •
de perioden van verlof
- •
gegevens met betrekking tot de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA-gegevens)
Onderscheid wordt gemaakt tussen:
- •
gegevens te leveren op het niveau van de afzonderlijke arbeidsrelaties van een individueel persoon
- •
gegevens te leveren op het niveau van de afzonderlijke scholen
- •
gegevens te leveren op het niveau van de bevoegde gezagsorganen
Gegevens te leveren op het niveau van de arbeidsrelaties
Deze gegevens worden opgenomen in OWP. De gegevens betreffen alle arbeidsrelaties die in de peilmaand bestaan tussen een persoon en een bevoegd gezag en de kenmerken van de personen die deze arbeidsrelaties hebben. Indien een persoon meer dan één arbeidsrelatie heeft met hetzelfde bevoegd gezag, dan dienen de gegevens van elke arbeidsrelatie apart te worden vermeld.
De gegevens worden per onderdeel weergegeven, maar de levering bestaat uit één geïntegreerd bestand. In overleg met DUO kan hiervan afgeweken worden zolang de gegevens uit de verschillende onderdelen eenduidig met elkaar te koppelen zijn.
Naast maandgegevens dienen ook over een kalenderjaar per persoon en arbeidsrelatie de geaggregeerde persoons- en arbeidsrelatiegegevens geleverd te worden. Het betreft de gegevens per persoon en arbeidsrelatie gesommeerd over een kalenderjaar (peiljaar).
Gegevens te leveren op het niveau van de bevoegde gezagsorganen
Elk bevoegd gezag dient gegevens te leveren over het (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt raken van personeelsleden en de instroom in de regeling Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA). De WGA is onderdeel van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). De WIA bestaat, naast de WGA bij kortdurend verzuim en bij uitzicht op herstel, uit de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) als er geen uitzicht (of zeer kleine kans) op herstel is.
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
1 | burgerservicenummer | nummer van 9 cijfers (N9) | Burgerservicenummer als bedoeld in de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer. Het burgerservicenummer dient om een persoon uniek te identificeren binnen de totale set van personele gegevens die door de gegevensleverancier wordt aangeleverd. | |
2 | code salarisadministratie | 1 cijfer (N6) | Een code die aanduidt uit welke salarisadministratie de gegevens afkomstig zijn. De codes zijn: 1 ADP 2 Raet ECS 3 Centric 4 Merces 5 Raet 6 Unit 4 7 Centric/MAGMA IT 8 Helder Onderwijs 9 Metrium 10 Vizyr 11 AFAS 12 eMerus 99 Overig | |
3 | peilmaand | JJJJMM (N6) | Jaar plus de maand in dat jaar waarop de gegevenslevering betrekking heeft. | |
4 | extractiedatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de gegevens uit een database van de leverancier zijn gehaald. | |
5 | geslacht | 1 letter (A1) | De sekse van het personeelslid, zoals vastgelegd bij de burgerlijke stand: een aanduiding die aangeeft dat de ingeschrevene een man of een vrouw is, of dat het geslacht (nog) onbekend is. De codes zijn: M Man V Vrouw O Onbekend | |
6 | geboortedatum | JJJJMMDD (N8) | De datum waarop het personeelslid is geboren. | |
93 | bevoegdheid | Code (N2) | Code voor behaalde of verkregen bevoegdheid van een persoon voor het geven van les in een bepaald vak, incl. opleiding(en) en het jaartal van het behalen van de bevoegdheid. | |
94 | leseenheden per graadsector en per vak | 1 cijfer, 1 letter, 3 cijfers, 2 cijfers, 2 cijfers (N1, A1 + N3, N2 +N2) | Het aantal leseenheden per graadsector per vak dat in een nader te bepalen week door een persoon gegeven is. Opbouw van het formaat is: graadsector (N1), vakcode (A1 + N3), leseenheden en lesduur (N2 + N2). |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
7 | burgerservicenummer | nummer van 9 cijfers (N9) | Burgerservicenummer als bedoeld in de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer. Het burgerservicenummer dient om een persoon uniek te identificeren binnen de totale set van personele gegevens die door de gegevensleverancier wordt aangeleverd. | |
8 | code salarisadministratie | 1 cijfer (N6) | Een code die aanduidt uit welke salarisadministratie de gegevens afkomstig zijn. De codes zijn: 1 ADP 2 Raet ECS 3 Centric 4 Merces 5 Raet 6 Unit 4 7 Centric/MAGMA IT 8 Helder Onderwijs 9 Metrium 10 Vizyr 11 AFAS 12 eMerus 99 Overig | |
9 | peilmaand | JJJJMM (N6) | Jaar plus de maand in dat jaar waarop de gegevenslevering betrekking heeft. | |
10 | extractiedatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de gegevens uit een database van de leverancier zijn gehaald. | |
11 | bovenschoolse functie | J/N (A1) | De aanduiding per arbeidsrelatie of de functie wordt vervuld ten behoeve van meerdere BRIN-nummers. | |
12 | organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
13 | organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | Het door de Minister toegekende nummer van de school, voor koppeling naar de school van de arbeidsrelatie. | |
14 | volgnummer | (N10) | Volgnummer dat samen met het burgerservicenummer, de code salarisadministratie en school de arbeidsrelatie uniek identificeert. | |
15 | begindatum arbeidsrelatie | JJJJMMDD (N8) | De begindatum van de arbeidsrelatie. | |
