U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2005.

Ministeriële regeling · BWBR0006677

Regeling stimulering biologische productiemethode

Wijzigingen Officiële bron
Regeling stimulering biologische productiemethodeRegeling stimulering biologische productiemethodeDe Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Gelet op verordening (EEG) nr. 2078/92 van de Raad van 30 juni 1992 betreffende landbouwproduktiemethoden die verenigbaar zijn met de eisen inzake milieubescherming, en betreffende natuurbeheer (PbEG L 215), als ook gelet op de artikelen 15 en 19 van de Landbouwwet;

Gezien het advies van het Landbouwschap, het Hoofdproduktschap voor Akkerbouwprodukten, de Vereniging Biologisch Dynamische Landbouw, de Stichting Biologica, de Stichting Skal en Platform Biologische Landbouw en Voeding;

Gezien de goedkeuring van de Commissie van de Europese Gemeenschappen bij beschikking nr. C(94)543 van 29 april 1994;

Besluit:

's-Gravenhage17 mei 1994De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,voor deze,De Directeur-Generaal Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, G. van derLely

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.minister:

Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

b.Dienst Regelingen:

Dienst Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

c.stichting Skal:

controle-instelling belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode bepaalde;

d.landbouwtelling:

landbouwtelling als bedoeld in artikel 24 van de Landbouwwet;

e.veevoedergewassen:

blijvend grasland, corn cob mix, luzerne, snijmaïs en andere snijgranen, tijdelijk grasland, veldbonen, voederbiet en zonnebloem;

f.landbouwbedrijf:

in Nederland gevestigd bedrijf waarop blijkens de gegevens van de landbouwtelling of het bouwplan van het jaar van indienen van de aanvraag, een of meer van de navolgende productierichtingen plaatsvindt:

g.pacht:

recht dat wordt ontleend aan een door de grondkamer goedgekeurde overeenkomst als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Pachtwet, welke is aangegaan voor ten minste de wettelijke termijn;

h.verordening (EG) nr. 1257/1999:

verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad van 17 mei 1999 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) en tot wijziging en instelling van een aantal verordeningen (PbEG L 160);

i.verordening (EEG) nr. 2078/92:

verordening (EEG) nr. 2078/92 van de Raad van 30 juni 1992 betreffende landbouwproductiemethoden die verenigbaar zijn met de eisen inzake milieubescherming, en betreffende natuurbeheer (PbEG L 215);.

j.rechtspersoon:

rechtspersoon, anders dan een publiekrechtelijke rechtspersoon;

k.biologische productiemethode:

productiemethode als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode;

l.biologische teelt van veevoedergewassen:

voortbrenging van veevoedergewassen overeenkomstig de voorschriften van bijlage 1 van de Landbouwkwaliteitsregeling biologische productiemethode met uitzondering van onderdeel A. 1;

m.biologisch teeltplan:

door de stichting Skal goedgekeurd plan waarin voor alle percelen van het landbouwbedrijf waarvoor de verplichtingen worden aangegaan, de wijze waarop omschakeling naar dan wel de voortzetting van de toepassing van de biologische productiemethode of de uitoefening van de biologische teelt van veevoedergewassen wordt aangegeven;

n.Controlereglement Skal-controle:

Controlereglement Skal-controle zoals vastgesteld door het bestuur van de stichting Skal en opgenomen in bijlage 1;

o.bedrijfsaansluitingsbevestiging:

bedrijfsaansluitingsbevestiging als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Controlereglement biologische productiemethode onderscheidenlijk artikel 2, derde lid, van het Controlereglement Skal-controle van de stichting Skal;

p.bedrijfsaansluitingscertificaat:

bedrijfsaansluitingscertificaat als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van het Controlereglement biologische productiemethode onderscheidenlijk artikel 2, achtste lid, van het Controlereglement Skal-controle van de stichting Skal;

qbouwplan:

het plan waarin voor het landbouwbedrijf een overzicht is gegeven van het soort gewas dat per perceel wordt geteeld;

r. goede landbouwpraktijken:

de geldende nationale en Europese minimumnormen op het gebied van milieu, dierenwelzijn en hygiëne, hetgeen omvat de geldende normen bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet verontreiniging oppervlaktewater, de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming, de Bestrijdingsmiddelenwet 1962, de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Diergeneesmiddelenwet en de Plantenziektenwet.

De minister kan ter vermindering van de belasting voor het milieu en de natuur door de landbouw op grond van de volgende bepalingen een subsidie verstrekken ten behoeve van de biologische produktiemethode en van de biologische teelt van veevoedergewassen.

Bij een besluit als bedoeld in artikel 14, eerste lid, kan de minister bepalen dat subsidie slechts wordt verleend ten behoeve van:

Vervallen

Een aanvraag tot subsidieverlening kan slechts worden ingediend, indien de aanvrager op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening voor de betrokken percelen niet reeds een subsidie is verleend op grond van deze regeling.

De Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is belast met het toezicht op de naleving van de in deze regeling gestelde voorschriften. Zij kan daartoe gebruik maken van de diensten van de stichting SKAL.

Vervallen

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling stimulering biologische productiemethode.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Het bestuur van de Stichting Skal;

Gelet op artikel 31 van de Statuten der Stichting (Stcrt. 1993, 73);

heeft in zijn vergadering van 30 september 1993 vastgesteld het navolgende reglement.

Dit reglement neemt over de terminologie van de Landbouwkwaliteitswet (Stb. 1971, 371), het Landbouwkwaliteitsbesluit biologische productiemethode (Stb. 1992, 661), de Landbouwkwaliteitsregeling biologische productiemethode (Stcrt. 1992, 253) en de Statuten van de Stichting Skal (Stcrt. 1993, 73) en verstaat voorts onder:

Statuten:

de Statuten van de Stichting Skal;

controleur:

de controleur(s) dan wel inspecteur(s) in dienst van de Stichting Skal;

secundair productieproces:

verhandelen, opslaan, bereiden, marktklaar maken, invoeren van (landbouw)producten;

primaire productie:

handelingen die zijn gericht op het voortbrengen van landbouwproducten in de oorspronkelijke staat;

secundaire productie:

alle handelingen van verwerking, verduurzaming, verpakking, invoering, verhandeling, marktklaar maken en opslag van (landbouw)producten;

primair producent:

marktdeelnemer die enkel landbouwproducten produceert en enkel de door hem geproduceerde producten in de handel brengt;

secundair producent:

marktdeelnemer, niet zijnde een primair producent, die (landbouw)producten verhandelt, opslaat, bereidt, marktklaar maakt en/of invoert;

bedrijfsnummer:

bedrijfspecifiek nummer; het nummer waaronder de desbetreffende aangeslotene bij de Stichting staat geregistreerd;

procesnummer:

processpecifiek nummer, verbonden aan de procesomschrijving en gekoppeld aan het bedrijfsnummer; het nummer waaronder het desbetreffende proces bij de Stichting staat geregistreerd;

productnummer:

productspecifiek nummer verbonden aan het productregistratiecertificaat; het nummer waaronder het desbetreffende product bij de Stichting staat geregistreerd;

bedrijfsaansluitingsbevestiging:

aansluitbevestiging als bedoeld in artikel 2, derde lid, van dit reglement. Het vormt tezamen met het aanvraagformulier voor registratie de overeenkomst als bedoeld in artikel 5, eerste lid van de Statuten;

bedrijfsaansluitingscertificaat:

certificaat als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van dit reglement en waarvan een model als bijlage 2 bij dit reglement is gevoegd;

procesregistratiebevestiging:

registratiebevestiging als bedoeld in artikel 7, derde lid, van dit reglement. Het vormt tezamen met het aanvraagformulier voor registratie de overeenkomst als bedoeld in artikel 5, eerste lid van de Statuten;

procesregistratiecertificaat:

certificaat als bedoeld in artikel 7, achtste lid, van dit reglement en waarvan een model als bijlage 3 bij dit reglement is gevoegd;

productregistratiebevestiging:

registratiebevestiging als bedoeld in artikel 12, derde lid, van dit reglement. Het vormt tezamen met het aanvraagformulier voor registratie de overeenkomst als bedoeld in artikel 5, eerste lid van de Statuten;

productregistratiecertificaat:

certificaat als bedoeld in artikel 12, zevende lid, van dit reglement en waarvan een model als bijlage 4 bij dit reglement is gevoegd;

importeursaansluitingscertificaat:

certificaat als bedoeld in artikel 17, derde lid, van dit reglement en waarvan een model als bijlage 5 bij dit reglement is gevoegd. Het vormt tezamen met het aanvraagformulier voor registratie de overeenkomst als bedoeld in artikel 5, eerste lid van de Statuten;

Skal-certificaat:

certificaat als bedoeld in artikel 22, eerste lid onder c, van dit reglement en waarvan een model als bijlage 6 bij dit reglement is gevoegd;

Bijdrage-reglement:

het Bijdrage-reglement van de Stichting;

importeur:

natuurlijk of rechtspersoon die producten invoert uit niet-EG-landen om ze in de EG in de handel te brengen;

door Skal erkend controlesysteem:

controlesysteem van de in bijlage 7 van dit reglement bedoelde controleorganisaties;

norm-product(en):

product(en) niet vallend onder de werking van het Besluit maar wel vallend onder de werking van een overeenkomst.

Het bedrijfsaansluitingscertificaat bevat:

De aangeslotene is verplicht:

De aangeslotene is verplicht:

Wanneer in een te onderscheiden eenheid andere dan norm-producten worden verwerkt, bereid, marktklaar gemaakt of opgeslagen:

De aangeslotene is verplicht:

Wanneer in een te onderscheiden eenheid andere dan norm-produkten worden verwerkt, bereid, marktklaar gemaakt of opgeslagen:

De aangeslotene is verplicht:

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist het Bestuur van de Stichting.