Ministeriële regeling · BWBR0014886
Regeling elektronische indiening GDI 2003
Gelet op de artikelen 6, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 3508/1992 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 november 1992 tot instelling van een geïntegreerd beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen (PbEG L 355) en 11 van Verordening (EG) nr. 2419/2001 van de Commissie houdende uitvoeringsbepalingen inzake het bij Verordening (EG) nr. 3508/92 van de Raad ingestelde geïntegreerde beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen (PbEG L 327);
Gelet op de artikelen 13, 19, 24, 25 en 27 van de Landbouwwet en artikel 7a van de Meststoffenwet;
Besluit:
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,C.P.VeermanDe aanvraag, bedoeld in artikel 7a van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen, de opgave, bedoeld in artikel 6 van de Regeling landbouwtelling 2003 en de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 5a van de Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet kunnen gezamenlijk elektronisch worden ingediend.
De gezamenlijke elektronische indiening geschiedt met het daartoe bestemde elektronische formulier.
Het formulier wordt ondertekend met de door de Minister aan de ondertekenaar ter beschikking gestelde elektronische handtekening.
De elektronische handtekening bestaat uit een eenmalig te gebruiken tancode.
De elektronische handtekening wordt uitsluitend gebruikt door degene aan wie de handtekening is verstrekt.
De ontvanger van een tancode ziet toe op het gebruik van de tancode overeenkomstig deze regeling.
Een tancode is uitsluitend geldig voor de regeling en de aanvraagperiode waarvoor deze is verstrekt.
Door het gebruik van een tancode verklaart de aanvrager dat hij de tancode gebruikt overeenkomstig deze regeling.
De Minister bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediend formulier.
De Minister verstrekt ambtshalve een set tancodes aan bij hem bekende agrarische ondernemers.
De Minister verstrekt op verzoek van de aanvrager een set tancodes, ingeval
- a.
deze geen tancodes heeft ontvangen;
- b.
de verstrekte tancodes zijn gebruikt, of
- c.
van verlies van eerder verstrekte tancodes.
De Minister kan verzoeken om een bewijs van de juistheid van bij het verzoek, bedoeld in het eerste lid, verstrekte gegevens.
De Minister kan besluiten de elektronische handtekening niet te verstrekken of in te trekken, indien de indiener of een met hem geassocieerd bedrijf of organisatie in het verleden de elektronische handtekening heeft gebruikt in strijd met deze regeling of op andere wijze de integriteit van een verstrekte handtekening heeft geschonden.
In afwijking van artikel 3 kan een belanghebbende de aan hem verstrekte tancodes doen gebruiken door een gemachtigde als bedoeld in artikel 2:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten behoeve van het indienen van een elektronische formulier namens belanghebbende.
De gemachtigde maakt bij het indienen van de aanvraag, de opgave onderscheidenlijk de verstrekking slechts gebruik van de aan de gemachtigde ter beschikking gestelde toegangscodes tot het elektronische formulier.
De ontvangst van een door een gemachtigde ingediend elektronisch formulier wordt bevestigd aan de gemachtigde en de aanvrager.
De Minister kan een elektronisch formulier weigeren, indien dit niet overeenkomstig deze regeling is ingediend.
De Minister kan elektronisch verschafte gegevens en bescheiden weigeren voor zover de aanvaarding daarvan tot een onevenredige belasting voor de Minister zou leiden.
De Minister kan een elektronisch verzonden bericht weigeren voor zover de betrouwbaarheid of vertrouwelijkheid van dit bericht onvoldoende is gewaarborgd, gelet op de aard en de inhoud van het bericht en het doel waarvoor het wordt gebruikt.
De Minister deelt een weigering op grond van dit artikel zo spoedig mogelijk aan de afzender mede.
Als tijdstip waarop een elektronisch formulier door de Minister elektronisch is ontvangen, geldt het tijdstip waarop het bericht zijn systeem voor gegevensverwerking heeft bereikt.
De Minister kan besluiten de elektronische aanvraag, opgave onderscheidenlijk verstrekking niet te behandelen, indien het elektronisch formulier geheel of gedeeltelijk is geweigerd op grond van artikel 11. Artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling elektronische indiening GDI 2003.