U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2007.
Wijzigingen Officiële bron
Wet van 29 juni 2006, houdende nieuwe regels betreffende maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning)Wet maatschappelijke ondersteuningWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nieuwe regels te stellen betreffende maatschappelijke ondersteuning en daarbij de rol van de gemeente te versterken;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage29 juni 2006BeatrixDe Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ,C. I. J. M.Ross-van Dorpde eerste augustus 2006De Minister van Justitie a.i. ,S. M.Dekker

Er bestaat geen aanspraak op maatschappelijke ondersteuning voor zover met betrekking tot de problematiek die in het gegeven geval aanleiding geeft voor de noodzaak tot ondersteuning, een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling bestaat.

Het college van burgemeester en wethouders biedt personen die aanspraak hebben op een individuele voorziening de keuze tussen het ontvangen van een voorziening in natura of het ontvangen van een hiermee vergelijkbaar persoonsgebonden budget, tenzij hiertegen overwegende bezwaren bestaan.

Provinciale staten onderscheidenlijk gedeputeerde staten dragen zorg voor het voeren van beleid betreffende het steunfunctiewerk.

Een eigen bijdrage wordt vastgesteld en geïnd door een door Onze Minister aan te wijzen rechtspersoon.

Indien naar het oordeel van Onze Minister de rechtspersoon, bedoeld in artikel 16, zijn in dat artikel omschreven taak niet langer naar behoren verricht, kan Onze Minister bepalen dat de bevoegdheden die met die taak verband houden niet langer aan die rechtspersoon toekomen. De betrokken bevoegdheden gaan in dat geval over op Onze Minister.

De rijksbelastingdienst verstrekt:

Onze Minister zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na vier jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Roerende zaken, voor de aanschaf waarvan krachtens deze wet een financiële tegemoetkoming is verstrekt, die zijn aangeschaft met een persoonsgebonden budget of die krachtens deze wet in eigendom of bruikleen zijn verleend, zijn niet vatbaar voor vervreemding, verpanding, belening of beslag, zolang die roerende zaken voor de rechthebbende op die zaken nodig zijn. Elk beding strijdig met dit artikel is nietig.

Wijzigt de Kaderwet volksgezondheidssubsidies.

Wijzigt de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen.

Wijzigt de Wet klachtrecht cliënten zorgsector.

Wijzigt de Wet collectieve preventie volksgezondheid.

Wijzigt Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Wijzigt de Woningwet.

Wijzigt de Woningwet.

Wijzigt de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.

Wijzigt de Wet inburgering nieuwkomers.

Wijzigt de Wet kinderopvang.

Wijzigt de Beroepswet.

De Welzijnswet 1994 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft:

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2007.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet maatschappelijke ondersteuning.