Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 2 maart 2020, tot vaststelling van het Controleprotocol 2019 Centraal Orgaan opvang asielzoekers (Regeling tot vaststelling van het Controleprotocol 2019 Centraal Orgaan opvang asielzoekers)Regeling tot vaststelling van het Controleprotocol 2019 Centraal Orgaan opvang asielzoekersDe Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

Gelet op 19, eerste lid, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage2 maart 2020De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,A.Broekers-Knol

Ten behoeve van de controle van de jaarrekening van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, door de accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek II van het Burgerlijk Wetboek, wordt het controleprotocol gebruikt dat als bijlage bij deze regeling is gevoegd.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tot vaststelling van het Controleprotocol 2019 Centraal Orgaan opvang asielzoekers

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.

Instructie inzake de door de accountant te verrichten werkzaamheden ten aanzien van de subsidieverantwoording van het COA

Datum 2 oktober 2019

Voortvloeiend uit artikel 16 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers (1994) (verder: Wet COA) verstrekt het Ministerie van Justitie en Veiligheid (verder: JenV) per boekjaar subsidie aan het COA. Het COA is een zelfstandig publiekrechtelijk bestuursorgaan dat rechtspersoonlijkheid bezit. COA valt daardoor onder de Kaderwet zbo’s. JenV verstrekt deze subsidie aan het COA voor de uitvoering van de activiteiten welke zijn toebedeeld aan het COA, zijnde:

JenV kan het COA taken als hierboven bedoeld opdragen met betrekking tot andere categorieën vreemdelingen.

Het COA dient zich over de besteding van deze middelen te verantwoorden door middel van een jaarverantwoording, bestaande uit een jaarverslag (bestuursverslag), een jaarrekening met specifiek benoemde bijlagen, overige gegevens en overige bijlagen. Het COA en JenV hebben beide belang bij een goede opzet en uitvoering van de accountantscontrole bij het COA. Deze controle vormt immers de basis voor de (definitieve) vaststelling van de subsidieverlening aan de instelling. Dit accountantsprotocol geeft een beschrijving van de in dit kader door de accountant te verrichten werkzaamheden.

Hoofdstuk 1 geeft een opgave van de uitgangspunten die ten aanzien van de werkzaamheden van toepassing zijn, waaronder de doelstelling. Hoofdstuk 2 richt zich op de door de accountant te hanteren aanpak. Ten slotte wordt in hoofdstuk 3 een weergave gegeven van de op te leveren accountantsproducten.

Als waarborg voor een degelijk toezicht beoordeelt JenV op basis van een jaarlijkse risicoanalyse of het huidige accountantsprotocol moet worden bijgesteld.

De ingangsdatum van het nieuwe accountantsprotocol is 1 januari 2019.

In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten ten aanzien van de door de accountant te verrichten werkzaamheden behandeld. Het betreft een beschrijving van de doelstelling van het protocol, de ten aanzien van het protocol relevante definities en begrippen en van de gehanteerde procedures en de daarbij van toepassing zijnde termijnen.

Dit accountantsprotocol heeft als doelstelling het geven van aanwijzingen omtrent de reikwijdte, de betrouwbaarheid en de materialiteit van de door de accountant van het COA te verrichten werkzaamheden in het kader van de jaarverantwoording van het COA en de jaarlijkse subsidie aan het COA.

Het controleprotocol geeft aan welke accountantsproducten (rapportages) moeten worden geleverd. In het geval van het COA worden drie type producten (rapportages) gevraagd, welke beide aan zowel het COA als (via het COA) aan JenV worden verstrekt:

Als grondslag voor de controle en aanwijzingen geldt de van toepassing zijnde wet- en regelgeving zoals opgenomen onder 2.1. Het onderzoeksobject betreft de jaarlijks door het COA opgestelde verantwoordingsinformatie ten aanzien van de door JenV verstrekte subsidie, bestaande uit de jaarverantwoording waarin opgenomen het jaarverslag (bestuursverslag), de jaarrekening met specifiek benoemde bijlagen, de overige gegevens en de overige bijlagen. Daarnaast betreft het onderzoeksobject de zaken zoals genoemd bij het ‘rapport van feitelijke bevindingen’ onder paragraaf 2.2.

Onderstaand worden de voor dit protocol relevante definities en begrippen toegelicht.