16 | mutatiedatum arbeidsrelatie | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de verandering is opgetreden in een bestaande arbeidsrelatie. Moet worden gebruikt in het jaarbestand als de verandering niet leidt tot een beëindiging van deze arbeidsrelatie en het begin van een nieuwe. | |
17 | aard arbeidsrelatie | 1 cijfer (N2) | De aanduiding of de benoeming tijdelijk is of van onbepaalde duur. Waarden: 1 vast 2 tijdelijk 3 vervanging | |
18 | einddatum arbeidsrelatie | JJJJMMDD (N8) | De einddatum van de arbeidsrelatie. | |
19 | betrekkingsomvang | getal met 4 decimalen (N8,4) | De omvang van de arbeidsrelatie uitgedrukt in voltijds equivalenten (fte), met een nauwkeurigheid van vier decimalen, waarbij één fte gelijk is aan een normbetrekking. | |
20 | BAPO-omvang | getal met 4 decimalen (N8,4) | Het deel van de betrekkingsomvang van de arbeidsrelatie dat bestemd is voor de Bevordering Arbeidsparticipatie Ouderen, uitgedrukt in voltijdsequivalenten (fte) met een nauwkeurigheid van vier decimalen. | |
21 | functieschaal | code van maximaal 4 posities (A4) | Aanduiding van de schaal genoemd in een van de categorieën waarvoor de betrokkene feitelijk is benoemd. De waarden zijn vermeld in bijlage 1 bij het Kaderbesluit rechtspositie VO zoals deze luidde op 30-06-2007 aangevuld met waarden uit de meest recente CAO VO, resp. CAO bestuurders. Waarden kunnen in ieder geval variëren als volgt: 01 t/m 18, LA, LB, LC, LD, LE, B1, B2, B3, B4, B5 AA, AB, AC, AD, AE DA, DB, DC, DD, DE LIOA, LIOB, LIO ID1, ID2, ID3 | |
22 | brutosalaris bij normbetrekking | bedrag in € met 2 decimalen (N12,2) | Het persoonlijke salarisbedrag dat geldt bij een betrekkingsomvang van 1 fte (de omvang van een normbetrekking) zoals vermeld in de CAO VO, resp. CAO bestuurders en berekend op basis van de feitelijke betrekkingsomvang en de benoemingsperiode in de peilmaand. | |
23 | salarisschaal | code van 2 posities (A4) | De persoonlijke salarisschaal (functie- of garantieschaal). Is in combinatie met het salarisnummer de grondslag voor de vaststelling van het brutosalaris bij normbetrekking. De waarden zijn vermeld in bijlage 1 bij het Kaderbesluit rechtspositie VO zoals deze luidde op 30-06-2007 aangevuld met waarden uit de meest recente CAO VO, resp. CAO bestuurders. Waarden kunnen in ieder geval variëren als volgt: 01 t/m 18, LA, LB, LC, LD, LE, B1, B2, B3, B4, B5 AA, AB, AC, AD, AE DA, DB, DC, DD, DE LIOA, LIOB, LIO ID1, ID2, ID3 | |
24 | salarisnummer | nummer van 2 posities (N2) | Het salarisnummer behorende bij de persoonlijke salarisschaal, zoals vermeld in het kaderbesluit rechtspositie VO, recente CAO VO en CAO bestuurders. Is in combinatie met de salarisschaal de grondslag voor de berekening van het brutoloon. Waarden: 01 t/m 20, 91,92,93, J15 t/m J22 (jeugd), U14 t/m U18 (uitloop), AT1, AT2 (instroom-/doorstroombanen). | |
25 | eindenummer | nummer van 2 posities (N2) | Het nummer van de salarisschaal dat maximaal bereikt kan worden bij de betrokken school. | |
26 | functiecategorie | code (N2) | De toedeling van de functie in een van de in paragraaf 2.4 onderscheiden categorieën. | |
28 | financieringsbron | 1 cijfer (N2) | De aanduiding ten laste van welke financieringsbron de kosten van de arbeidsrelatie worden gebracht. Codes zijn: 1. reguliere personele en materiële lumpsumbekostiging en/of andere door OCW verstrekte middelen, zoals ondersteuningsbekostiging, leerplusarrangement etc. 2. niet van belang in vo 3. Loonkostensubsidie, verstrekt op grond van een regeling om de arbeidsparticipatie van langdurig werklozen, arbeidsgehandicapten e.d. te bevorderen, bijv. op grond van de Wet werk en bijstand 4. Overige middelen 5. Vergoedingen door het Risicofonds | |
90 | vervanger | J/N (A1) | De aanduiding per arbeidsrelatie of de functie wordt vervuld ter vervanging van een ander personeelslid bij ziekte of ander verzuim. | |
92 | gesubsidieerde baan | J/N (A1) | De aanduiding per arbeidsrelatie of voor de vervulling van de functie een loonkostensubsidie wordt ontvangen of dat de functie is gecreëerd in het kader van een regeling (of o.b.v. Wet werk en bijstand) om langdurig werklozen of andere kansarmen op de arbeidsmarkt aan betaalde arbeid te helpen. |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
29 | burgerservicenummer | nummer van 9 cijfers (N9) | Burgerservicenummer als bedoeld in de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer. Het burgerservicenummerdient om een persoon uniek te identificeren binnen de totale set van personele gegevens die door de gegevensleverancier wordt aangeleverd. | |
30 | code salarisadministratie | 1 cijfer (N6) | Een code die aanduidt uit welke salarisadministratie de gegevens afkomstig zijn. De codes zijn: 1 ADP 2 Raet ECS 3 Centric 4 Merces 5 Raet 6 Unit 4 7 Centric/MAGMA IT 8 Helder Onderwijs 9 Metrium 10 Vizyr 11 AFAS 12 eMerus 99 Overig | |
31 | organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
32 | organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | Het door de Minister toegekende nummer van de school, voor koppeling naar de school van de arbeidsrelatie. | |
33 | volgnummer | (N10) | Volgnummer dat samen met het burgerservicenummer, de code salarisadministratie en school de arbeidsrelatie uniek identificeert. | |
34 | peilmaand | JJJJMM (N6) | Jaar plus de maand in dat jaar waarop de gegevenslevering betrekking heeft. | |
