Ministeriële regeling · BWBR0010697
Verlening bevoegheden aan douane-ambtenaren i.v.m. tenuitvoerlegging strafvonnissen
Gelet op de artikelen 556, eerste lid, en 587, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag 1 september 1999 De Minister van Justitie, A.H.KorthalsDe ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane, welke opsporingsbevoegdheid bezitten, kunnen worden belast met:
- a.
de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen of beslissingen van het openbaar ministerie, als bedoeld in artikel 556, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering;
- b.
de uitreiking van een gerechtelijk schrijven als bedoeld in artikel 586 van het Wetboek van Strafvordering.
De regeling van de Minister van Justitie van 20 mei 1994, nr. 438145/594/MB, houdende aanwijzing van de ambtenaren der invoerrechten en accijnzen als ambtenaar in de zin van artikel 556 van het Wetboek van Strafvordering (Stcrt. 101)¹ wordt ingetrokken.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.