Regeling · BWBR0001975

Octrooigemachtigden-reglement

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 5 mei 1936, houdende vaststelling van een nieuw Reglement betreffende het optreden als gemachtigde voor de OctrooiraadOctrooigemachtigden-reglement

In dit besluit wordt verstaan onder:

Alvorens tot inschrijving in het register van octrooigemachtigden wordt overgegaan, legt de verzoeker in handen van de Octrooiraad de volgende eed of belofte af:

"Ik zweer (Ik beloof), dat ik het beroep van octrooigemachtigde nauwgezet zal vervullen met inachtneming van de daarop betrekking hebbende wettelijke voorschriften, dat ik de mij in die hoedanigheid toevertrouwde belangen met ijver en eerlijkheid zal behartigen en dat ik geheimhouding zal bewaren omtrent alle aangelegenheden, die mij in mijn hoedanigheid van octrooigemachtigde ter kennis komen en waarvan ik het vertrouwelijk karakter ken of redelijkerwijs moet vermoeden. Zo waarlijk helpe mij God almachtig (Dat beloof ik)".

Indien een advocaat als gemachtigde voor de Octrooiraad wenst op te treden, kan de Voorzitter van de Octrooiraad, alvorens hem als zodanig toe te laten, inzage vorderen van de geviseerde akte van zijn beëdiging als advocaat.

Indien het de Raad van Toezicht voor de Octrooigemachtigden bekend is, dat een advocaat zich bij de behandeling van octrooiaangelegenheden in strijd met zijn plicht of op onwaardige wijze gedraagt of heeft gedragen, stelt hij de raad van toezicht, aan welks toezicht de advocaat is onderworpen, hiervan op de hoogte.

Dit reglement kan worden aangehaald onder de titel van "Octrooigemachtigden-reglement".