35 | extractiedatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de gegevens uit een database van de leverancier zijn gehaald. | |
36 | loon, toelage of korting | bedrag in € met 2 decimalen (N12,2) | Het bedrag dat als salaris of als toelage bij het salaris is uitgekeerd of als korting op het salaris in mindering is gebracht. | |
37 | soort loon, toelage of korting | getal van 4 cijfers (N5) | De indicatie van het soort loon, toelage of korting zoals in paragraaf 2.4 is gespecificeerd. | |
38 | maand waarop betrekking | JJJJMM (N6) | Jaar en de maand waarop het loon, de toelage of korting betrekking heeft (OWP: boekperiode). |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
39 | burgerservicenummer | nummer van 9 cijfers (N9) | Burgerservicenummer als bedoeld in de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer. Het burgerservicenummer dient om een persoon uniek te identificeren binnen de totale set van personele gegevens die door de gegevensleverancier wordt aangeleverd. | |
40 | code salarisadministratie | 1 cijfer (N6) | Een code die aanduidt uit welke salarisadministratie de gegevens afkomstig zijn. De codes zijn: 1 ADP 2 Raet ECS 3 Centric 4 Merces 5 Raet 6 Unit 4 7 Centric/MAGMA IT 8 Helder Onderwijs 9 Metrium 10 Vizyr 11 AFAS 12 eMerus 99 Overig | |
41 | organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | Het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
42 | organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | Het door de Minister toegekende nummer van de school, voor koppeling naar de school van de arbeidsrelatie. | |
43 | volgnummer | (N10) | Volgnummer dat samen met het burgerservicenummer, de code salarisadministratie en school de arbeidsrelatie uniek identificeert. | |
44 | extractiedatum | JJJJMMDD (N8) | Datum waarop de gegevens uit een database van de leverancier zijn gehaald. | |
45 | begindatum verlof | JJJJMMDD (N8) | De begindatum van de verlofperiode. | |
46 | einddatum verlof | JJJJMMDD (N8) | De einddatum van de verlofperiode. | |
47 | omvang verlof | getal met 2 decimalen (N6,2) | De omvang van het verlof gedurende de verlofperiode, uitgedrukt in voltijds equivalenten (fte) met een nauwkeurigheid van 2 decimalen. | |
48 | soort verlof | getal van 3 cijfers (N3) | De aanduiding van de reden of doel van het verzuim of verlof. Waarden: 01 onbetaald ouderschapsverlof 02 betaald ouderschapsverlof 03 ziekteverlof 04 zwangerschaps- en bevallingsverlof 05 scholingsverlof 06 levensloopverlof 07 overig verlof, niet zijnde vakantie-, feest- of snipperdagen |
nr | veld | formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
61 | organisatienummer bevoegd gezag | bevoegd gezagnummer (N5) | het door de Minister gehanteerde nummer van het bevoegd gezag. | |
62 | peiljaar | jaar (N4) | kalenderjaar waarop de gegevens over de WIA betrekking hebben. | |
63 | aantal personen 1 tot 35% arbeidsongeschikt | getal van 5 posities (N5) | het aantal personen dat in de loop van een kalenderjaar minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard. | |
64 | behoud 35min | getal van 5 posities (N5) | het aantal personen dat in de loop van een kalenderjaar minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard en dat bij het bevoegd gezag in dienst is gebleven in de oude functie of in een andere functie. | |
65 | uitplaatsing 35min | getal van 5 posities (N5) | het aantal personen dat in de loop van een kalenderjaar minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard en dat bij een andere werkgever in dienst is getreden. | |
66 | instroom WGA | getal van 5 posities (N5) | het aantal personen aan wie in de loop van een kalenderjaar voor het eerst een uitkering op grond van de WGA is toegekend. | |
67 | behoud WGA | getal van 5 posities (N5) | het aantal personen aan wie in de loop van een kalenderjaar voor het eerst een uitkering op grond van de WGA is toegekend en dat bij het bevoegd gezag in dienst is gebleven in de oude functie of in een andere functie. |
Conform de begripsbepalingen van artikel 1.1 WVO 2020 wordt met personeel ook bedoeld het personeel dat zonder benoeming is tewerkgesteld. Dat betekent dat niet alleen de personen bedoeld worden die in dienst zijn, maar dat de verplichte informatielevering over personeel zich ook uitstrekt tot het personeel niet in loondienst.
Onder personeel niet in loondienst (PNIL) vallen (ingehuurde) personen die tegen betaling reguliere werkzaamheden (t.b.v. de in het onderwijs/de school voorkomende gebruikelijke functies) voor een schoolbestuur uitvoeren zonder dat zij in loondienst zijn van dit bestuur. Hierbij kan het gaan om personeel dat in dienst is van derden (zoals uitzend-, detacherings- en payrollbureaus) en om zelfstandig personeel (zoals zzp’ers). Ook inhuur van personeel van andere schoolbesturen of (inval)pools valt onder PNIL. Vrijwilligers worden niet tot PNIL gerekend. Tot de PNIL-kosten worden ook eventueel bijkomende kosten zoals BTW en bemiddelingskosten gerekend.
Gegevens op het niveau van de arbeidsrelaties worden vastgelegd in de database Onderwijspersoneel (OWP). Voor het beleid van OCW – en in het bijzonder het arbeidsmarktbeleid voor de sector Onderwijs – is het van belang dat landelijke ontwikkelingen kunnen worden gevolgd.