De door de subsidieontvanger aangewezen accountant draagt de zorg voor het tijdig opleveren van de controleverklaring en het accountantsverslag. Tijdig betekent dat het COA in staat is om de verantwoordingsinformatie (jaarverslag, jaarrekening met specifiek benoemde bijlagen, overige gegevens en overige bijlagen) en de afgesproken audit-producten uiterlijk 15 maart, conform artikel 18 van de Kaderwet zbo’s, aan de subsidieverstrekker op te leveren. Nadere afspraken ten aanzien van deze tijdigheid worden door de subsidieontvanger en betreffende accountant overeengekomen en betreft de verantwoordelijkheid van de subsidieontvanger.

Dit hoofdstuk beschrijft te hanteren onderzoeksaanpak. Er wordt gestart met een opsomming van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Daarna volgt een beschrijving van de reikwijdte per type werkzaamheden. Het hoofdstuk wordt afgesloten met bepalingen omtrent de betrouwbaarheid en materialiteit.

Voor de werkzaamheden van de accountant is de volgende wet- en regelgeving relevant:

Verslaggevingskader:

Kader financiële rechtmatigheid:5

De controle dient te worden uitgevoerd door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De controle voldoet aan de controlestandaarden, zoals de Nadere voorschriften Controle- en overige standaarden (NV COS), die door de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) zijn vastgesteld.

De grondslag voor de controle is opgenomen in de Wet COA:

Artikel 19 lid 1 van de Wet COA stelt het volgende:

Art. 4.76 lid 5 Awb stelt verder dat het financiële verslag dient aan te sluiten op de begroting waarvoor subsidie is verleend en behelst een vergelijking met de gerealiseerde inkomsten en uitgaven van het jaar, voorafgaand aan het boekjaar.

Met het onderzoek moet de accountant een oordeel geven aan de subsidieverstrekker of:

Als basis geldt het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Accountantsprotocol COA en het Controleprotocol WNT 2017.

In de specifieke wet- en regelgeving zijn ten behoeve van de controle op de subsidieverantwoording en jaarrekening van het COA relevante bepalingen opgenomen. De onderstaande (attentie)punten worden onder de aandacht gebracht:

Dit betreft de volgende werkzaamheden:

Binnen het accountantsverslag staat de vraag centraal of het financieel beheer van het COA heeft voldaan aan de eisen van getrouwheid en rechtmatigheid. Hierin wordt het volgende opgenomen:

Naast de controle van de jaarrekening en de daarin opgenomen subsidieverantwoording wordt aan de accountant gevraagd om specifiek overeengekomen werkzaamheden te verrichten en daarover de rapporteren in overeenstemming met de NBA Standaard 4400N. De werkzaamheden zijn afgestemd met de subsidieverstrekker en betreffen geen controle- of beoordelingsopdracht of enige andere assurance-opdracht uitgevoerd in overeenstemming met Nederlandse controle- en overige standaarden. In het rapport van feitelijke bevindingen wordt door de accountant gerapporteerd over de onderzoeksbevindingen zonder dat de accountant hierover een oordeel uitspreekt. De beoordeling van de onderzoeksbevindingen wordt overgelaten aan de gebruiker (lees: subsidieverstrekker) van het rapport. De specifiek overeengekomen werkzaamheden hebben betrekking op het treffen van waarborgen met betrekking tot privacywetgeving.

De mate van detail van de beschrijving van de feitelijke bevindingen per vraag is zodanig dat de gebruiker (in casu de subsidieverstrekker) in staat wordt gesteld om zelf een eigen afweging te maken over de betekenis van de feitelijke bevindingen voor het onderhavige onderwerp.

De controle behoort zodanig te worden ingepland en uitgevoerd dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Indien dit begrip voor het gebruik van statistische technieken gekwantificeerd moet worden, moet uitgegaan worden van een betrouwbaarheid van 95%.

Een controleverklaring met een goedkeurende strekking impliceert dat, gegeven eerder genoemde betrouwbaarheid, de maximale afwijking voor wat betreft de getrouwheid als ook de financiële rechtmatigheid niet groter is dan 2% van het totaal van de baten. Bij het toetsen van de betreffende tolerantie dienen de geconstateerde en niet gecorrigeerde fouten en onzekerheden bij elkaar op te worden opgeteld (zie tabel).

