U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 28-07-2018.

Regeling · BWBR0009398

Penitentiaire maatregel

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 23 februari 1998, houdende vaststelling van de Penitentiaire maatregel en daarmee verband houdende wijziging van enige andere regelingen (Penitentiaire maatregel)Penitentiaire maatregelWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Onze Minister van Justitie, van 8 juli 1997, nr. 640008/97/6;

Gelet op artikel 89 van de Grondwet, artikel 13 van het Wetboek van Strafrecht en voorts de artikelen 3, vijfde lid, 4, tweede lid, 7, vierde lid, 32, tweede lid, 41, vierde lid, 42, vijfde lid, 45, derde lid, 59, 61, vierde lid, 65, tweede lid, 67, vierde lid, van de Penitentiaire beginselenwet en artikel 40, vierde lid, van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;

Gezien de adviezen van de Centrale Raad voor Strafrechtstoepassing van 11 november 1996, nr. RA/98/96, 25 maart 1997, nr. RA 20/97 en 6 juni 1997, nr. 631365/97, en het advies van de Registratiekamer van 23 oktober 1996, nr. 96.A.495/1;

De Raad van State gehoord (advies van 26 november 1997, No.W03.97 0476);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 16 februari 1998, nr. 680358/98/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage23 februari 1998 Beatrix De Minister van Justitie, W. Sorgdrager de vijfde maart 1998 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager

In dit besluit en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:

Vervallen

Voor deelname aan een penitentiair programma komen niet in aanmerking:

Voor benoeming als lid, secretaris of plaatsvervangend secretaris komen niet in aanmerking:

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

De gedetineerde wordt gedurende de periode dat de a- of b-dwangbehandeling of de gedwongen geneeskundige handeling wordt verricht, zo vaak als nodig is bezocht door een arts of in diens opdracht een verpleegkundige. Het verslag van diens bevindingen wordt opgenomen in het medische dossier.

De verantwoordelijke arts draagt zorg dat de melding van de toepassing van a-dwangbehandeling, b-dwangbehandeling, gedwongen geneeskundige handeling of voortzetting van a-dwangbehandeling en de resultaten van het overleg, bedoeld in artikel 21a, vierde lid, artikel 22a en 22c, alsmede de adviezen die daarbij zijn gegeven en de afspraken die zijn gemaakt worden geregistreerd in het medische dossier.

Aan een inrichting zijn geestelijke verzorgers van verschillende godsdiensten of levensovertuigingen verbonden, doch in elk geval geestelijke verzorgers van protestantse en rooms-katholieke gezindte en geestelijke verzorgers behorend tot het humanistisch verbond.

De aanstelling van een geestelijke verzorger van protestantse of rooms-katholieke gezindte of een geestelijke verzorger behorend tot het humanistisch verbond bij een inrichting geschiedt door of vanwege Onze Minister op voordracht van de betrokken hoofdgeestelijke, genoemd in artikel 25, eerste lid.

Met uitzondering van personen in vreemdelingenbewaring wordt van iedere gedetineerde en deelnemer aan een penitentiair programma een penitentiair dossier aangelegd.

Vervallen

Aan de gedetineerde wordt van de beslissing van Onze Minister tot plaatsing in een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden en tot beëindiging van zijn verblijf in die inrichting onverwijld schriftelijk en zo veel mogelijk in een voor hem begrijpelijke taal een met redenen omklede, gedagtekende en ondertekende mededeling gedaan. Daarbij wordt de gedetineerde gewezen op de mogelijkheid van het instellen van beroep, bedoeld in hoofdstuk XVI van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, en de wijze waarop en de termijn waarbinnen dit dient te geschieden.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 3 is niet van toepassing op de tenuitvoerlegging van de maatregel.

Indien een programma wordt aangeboden, wijst de directeur voor de betrokkene een trajectcoördinator aan.

De trajectcoördinator heeft tot taak:

De artikelen 15, eerste en tweede lid, en 17, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de tenuitvoerlegging van de laatste fase van de maatregel buiten de inrichting.

De gedetineerde ontvangt bij invrijheidstelling reisgeld voor een reis of reisgelegenheid naar zijn woon- of verblijfplaats binnen Nederland.

Onverminderd het bepaalde bij of krachtens de Wet langdurige zorg komen ten laste van de Staat de kosten van geneeskundige verzorging van de gedetineerde die in een inrichting gevangenisstraf of hechtenis ondergaat.

Bij overlijden van een gedetineerde komen de kosten van begrafenis of crematie, voor zover die redelijkerwijs noodzakelijk kunnen worden geacht, ten laste van de Staat.

Buiten geval van opzet of bewuste roekeloosheid is de aansprakelijkheid van de directeur voor voorwerpen die een gedetineerde ingevolge artikel 45, tweede lid, van de wet onder zich heeft, beperkt tot € 500 per voorwerp, inclusief eventuele gevolgschade.

Wijzigt het Besluit politieregisters.

Wijzigt het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 1994.

Wijzigt het Besluit buitengewoon strafrecht.

Wijzigt het Besluit van 9 juni 1982, omtrent het regiem voor militairen die in het huis van bewaring en de gevangenis van het Militair Penitentiair Centrum «Nieuwersluis» voorlopig arrest, respectievelijk gevangenisstraf, hechtenis of militaire detentie ondergaan.

Wijzigt het Besluit van 22 februari 1896 tot invoering van signalementkaarten.

Wijzigt het Dienstplichtbesluit.

Wijzigt het Reglement verpleging ter beschikking gestelden.

Wijzigt het Arbeidsomstandighedenbesluit.

Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van de wet en dit besluit en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift terzake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij de uitvoering van dit besluit de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

De Gevangenismaatregel wordt ingetrokken.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Dit besluit wordt aangehaald als: Penitentiaire maatregel.