De gegevens van personen die tewerkgesteld zijn zonder benoeming staan opgenomen in onderstaande tabel. Voor deze groep gaat het om een sterk beperkte levering ten opzichte van personeel dat in loondienst is. De grondslag is hier artikel 2.111 WVO 2020 en niet mede artikel 5.48 WVO 2020. Hiermee is duidelijk dat het geen bekostigingsinformatie betreft maar slechts beleidsinhoudelijke informatie.
nr | veld | Formaat | Grondslag in WVO 2020 | Definitie/toelichting |
95 | Organisatienummer bevoegd gezag | 5 cijfers (N5) | artikel 2.111 | Het door de Minister toegekende nummer van het bevoegd gezag. |
96 | Indien inhuur niet door bevoegd gezag plaatsvindt: organisatienummer school | 2 cijfers, 2 letters (A4) | artikel 2.111 | Het door de Minister toegekende nummer van de school, voor koppeling naar de school van de arbeidsrelatie. |
97 | Sector | po/vo | artikel 2.111 | De onderwijssector waarop de gegevens betrekking hebben. |
98 | Soort externe inhuur | code (N2) | artikel 2.111 | De toedeling van de soort externe inhuur in een van de in paragraaf 2.4 onderscheiden categorieën. |
99 | Totale omvang inhuur meetjaar in uren | getal zonder decimalen (N8) | artikel 2.111 | Het aantal uren dat de personen werkzaam is geweest in het kalenderjaar (1/1 – 31/12) waarover de gegevens opgevraagd worden. |
100 | Functiecategorie | code (N2) | artikel 2.111 | De toedeling van de functie in een van de in paragraaf 2.4 onderscheiden categorieën. |
101 | Kosten inhuur | bedrag in € (N12) | artikel 2.111 | Totale kosten in de meetperiode betaald voor de personen. Inclusief kosten die betaald zijn aan bemiddelaars/ leveranciers en inclusief eventuele BTW. |
Over de sectoren heen dienen begrippen zoveel mogelijk op dezelfde wijze geïnterpreteerd te worden. Daarom wordt er naar gestreefd de begripsbepalingen m.b.t. de op te vragen gegevens, binnen de onderscheiden sectoren po, vo en mbo, zo veel als mogelijk op elkaar af stemmen.
- •
Arbeidsrelatie versus benoeming
Ten behoeve van de gegevensleveringen moet onderscheid gemaakt worden tussen benoemingen enerzijds en arbeidsrelaties anderzijds.
In deze regeling is een arbeidsrelatie een unieke combinatie van school, persoon, functie en aard dienstverband.
In een aantal situaties kan er één akte van benoeming zijn, terwijl er voor de gegevensleveringen meer dan één arbeidsrelatie tussen een bevoegd gezag en een persoon moet worden onderscheiden. Dat betreft de onderstaande situaties:
- −
benoemingen bij meer dan één school
Een bevoegd gezag kan een persoon benoemen om bij één school of bij meer scholen werkzaam te zijn. Als er sprake is van een benoeming waarbij de benoemde bij meer dan één school van een bevoegd gezag werkzaam is, dan is er in het kader van dit programma van eisen sprake van meer dan één arbeidsrelatie. Dit ongeacht of er voor de werkzaamheden aan de verschillende scholen één dan wel verschillende aktes van benoeming zijn opgemaakt. Er moeten ten minste evenveel arbeidsrelaties worden onderscheiden als het aantal scholen waar een persoon werkzaam is. De gegevens die geleverd moeten worden, moeten voor elke arbeidsrelatie afzonderlijk worden geregistreerd en geleverd.
- −
benoemingen in meer dan één functie
Ook als een persoon tegelijk werkzaam is in verschillende functies, moeten verschillende arbeidsrelaties worden onderscheiden. Dit is bijvoorbeeld het geval als iemand tegelijk werkzaam is als leerkracht en als adjunct-directeur. De gegevens moeten voor elk van beide functies apart worden geregistreerd en worden geleverd, ook als de persoon deze functies bij één school uitoefent.
- −
veranderingen van functie
Een verandering van functie leidt voor de gegevensleveringen altijd tot beëindiging van de arbeidsrelatie die betrekking heeft op de oude functie en het begin van een nieuwe arbeidsrelatie voor de nieuwe functie.
- −
verandering van betrekkingsomvang in verband met vervanging
Voor de gegevensleveringen leidt een verandering van de betrekkingsomvang er in de regel niet toe dat een arbeidsrelatie ophoudt te bestaan; er ontstaat bijgevolg ook geen nieuwe arbeidsrelatie. Deze verandering wordt beschouwd als een verandering binnen de bestaande arbeidsrelatie. Hierop is één uitzondering: verandering van de betrekkingsomvang in verband met vervanging. Als de betrekkingsomvang van een bestaande arbeidsrelatie (tijdelijk) wordt vergroot omdat de persoon een afwezige collega vervangt, dan moet deze uitbreiding als een nieuwe arbeidsrelatie geregistreerd worden.
Deze nieuwe arbeidsrelatie eindigt op het moment waarop de tijdelijke uitbreiding van de betrekkingsomvang geheel vervalt. De reden om deze uitbreiding van de betrekkingsomvang apart te registreren is dat inzicht nodig is de omvang van de vervanging en dubbeltellingen bij het bepalen van de werkende formatie te voorkomen.
- −
begin en einde verlofperiode
Bij een verandering van het soort verlof wordt een lopende verlofperiode beëindigd en begint een nieuwe verlofperiode.
Bij een verandering van de omvang van het verlof (bijvoorbeeld bij het gedeeltelijk hervatten van werkzaamheden bij ziekte) wordt de lopende verlofperiode beëindigd en begint een nieuwe verlofperiode.
