Regeling · BWBR0011477
Wijzigingsbesluit Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
Op de voordracht van Onze Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid van 6 april 2000, nummer BPR2000/U57697;
Gelet op de artikelen 5, 6, 9, 11, 13, 23a, 34, 58, 100a, 113, 114a, 119 en 120a van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;
De Raad van State gehoord (advies van 23 mei 2000, nummer W04.00.0149/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid van 30 juni 2000, nummer BPR2000/74368;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage8 juli 2000BeatrixDe Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid,R. H. L. M. van Boxteltwintigste juli 2000De Minister van Justitie,A. H. KorthalsWijzigt het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
De op grond van artikel 43, eerste lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens vast te stellen tegemoetkoming wordt aan de door Onze Minister aan te wijzen gemeenten gedurende drie jaren, te rekenen vanaf 1 januari 1999, verhoogd. De aanwijzing vermeldt de voor de desbetreffende gemeenten in een kalenderjaar geldende verhoging.
De op grond van het eerste lid vastgestelde verhoging van de tegemoetkoming wordt overeenkomstig artikel 43, tweede lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens in rekening gebracht bij de daar bedoelde afnemers.
Onze Minister zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van het bij dit besluit gewijzigde artikel 43 van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, aan het gebruikersoverleg een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van dat artikel in de praktijk.
De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel I, onderdeel M, de in artikel I, onderdeel X, opgenomen bijlagen 1b en 1c en artikel II werken terug tot en met 1 januari 1999.
Artikel I, onderdeel P, werkt terug tot en met 1 juli 1999.