Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, van 7 februari 2001, nr. WJZ/2001/3897 (2912), directie Wetgeving en Juridische Zaken, gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Gelet op artikel 33, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 33, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra, artikel 38a, tweede lid, en artikel 153, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 4.1.2, tweede lid, en artikel 4.3.2, tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
De Raad van State gehoord (advies van 12 maart 2001, nr W05.01.0080/III);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, van 1 mei 2001, nr. 2001/12890 (2912), directie Wetgeving en Juridische Zaken, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage9 mei 2001BeatrixDe Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,L. M. L. H. A. HermansDe Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,L. J. Brinkhorstde eenendertigste mei 2001De Minister van Justitie,A. H. KorthalsWijzigt het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel.
Wijzigt het Kaderbesluit rechtspositie VO.
Wijzigt het Kaderbesluit rechtspositie BVE.
Het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel en de daarop gebaseerde ministeriële regelingen, het Kaderbesluit rechtspositie VO en het Kaderbesluit rechtspositie BVE zoals luidend voor 1 januari 2000 blijven van toepassing op beslissingen en geschillen die betrekking hebben op de periode voorafgaand aan die datum.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2000.