U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 10-04-2003.

Ministeriële regeling · BWBR0012882

Regeling onderhoud luchtvaartuigen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling onderhoud luchtvaartuigenRegeling onderhoud luchtvaartuigenDe Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 20 en 22 van het Besluit luchtwaardigheid;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, T.Netelenbos

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.belangrijke herstelling:

werkzaamheden om een defect of beschadigd luchtvaartuig of onderdeel daarvan te herstellen die, indien deze niet op de juiste wijze worden uitgevoerd, in een niet te verwaarlozen mate invloed hebben op de luchtwaardigheid van het luchtvaartuig of de deugdelijkheid van het onderdeel;

b.erkenninghouder:

een houder van een erkenning bedoeld in artikel 23 van het Besluit luchtwaardigheid;

c.groot onderhoud:

onderhoud dat niet valt onder de definitie van klein onderhoud;

d.JAR-OPS 1:

Joint Aviation Requirements, Commercial Air Transportation (Aeroplanes) als vastgesteld door de Joint Aviation Authorities Committee;

e.JAR-OPS 3:

Joint Aviation Requirements, Commercial Air Transportation (Helicopters) als vastgesteld door de Joint Aviation Authorities Committee;

f.klein onderhoud:

onderhoud dat op eenvoudige wijze uit te voeren is, met uitzondering van revisie;

g.minister:

Minister van Verkeer en Waterstaat;

h.onderhoud:

de revisie, reparatie, inspectie, vervanging, uitvoering van een wijziging, of de herstelling van een defect van een luchtvaartuig of luchtvaartuigonderdeel of een combinatie van deze werkzaamheden, met uitzondering van de direct aan elke vlucht voorafgaande inspectie van het luchtvaartuig of daarmee gelijk te stellen inspecties;

i.onderhoudstechnicus:

een houder van een geldig, ingevolge artikel 3.30 van de Wet luchtvaart afgegeven bewijs van bevoegdheid betreffende onderhoud van luchtvaartuigen;

j.revisie:

het weer in goede staat brengen van een luchtvaartuig of luchtvaartuigonderdeel door middel van inspectie en vervanging in overeenstemming met een goedgekeurde norm ter verlenging van de operationele levensduur.

De houder van een luchtvaartuig dient de bekende en vermoede gebreken van het luchtvaartuig alsmede defecten en beschadigingen, die zijn opgetreden of ontdekt in installaties of onderdelen van het luchtvaartuig en de luchtwaardigheid nadelig beïnvloeden, schriftelijk en zo snel mogelijk maar ten minste binnen 72 uur na de waarneming aan de minister te melden.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 oktober 2001.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling onderhoud luchtvaartuigen.

Alle wijzigingen die aan één van onderstaande criteria voldoen hebben invloed op de geluidsproductie of de toegestane geluidsproductie van het luchtvaartuig en moeten voor de uitvoering goedgekeurd zijn door de minister.

I. Elke wijziging die een verandering van het maximum startgewicht van het luchtvaartuig met zich mee brengt.

II. Elke wijziging die een verandering in de klimprestaties van het luchtvaartuig met alle motoren werkend met zich mee brengt. De relevante klimprestaties zijn onder andere:

III. Elke wijziging voor straalvliegtuigen en zware propellervliegtuigen, (MTOM ( 8618 kg.), die een verandering van het maximum landingsgewicht, de landingsconfiguratie of de toegelaten landingsprocedures met zich meebrengt.

IV. Elke wijziging aan de voortstuwingsinrichting. Deze bestaat uit onder andere:

V. Elke wijziging waardoor de instroming van motor, propeller, of rotor wijzigt. Dit is bijvoorbeeld:

VI. Elke wijziging waardoor de eventuele geluidafschermende of -reflecterende werking van delen van het luchtvaartuig zou kunnen veranderen.

VII. Elke wijziging waardoor holtes zouden kunnen ontstaan, die door de luchtstroom in resonantie worden gebracht. Dit zijn onder andere:

VIII. Alle veranderingen aan APU's, aan in- en uitlaten daarvan, en in het toegelaten gebruik daarvan tijdens de vlucht.

IX. Elke wijziging die een verandering van de normale operating procedures met zich mee brengt.

X. Elke wijziging waardoor de luchtwaardigheidscategorie van het luchtvaartuig verandert.

XI. Elke andere wijziging waarvan uit de documentatie blijkt dat die een verandering van het geluid teweegbrengt.

Alle wijzigingen die aan één van onderstaande criteria voldoen hebben invloed op de gegevens van het luchtvaartuigregister of het door de minister uitgegeven vlieghandboek en moeten gemeld worden aan de minister.

I. Elke wijziging die een verandering van het maximum startgewicht van het luchtvaartuig met zich mee brengt.

II. Elke wijziging die een verandering van het maximum landingsgewicht van het luchtvaartuig met zich mee brengt.

III. Elke wijziging die een verandering van de modelaanduiding van het luchtvaartuig met zich mee brengt.

IV. Elke wijziging die een verandering van de luchtwaardigheidscategorie van het luchtvaartuig met zich mee brengt.

V. Elke wijziging van het type of model van de motor.

VI. Elke wijziging van het type of model van de propeller.

VII. Elke wijziging van het type of model van de radiocommunicatieapparatuur (COM set).

VIII. Het inbouwen of wijzigen van een sproei- of verstuifinstallatie.

IX. Het inbouwen of wijzigen van de sleephaakinstallatie.

X. Het inbouwen of wijzigen van de paraconfiguratie.

Wijzigingen die voldoen aan criterium 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, of 8, zijn van invloed op het luchtvaartuigregister.

Wijzigingen die voldoen aan criterium 3, 4, 8, 9 of 10 zijn van invloed op het door de minister uitgegeven vlieghandboek.