Voor de toleranties voor de controle van de informatie die in het kader van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector in de jaarrekening moet worden opgenomen, wordt verwezen naar de ministeriële regeling: Controleprotocol WNT.

Afwijkingen in de verantwoording en onzekerheden in de controle

Van een afwijking in de verantwoording is sprake indien is gebleken dat een (gedeelte van een) verantwoorde post niet voldoet aan één of meer aspecten van de geldende wet- en regelgeving of dat een (gedeelte van een) post niet juist of volledig is verantwoord. Afwijkingen van wet- en regelgeving worden in absolute zin opgevat, saldering van afwijkingen is niet toegestaan.

Van een onzekerheid in de controle is sprake als er onvoldoende (controle-) informatie beschikbaar is om een (gedeelte van een) post als goed of fout aan te merken. Kortom als onzekerheid bestaat over het wel of niet voldoen aan de voorwaarden.

Omgaan met geconstateerde afwijkingen

Het uitgangspunt is dat de subsidieontvanger de door de accountant geconstateerde afwijkingen voor zover mogelijk corrigeert. Een materiële afwijking (conform de tabel) die niet door de subsidieontvanger kan worden gecorrigeerd, leidt tot een aangepast (niet goedkeurend) oordeel door de accountant.

Naast de goedkeuringstoleranties wordt de rapporteringstolerantie onderkend. De rapporteringstolerantie is een bedrag dat gelijk is aan of lager is dan de bedragen voortvloeiend uit de goedkeuringstolerantie. Bij overschrijding van dit bedrag vindt rapportering plaats in het accountantsverslag. De rapporteringstolerantie wordt vastgesteld op 10% van de betreffende goedkeuringstolerantie. Hierbij maakt het niet uit of het om rechtmatigheid of de getrouwheid gaat. Fouten dienen ongesaldeerd te worden weergegeven. Het gaat om hier het verkrijgen van een compleet beeld van alle grotere fouten en onzekerheden. De accountant rapporteert de fouten en onzekerheden in het accountantsverslag.

JenV kan de ADR verzoeken een review uit te voeren op de werkzaamheden van de accountant, met als doel het beoordelen of in het kader van het toezicht op de werkzaamheden van de accountant kan worden gesteund. JenV informeert het COA en de accountant over dit verzoek. De accountant, die de werkzaamheden uitvoert, verstrekt de ADR desgevraagd alle inlichtingen en bescheiden. De eventuele extra kosten van deze accountant in verband met de review komen ten laste van de ontvanger van de bijdrage.

In geval van het COA wordt om twee accountantsproducten gevraagd:

Zie hiervoor ook hoofdstukken 1 en 2. Waar het de inhoud van de verklaring over de getrouwheid en de rechtmatigheid betreft dient de accountant zoveel als mogelijk aan te sluiten op de modellen van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). In de controleverklaring neemt de accountant aanvullend op dat de controle heeft plaatsgevonden met inachtneming van dit accountantsprotocol.

Het verslag van de accountant bevat bevindingen over de vraag of het financieel beheer van het COA heeft voldaan aan de eisen van getrouwheid en rechtmatigheid. Het verslag is in principe vormvrij maar dient de informatie inzake de onder de reikwijdte genoemde aspecten (paragraaf 2.2) te bevatten. Het accountantsverslag wordt ook beschikbaar gesteld aan JenV.

Aanvullend levert de accountant een rapport van feitelijke bevindingen ten aanzien van de onder paragraaf 2.2 genoemde onderwerpen. De accountant rapporteert per onderwerp over de verrichte werkzaamheden met daarbij zijn onderzoeksbevindingen. Daarbij wordt geen conclusie of oordeel gegeven. Leidend voor dit rapport is Standaard 4400N van de NBA.

Een overzicht van de P&C-cyclus geeft inzicht in termen van producten, activiteiten en opleverdata en is daarom als bijlage van het accountantsprotocol opgenomen. Dit overzicht is afkomstig uit de concept Bekostigingsafspraken COA 2019, Bijlage 7 (Planningsproducten en fasering in de tijd); de begrippen zoals gehanteerd in dit document zijn aangehouden. Deze bijlage heeft alleen een informatief doel en heeft geen impact op de controlewerkzaamheden van de accountant.