- −
begin- en einddatum
Als begindatum wordt geleverd de eerste kalenderdag waarop de situatie van de regel van toepassing is.
Als einddatum wordt geleverd de laatste kalenderdag waarop de situatie van de regel van toepassing is.
- •
bevoegdheid
Bevoegdheid wordt bepaald op basis van de criteria zoals genoemd in de wet (WPO, WVO 2020, WEB, Wet BIO). In relatie tot de bevoegdheid tot lesgeven worden in ieder geval de volgende categorieën onderwijsgevend personeel onderscheiden:
- 1.
volledig bevoegd
- 2.
benoembaar
- 3.
onbevoegd of benoembaar onder artikel 7.14 van de WVO 2020 (of het corresponderende artikel 4.2.1., vijfde lid van de WEB).
In het streven de administratieve lasten voor de bevoegde gezagsorganen zoveel mogelijk te beperken, benut OCW bij de Integrale Personeelstelling Onderwijs (kortweg IPTO) mogelijkheden om gegevens direct uit bestaande (basis)registraties te halen. Zodoende wordt bijvoorbeeld het Centraal Register Inschrijvingen Hoger onderwijs (CRIHO) benut voor de bepaling van bevoegdheden.
- •
leseenheden per graadsector en per vak
In het streven de administratieve lasten voor de bevoegde gezagsorganen te beperken wordt informatie over gegeven vakken zoveel mogelijk verzameld uit elektronische roosterpakketten.
- •
extractiedatum
De extractiedatum is de datum waarop de gegevens uit de database of databases zijn gehaald. Als gegevens uit verschillende databases moeten worden gehaald, bestaat het risico dat de gegevens uit de verschillende databases niet op elkaar aansluiten (in elke database zullen voortdurend mutaties worden aangebracht). Om dit risico zo klein mogelijk te maken, zullen de eerste en de laatste extractiedatum van de gegevens over de dezelfde peilmaand niet meer dan één week uit elkaar mogen liggen, tenzij de consistentie aantoonbaar op een andere manier gewaarborgd wordt.
- •
financieringsbron
Arbeidsrelaties kunnen vanuit verschillende bronnen worden bekostigd. Belangrijk is het onderscheid tussen:
- 1.
regulier lumpsumbudget (personele en materiële bekostiging) en/of andere door OCW verstrekte budgetten, zoals ondersteuningsbekostiging, leerplusarrangement etc.
- 2.
loonkostensubsidie, verstrekt op grond van een regeling om de arbeidsparticipatie van langdurig werklozen, arbeidsgehandicapten e.d. te bevorderen, bijv. op grond van de Wet werk en bijstand.
- 3.
door Risicofonds, middelen die een school op grond van een verzekering ontvangt van een risicofonds in verband met (vervanging bij) ziekte of afwezigheid om andere redenen
- 4.
overige middelen.
- 5.
niet van belang in vo.
Indien bij een arbeidsrelatie meer dan één financieringsbron aan de orde is, dan wordt de financieringsbron vermeld, die de grootste bijdrage levert.
- •
maand waarop betrekking
In de bestanden die op een peilmaand betrekking hebben, worden de betalingen en inhoudingen opgegeven die op die peilmaand betrekking hebben. Correcties hierop worden met een maand terugwerkende kracht hierin verwerkt.
Betalingen die op een peilmaand, langer dan een maand terug betrekking hebben, worden geleverd in het bestand van de peilmaand waarin deze gedaan zijn met daarbij de vermelding op welke (eerdere) kalendermaand zij betrekking hebben. Als een dergelijke betaling niet aan een bepaalde kalendermaand kan worden toegerekend, dan wordt het kalenderjaar vermeld met twee volgnullen (bijvoorbeeld 200800).
- •
opeenvolgende periodes van ziekteverlof
Voor de sociale zekerheid worden opeenvolgende periodes van ziekteverlof als één ziektegeval gerekend, als de tweede ziekmelding plaatsvindt binnen een periode van 4 weken na herstel-melding van het voorgaande ziekteverlof. In de levering worden in dat geval steeds de afzonderlijke perioden geleverd met elk en begin- en einddatum.
- •
opbouw jaarbestand
De jaarbestanden geven een samengevat overzicht van alle situaties die zich in de loop van een kalenderjaar hebben voorgedaan. In het jaarbestand moeten alle terugwerkende mutaties verwerkt worden die betrekking hebben op het peiljaar.
Net als in de maandbestanden worden de gegevens opgenomen op het niveau van de arbeidsrelatie. Als gedurende een aaneengesloten periode de gegevens van een arbeidsrelatie niet zijn veranderd, dan worden deze gegevens op één regel geleverd. Omdat niet alle veranderingen leiden tot het ontstaan of beëindigen van arbeidsrelaties wordt in het jaarbestand gebruik gemaakt van het veld mutatiedatum. Daarin wordt vastgelegd op welk moment de wijziging feitelijk optreedt (N.B. dat is uitdrukkelijk niet de datum waarop de wijziging in de administratie is doorgevoerd). Het veld begindatum arbeidsrelatie verandert in dat geval niet. Bij een verandering van een doorlopende arbeidsrelatie worden ook alle niet gewijzigde gegevens geleverd.
Vervangers kunnen een heel grillig patroon van werken – niet werken hebben. Zolang zij incidenteel en wisselend voor korte perioden worden ingezet, kan volstaan worden met één regel per maand. Op het moment dat er sprake is van een langere periode van vervanging, dan dient hiervoor een afzonderlijke regel conform de andere arbeidsrelaties te worden geleverd.
- •
peilmaand en peildatum
De in de tabellen 2.1.1, 2.1.2 en 2.1.3 van deze bijlage beschreven gegevens moeten worden onderscheiden naar tijdvakken van één kalendermaand: de peilmaand.
