Ministeriële regeling · BWBR0015736
Regeling statistiek WWB, IOAW, IOAZ en WIK
Gelet op artikel 78, derde lid, van de Wet werk en bijstand, artikel 55, tweede lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, artikel 55, tweede lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en artikel 35, derde lid, van de Wet inkomensvoorziening kunstenaars;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die uiterlijk 14 november 2003 ter inzage worden gelegd in de bibliotheek van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te 's-Gravenhage.
Den Haag16 oktober 2003De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M.RutteIn deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
minister: Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
- b.
WWB: Wet werk en bijstand;
- c.
Invoeringswet WWB: Invoeringswet Wet werk en bijstand;
- d.
IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
- e.
IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
- f.
WIK: Wet inkomensvoorziening kunstenaars;
- g.
uitkering: bijstand of langdurigheidtoeslag op grond van de WWB en de uitkering op grond van de IOAW, IOAZ of WIK.
De minister ontvangt van het college uiterlijk vier weken na afloop van iedere kalendermaand, overeenkomstig het in bijlage 1 bij deze regeling opgenomen model, onderscheiden naar de WWB, IOAW, IOAZ en WIK, gegevens met betrekking tot personen aan wie in de desbetreffende maand een uitkering is verleend.
De minister ontvangt van de adviserende instelling, bedoeld in artikel 26 van de WIK, uiterlijk acht weken na afloop van ieder kwartaal, overeenkomstig het in bijlage 2 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot de op grond van artikel 26, tweede lid, van de WIK in het betreffende kwartaal verstrekte adviezen.
De minister ontvangt van het college uiterlijk vier weken na afloop van iedere kalendermaand, overeenkomstig het in bijlage 3 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot personen met een uitkering aan wie een betalings- of aflossingsverplichting is opgelegd.
De minister ontvangt van het college uiterlijk acht weken na afloop van de eerste helft van een kalenderjaar en na afloop van de tweede helft van een kalenderjaar, overeenkomstig het in bijlage 4 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot personen bij wie een vermoeden van fraude met betrekking tot een uitkering is onderzocht.
De minister ontvangt van het college over de eerste helft van een kalenderjaar en de tweede helft van een kalenderjaar:
- a.
overeenkomstig het in bijlage 5 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot personen aan wie in het betreffende halfjaar een voorziening gericht op arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de WWB, is aangeboden, dan wel die van voornoemde voorziening, niet zijnde arbeid als bedoeld in artikel 14 van de Invoeringswet WWB, feitelijk gebruik hebben gemaakt;
- b.
overeenkomstig het in bijlage 6 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot personen die in het betreffende halfjaar arbeid verrichtten in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 6 van het Besluit in- en doorstrooombanen, zoals dit besluit luidde op 31 december 2003, ter financiering waarvan een werkgever een subsidie heeft ontvangen van het college;
- c.
overeenkomstig het in bijlage 7 bij deze regeling opgenomen model, gegevens met betrekking tot personen die in het betreffende halfjaar arbeid verrichtten in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 4 van de Wet inschakeling werkzoekenden of arbeid verrrichtten op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van voornoemde wet, zoals deze wet luidde op 31 december 2003, ter financiering waarvan een werkgever een subsidie heeft ontvangen van het college.
De verplichting, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, geldt alleen voor de colleges van gemeenten die worden genoemd in bijlage 8 bij deze regeling.
In plaats van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kan het college van een gemeente, bedoeld in het tweede lid, ook gegevens verstrekken overeenkomstig het in bijlage 5 bij deze regeling opgenomen model, van personen genoemd in artikel 2, tweede lid, van de Regeling informatie Wet inschakeling werkzoekenden, zoals deze regeling luidde op 31 december 2003.
De minister ontvangt de gegevens van het college, bedoeld in het eerste en derde lid, uiterlijk zes weken na afloop van de eerste helft van het kalenderjaar en na afloop van de tweede helft van het kalenderjaar door tussenkomst van een door de minister aan te wijzen externe bewerker. Van de aanwijzing van de bewerker wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
De bewerker, bedoeld in het vierde lid, verstrekt de in het eerste en derde lid bedoelde gegevens op een door de minister te bepalen wijze.
Door de bewerker worden geen persoonsgegevens of verwerkte persoonsgegevens aan derden verstrekt, behoudens in opdracht van de minister.
Het college, respectievelijk de adviserende instelling, verstrekt de gegevens, bedoeld in de artikelen 2, 3 en 4, door tussenkomst van het Centraal Bureau voor de Statistiek, waarbij de gegevensverstrekking plaatsvindt op een door de Directeur-Generaal van de Statistiek te bepalen wijze.
Door de minister kunnen persoonsgegevens als bedoeld in artikel 5, eerste en derde lid, worden verstrekt aan het Centraal Bureau voor de Statistiek ten behoeve van het verrichten van statistisch onderzoek.
De volgende regelingen worden ingetrokken:
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2004.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling statistiek WWB, IOAW, IOAZ en WIK.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.