Voor de arbeidsrelaties die op de 1e kalenderdag van de peilmaand bestaan, worden de gegevens geleverd naar de stand op de 1e kalenderdag (de peildatum). Voor arbeidsrelaties die in de loop van de peilmaand ontstaan, worden de gegevens geleverd naar de stand van de 1e kalenderdag waarop de arbeidsrelatie is ingegaan.
Voor de werktijdfactor en de BAPOfactor wordt steeds de gewogen gemiddelde omvang over de peilmaand geleverd.
- •
terugwerkende kracht mutaties
Een deel van de gegevens over een peilmaand wordt in de regel pas enige tijd na het eind van die peilmaand administratief verwerkt. Gegevens die binnen een kalendermaand na afloop van de peilmaand worden verwerkt en van invloed zijn op de situatie in de peilmaand, moeten ook in de gegevenslevering over de peilmaand zijn verwerkt (een maand terugwerkende kracht mutaties). De over de peilmaand januari te leveren gegevens moeten dus de situatie van januari weergegeven zoals die op basis van de op 1 april beschikbare informatie hoort te zijn. Gegevens die later dan een kalendermaand na het einde van de peilmaand beschikbaar komen, worden niet in deze gegevensleveringen verwerkt.
De manier van verwerken van terugwerkende kracht mutaties is vooral van belang voor de levering van de gegevens over loon, toelagen en kortingen. OCW en DUO hanteren hierbij het loon-over-principe. Alle correcties die na afloop van een peilmaand plaatsvinden op de financiële gegevens van die peilmaand moeten verwerkt worden in de te leveren gegevens over de peilmaand.
- •
vakantie-, snipper- en feestdagen
Deze vormen van verlof worden niet geleverd, ook niet als onderdeel van de categorie overig verlof.
- •
vervanging
Als iemand wordt benoemd als tijdelijke vervanging van een personeelslid dat afwezig is, wordt dit aangegeven door bij de aard arbeidsrelatie de code 3 te vermelden.
- •
volgnummer
Omdat een persoon bij hetzelfde bevoegde gezag meer dan één arbeidsrelatie kan hebben (gelijktijdig of volgtijdelijk), wordt er een volgnummer geleverd. Dit volgnummer is nodig om de gegevens uit verschillende leveringen steeds aan de juiste arbeidsrelatie te kunnen verbinden.
De typering van de functie vindt plaats aan de hand van toedeling aan één van de volgende categorieën:
- •
Management: directie en bestuur
Leidinggevenden die integraal (eind) verantwoordelijk zijn over de (algehele) onderwijsinstelling. (bv schoolbestuur, directeuren, schoolleiders).
Code | betekenis |
1 | Bestuurslid, lid college van bestuur |
2 | (Bovenschoolse) directeur |
3 | Adjunct- of waarnemend directeur |
4 | Overig management in directie en bestuur |
- •
Midden management
Personeel dat (al dan niet functioneel) de leiding heeft over onderdelen/afdelingen binnen een onderwijsinstelling.
Code | betekenis |
5 | Staffunctionaris (bv hoofd facilitaire dienstverlening) |
6 | Onderwijscoördinator (bv teamcoördinator/voorzitter sectie Engels) |
7 | Overig midden management |
- •
Onderwijsgevend personeel
Benoembaar/bekwaam onderwijspersoneel dat in direct contact met de leerling onderwijs verzorgt dat systematisch en planmatig die leerling ondersteunt bij de verwerving van kennis, (inzicht) en vaardigheden.
Code | betekenis |
8 | Groepsleerkracht (incl. remedial teacher) |
9 | Vakleraar |
10 | Leraar in opleiding |
11 | Overig onderwijzend personeel |
- •
Onderwijsondersteunend personeel
Het personeel dat onder verantwoordelijkheid van de leraar bijdraagt aan de verzorging van het onderwijs door lesondersteunende activiteiten.
Code | betekenis |
12 | Assisterende functies (bv (technisch) onderwijsassistent, docentassistent, lokaalassistent, klassenassistent) |
13 | Therapeutische en zorgfuncties (bv psychologisch medewerker, logopedist, orthopedagoog, fysiotherapeut, schoolmaatschappelijk werker) |
14 | Instructeur |
15 | Overig onderwijsondersteunend personeel |
- •
Beheer- en administratief personeel
Het ondersteunend personeel exclusief het managementpersoneel dat niet direct betrokken is bij het primaire proces (het in direct contact met de leerling onderwijs verzorgen dat systematisch en planmatig die leerling ondersteunt bij de verwerving van kennis, (inzicht) en vaardigheden).
Code | betekenis |
16 | Beheerfuncties (vb. conciërge, schoonmaker, beheerder/ICT) |
17 | Administratieve functies (vb. personeelszaken, leerlingenadministratie) |
18 | Overig beheer- en administratief personeel |
In het overzicht dat bij dit onderdeel staat vermeld, wordt een groot aantal zaken opgesomd dat deel uitmaakt van het bruto-netto systeem (werknemerskant) en de werkgeverslasten. Een aantal specifieke toelagen wordt genoemd, zoals de toelage arbeidsmarkt en de functioneringstoelage. Naast deze specifieke toelagen bestaan ook andere toelagen, zoals de toelage onregelmatige dienst en de toelage onkostenvergoeding. Al deze toelagen kunnen worden ondergebracht bij: toelagen overig.
Code | betekenis |
100 | Brutoloon (zie toelichting) |
200 | Vakantie-uitkering |
410 | Bindingstoelage |
415 | Uitlooptoeslag |
417 | Inkomenstoelage |
418 | Structurele eindejaarsuitkering |
420 | Bruto toelagen: eenmalige uitkering |
430 | Bruto toelagen i.v.m. scholing |
440 | Bruto functioneringstoelagen |
460 | Bruto toelagen arbeidsmarkt |
490 | Bruto toelagen overig |
510 | Netto toelagen i.v.m. scholing |
540 | Netto toelagen gratificaties |
600 | Netto toelagen overig |
900 | Werkgeversaandeel premie OP/NP |
1000 | Werkgeversaandeel premie AAOP |
1050 | Werkgeversaandeel Overgangspremie |
1200 | Premie WAO/WIA basispremie (Aof) |
1210 | Premie WAO/WIA gemiddeld (Aok) |
1220 | Premie Werkhervattingskas (WhK) (voorheen premie WGA, deze premie is m.i.v. 1 januari 2014 vervallen) |
1300 | Premie participatiefonds |
1400 | Premie vervangingsverzekering/verzuimverzekering |
1500 | Pseudopremie WW |
1600 | Bruto kortingen overig |
1700 | Overige fiscale (eind)heffingen en kortingen |
1800 | Loonkosten |
1900 | Heffingsgrondslag (voorheen Sociaal coördinatieloon SVW) |
2300 | Spaarloon (periode) |
2310 | Levensloopregeling (periode) werknemersdeel |
2320 | Levensloopregeling periode werkgeversbijdrage |
2500 | Afdracht premie OP/NP |
2600 | Afdracht premie AAOP |
2700 | Afdracht premie Overgangspremie |
3100 | Bruto korting ouderenregeling/BAPO |
3110 | Bruto korting ouderschapsverlof |
3120 | Bruto korting wegens arbeidsongeschiktheid |
3200 | Bruto eindejaarsuitkering OOP |
3600 | UFO-premie |
3800 | Werkgeversbijdrage zorgverzekeringswet |
3850 | Werkgeversheffing zorgverzekeringswet |
Code | Betekenis |
1 | Commerciële inhuur |
2 | Niet-commerciële inhuur |
Functiecategorie personen die tewerkgesteld zijn zonder benoeming
Deze functiecategorieën komen overeen met de functiecategorieën beschreven in paragraaf 2.4.
Code | Betekenis |
P1 | Management en midden management |
P2 | Onderwijsgevend personeel |
P3 | Onderwijsondersteunend en beheer- en administratief personeel |
In deze bijlage worden voorschriften gegeven omtrent de wijze van beschikbaarstelling van de gegevens die bevoegde gezagsorganen, krachtens de artikelen 2.111 en 5.48 van de WVO 2020, verplicht zijn om aan de overheid te leveren.
Voor het bekostigen van scholen, voor toezicht en voor het maken en evalueren van beleid zijn gegevens nodig van scholen en het bevoegd gezag van scholen. Deze gegevens zijn gespecificeerd in bijlage 4. De gegevens zijn op diverse momenten nodig, sommige maar enkele malen per jaar, andere vaker.
De benodigde gegevens moeten door het bevoegd gezag worden geleverd. Voor steeds meer gegevens geldt een verplichte elektronische aanlevering in een bestandsformaat met een vooraf vastgestelde opbouw. Als gevolg hiervan is het van groot belang dat voor alle betrokken partijen bekend is welke gegevens in welke vorm, op welke wijze en op welk tijdstip aangeleverd moeten worden. De overheid maakt bij de gegevensverzameling zo veel mogelijk gebruik van het principe van éénmaal bevragen, meer keren gebruiken.
Een groot deel van de gegevens (zoals organisatiegegevens) zijn reeds geregistreerd in systemen. Deze gegevens hoeven alleen aangepast te worden wanneer zich mutaties voordoen. Daarvoor kan men terecht op de site van DUO.
Andere gegevens worden zoveel mogelijk onttrokken aan registraties bij salarisverwerkers of onttrokken aan de schooladministratie, zodat scholen hiervan zo gering mogelijke last ondervinden. Wanneer dat niet mogelijk is, worden scholen met formulieren bevraagd.
De wijze van beschikbaarstelling van gegevens is verdeeld over de aanlevering van organisatie- en van personeelsgegevens.
BRIN kent een papieren en een elektronische wijzigingsprocedure voor die gegevens die in BRIN opgenomen organisaties zelf kunnen laten muteren. De papieren wijzigingsprocedure verloopt via het BRIN-mutatieformulier dat elke organisatie in bezit heeft. Elektronische wijzigingen zijn mogelijk via de website van DUO, na geautoriseerd inloggen op het daartoe bestemde deel van de website.
Voor scholen gaat het wijzigen van de naam van de school of vestiging, vastleggen van de datum opheffing, het vastleggen van fusiepartners via het BRIN-mutatieformulier. Voor alle andere gegevens zoals denominatie of vestigingsadres geldt een aanvraagprocedure. De gegevens worden alleen gemuteerd na goedkeuring.
Voor het bevoegd gezag worden de meeste gegevens via de Kamer van Koophandel doorgegeven. De wijzigingen van het centraal rekeningnummer, het administratiekantoornummer en fusie met een ander bevoegd gezag, dienen wel met het BRIN-mutatieformulier te worden doorgegeven. Bij dit soort mutaties wordt de mutatie alleen verwerkt, indien bepaalde (wettelijke) bescheiden zijn meegeleverd en indien daar op grond van een wettelijk voorschrift een positief besluit over is genomen.
Achtereenvolgens zal in worden gegaan op de termijn voor aanlevering van de personeelsgegevens, de wijze van aanlevering en periodieke bijstellingen.
De gegevens genoemd in de tabellen 2.1.1 t/m 2.1.3 van bijlage 4:
- •
onderdeel persoon
- •
onderdeel arbeidsrelatie
- •
onderdeel loon, toelagen en korting
dienen vier maal per jaar aan DUO te worden aangeleverd:
- •
uiterlijk 1 juli de gegevens over februari, maart en april
- •
uiterlijk 1 oktober de gegevens over mei, juni en juli
- •
uiterlijk 1 januari de gegevens over augustus, september en oktober
- •
uiterlijk 1 april de gegevens over november, december en januari.
In de te leveren gegevens moeten alle mutaties zijn verwerkt die van toepassing zijn op de situatie op de peilmaand en die gedurende een kalendermaand na de laatste kalenderdag van de peilmaand administratief zijn verwerkt. Gegevens die na die kalendermaand administratief zijn verwerkt, moeten niet in de gegevenslevering worden verwerkt.
Het jaarbestand/de jaarbestanden met per kalenderjaar samengevatte gegevens uit de tabellen 2.1.1 t/m 2.1.4 van bijlage 4
- •
onderdeel persoon;
- •
onderdeel arbeidsrelatie;
- •
onderdeel loon, toelagen en korting;
- •
onderdeel verlofgegevens;
dienen één keer per jaar geleverd te worden en wel uiterlijk op 1 april van het jaar, volgend op het peiljaar (het jaar waarop de gegevens betrekking hebben).
De gegevens uit tabel 2.1.5 van bijlage 4 «WIA», dienen één keer per kalenderjaar te worden geleverd aan DUO. Deze gegevens dienen geleverd te worden uiterlijk op 1 april van het jaar, volgend op het peiljaar (het jaar waarop de gegevens betrekking hebben). In de te leveren gegevens moeten alle mutaties zijn verwerkt die van toepassing zijn op de situatie gedurende het peiljaar en na afloop van het peiljaar, maar voor de extractiedatum administratief zijn verwerkt.
De gegevens, genoemd in paragraaf 2.2 van bijlage 4, dienen eenmaal per jaar aan DUO te worden aangeleverd: uiterlijk 1 juli moeten de gegevens over het voorafgaande kalenderjaar worden aangeleverd.
De aanlevering van personeelsgegevens dient via de beveiligde site van DUO plaats te vinden. Deze site is bereikbaar via het adres http://www.duo.nl/zakelijk. Om een levering van personeelsgegevens via de beveiligde site te verrichten, zijn toegangsnaam, wachtwoord en aanvullende beveiligingsmiddelen (token) nodig. De procedure om deze te verkrijgen staat ook vermeld op www.duo.nl/zakelijk.
De beveiligde site faciliteert bij het selecteren van bestanden, die volgens het naamformaat in aanmerking komen om geleverd te worden. Na het versturen toont de beveiligde site de datum plus het tijdstip waarop het bestand is ontvangen. De verdere werking van de beveiligde site (inloggen, encrypten, etc.) staat vermeld in de gebruikershandleiding (te vinden via www.duo.nl/zakelijk). Op werkdagen controleert DUO regelmatig of er op de beveiligde site leveringen met personeelsgegevens zijn aangeboden. Als er een levering met personeelsgegevens is aangetroffen, wordt deze verwerkt.
Als de verwerking is afgerond ontvangt de contactpersoon via e-mail een bericht dat er een terugkoppeling gereed staat om opgehaald te worden van de beveiligde site. In die terugkoppeling staat aangegeven of de levering al dan niet correct verwerkt is en welke signalen zijn opgetreden.
Voor technische specificaties wordt verwezen naar het Memo ‘Standaardlevering personeelsgegevens 2013’ dat via de website van DUO:
https://www.duo.nl/zakelijk/voortgezet-onderwijs/softwareleveranciers/levering-personeelsgegevens.jsp
De bovenstaande procedure geldt zowel voor de bestanden over een peilmaand als voor de bestanden over een peiljaar.
Elke levering over een peilmaand respectievelijk peiljaar dient per school de volledige set van gegevens te omvatten:
- •
de bestanden over een peilmaand bevatten de gegevens genoemd in de tabellen 2.1.1, 2.1.2 en 2.1.3 van bijlage 4. Deze gegevens worden per onderdeel in afzonderlijke bestanden geleverd of de gegevens in de tabellen 2.1.1 en 2.1.2 van bijlage 4 worden geïntegreerd in één bestand en daarnaast een apart bestand met de gegevens uit tabel 2.1.3 van bijlage 4 of alle onderdelen worden geïntegreerd in één bestand;
- •
de bestanden over een peiljaar bevatten naast de gegevens genoemd in de tabellen 2.1.1, 2.1.2 en 2.1.3 ook de gegevens genoemd in tabel 2.1.4 uit bijlage 4.
De bevoegde gezagsorganen dragen zorg voor de aanlevering van de genoemde personeelsgegevens. In het kader van eenmalig bevragen en meervoudig gebruik van gegevens zal de Minister zoveel mogelijk gebruik maken van reeds bestaande databestanden. Zodoende worden schoolbesturen administratief ontlast. Daarnaast hebben de besturen de mogelijkheid om gegevensleveringen via salarisadministrateurs en/of administratiekantoren plaats te laten vinden. Geautomatiseerde elektronische aanlevering van gegevens via salarisadministrateurs en/of administratiekantoren is gebruikelijk en scheelt aanzienlijk in de administratieve lasten voor schoolbesturen.
Wet- en regelgeving is echter geen statisch geheel. Ook de informatiebehoeften en informatieverzameling zijn niet statisch. Om die reden kunnen wijzigingen voor gaan komen in de gegevensvraag of de wijze van aanlevering.
Een toename van administratieve lasten zal worden meegenomen in de overweging om gegevensleveringen aan te passen. Deze regeling zal daarom periodiek, in het overleg met de sector, worden geëvalueerd en geactualiseerd.