Wijzigingen Officiële bron
Deelregeling projectsubsidies voor podiumkunstinstellingen van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ 2009–2010Deelregeling projectsubsidies voor podiumkunstinstellingen van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ 2009–2010

In deze regeling wordt verstaan onder:

Het bestuur van het Fonds kan op aanvraag van een podiumkunstinstelling in de periode van 2009–2010 een projectsubsidie voor de duur van maximaal 2 jaar verstrekken voor projecten die de kwaliteit en diversiteit in de podiumkunsten stimuleren en sterk inzetten op het opbouwen en bereiken van een publiek daarvoor in Nederland en het buitenland.

1. Het bestuur van het Fonds verstrekt projectsubsidies in de (mogelijk gecombineerde) vorm van:

2. Het bestuur van het Fonds kan een producerende podiumkunstinstelling een productiesubsidie verstrekken voor:

3. Het bestuur van het Fonds kan een festivalorganisatie een afnamesubsidie verstrekken voor het organiseren van:

4. Het bestuur van het Fonds kan een podium een afnamesubsidie verstrekken voor programmerings- en/of marketingactiviteiten voor de duur van 2 jaar.

1. Voor het uitvoeren van deze regeling in 2010 gelden de volgende subsidieplafonds, onder voorbehoud van verstrekking van deze middelen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap:

2. Als er in een kalenderjaar meerdere subsidierondes zijn, worden de subsidieplafonds als bedoeld in het eerste lid naar evenredigheid verdeeld over de subsidierondes, met uitzondering van het subsidieplafond als bedoeld in lid 1 onder c dat wordt verdeeld in de volgende verhouding: een bedrag van € 560.000,– voor de ronde van 15 januari, het resterende deel wordt evenredig verdeeld over de overige twee rondes.

3. Het bestuur van het Fonds kan de in het eerste lid genoemde bedragen verdelen over verschillende disciplines.

4. Het bestuur van het Fonds kan eerder vastgestelde subsidieplafonds verhogen of verlagen.

5. Besluiten als bedoeld in het derde en vierde lid worden bekendgemaakt via de website van het fonds.

1. Indien een subsidieplafond als bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid onvoldoende is om alle aanvragen in de categorie waarop het plafond betrekking heeft te honoreren, stelt het bestuur van het Fonds de aanvragen met inachtneming van het advies van de adviescommissie per categorie in een rangorde vast op basis van de prioriteit die aan de aanvragen is gegeven aan de hand van de criteria, genoemd in artikel 9.

2. Om in de rangorde te worden opgenomen, dient een aanvraag te voldoen aan het bepaalde in de artikelen 6, 7 en 10.

3. Om in de rangorde te worden opgenomen, dient zich niet één van de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 11 voor te doen.

4. Om in de rangorde te worden opgenomen, dient het oordeel over het criterium ‘kwaliteit’ als bedoeld in artikel 9, eerste lid aanhef en onder a, in ieder geval positief te zijn.

5. Nadat de aanvragen onderling zijn vergeleken en per categorie in rangorde zijn vastgesteld, verdeelt het bestuur van het Fonds de beschikbare subsidie per categorie volgens de rangorde. Het bestuur van het Fonds besluit tot toewijzing of gedeeltelijke toewijzing van de subsidieaanvraag. Het bestuur van het Fonds wijst de resterende aanvragen af.

1. Aanvragen voor subsidie worden alleen in behandeling genomen indien zij worden ingediend met gebruikmaking van een daartoe bestemd en volledig ingevuld aanvraagformulier ‘projectsubsidies’. Het aanvraagformulier is te downloaden op www.nfpk.nl of op te vragen bij het Fonds.

2. Een aanvraag bevat in ieder geval de volgende informatie:

3. Het Fonds kan, indien de aanvraag daartoe aanleiding geeft, de aanvrager om nadere informatie verzoeken.

4. De aanvrager is verantwoordelijk voor een juiste en volledige informatieverstrekking op grond waarvan het bestuur van het Fonds redelijkerwijs tot een besluit kan komen.

Het Fonds behandelt de aanvragen in het kader van deze deelregeling in 3 rondes met als uiterste indieningsdata 15 januari 2010, 15 mei 2010 en 15 september 2010, met uitzondering van aanvragen voor productiesubsidies voor het produceren van meerdere producties als bedoeld in artikel 3, lid 2 onder b, waarvoor in 2010 één ronde is met als uiterste indieningsdatum 1 juli 2010.

1. Het bestuur van het Fonds kan bij besluiten over de aanvragen een advies vragen aan een adviescommissie of van een of enkele voor een specifieke aanvraag uit te nodigen adviseurs.

2. De adviescommissie(s) of adviseur(s) adviseert(en) met inachtneming van het bepaalde in de regeling.

3. Uiterlijk binnen 13 weken, gerekend vanaf de door de aanvrager verkozen uit de voor dat jaar door het bestuur van het Fonds vastgestelde uiterlijke indieningsdata, stelt het bestuur van het Fonds de aanvrager schriftelijk van zijn besluit in kennis. Het advies wordt met de subsidiebeschikking meegezonden.

4. Tijdens de behandeling van een aanvraag wordt over de voortgang daarvan geen inhoudelijke informatie verstrekt.

Alle aanvragen worden beoordeeld op de volgende aspecten:

1. Bij productiesubsidies kunnen uitsluitend de volgende, rechtstreeks aan de productie toe te rekenen kosten voor subsidiëring in aanmerking komen:

2. Bij herneming van producties (reprise) verleent het Fonds nooit meer dan 40% van de subsidiabele kosten.

3. Bij afnamesubsidies kunnen uitsluitend de volgende, rechtstreeks aan de productie toe te rekenen kosten voor subsidiëring in aanmerking komen:

4. Bovengenoemde kosten worden alleen in aanmerking genomen, voor zover de aanvrager aantoont dat deze rechtstreeks samenhangen met en toe te rekenen zijn aan het verrichten van activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

5. Niet voor subsidiëring in aanmerking komen:

1. De subsidie wordt in ieder geval – naast het bepaalde in artikel 4:35 Algemene wet bestuursrecht en in artikel 11 van het Algemeen reglement – geweigerd, indien:

2. De subsidie wordt voorts geweigerd, indien de aanvrager een vierjaarlijkse instellingssubsidie van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor de periode van 2009–2012 ofwel een vierjarig subsidie voor deze periode van het Fonds ontvangt. Het voorgaande geldt niet voor naar het oordeel van het Fonds niet-reguliere activiteiten waarvoor de aanvrager niet reeds subsidie van de Minister of het Fonds ontvangt.

1. Van toepassing op deze regeling is het Algemeen reglement van het Fonds waarin algemene bepalingen omtrent de subsidieverstrekking zijn omschreven, zoals aanvraagprocedure, vereisten, voorwaarden en verplichtingen.

2. Deze regeling is een deelreglement als bedoeld in artikel 4 van het Algemeen reglement.

3. Eveneens van toepassing op deze regeling is het Huishoudelijk reglement waarin de interne organisatie van het Fonds wordt geregeld.

4. De reglementen als bedoeld in het eerste en derde lid van dit artikel zijn op verzoek verkrijgbaar bij het secretariaat van het Fonds.

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

2. Aanvragen die na 1 november 2008 worden ingediend op grond van de Subsidieregeling van het Fonds voor Amateurkunst en Podiumkunsten worden geacht te zijn ingediend op grond van deze regeling.

3. Aanvragen die na 31 oktober 2008 worden ingediend op grond van de Festivalregeling van het Fonds voor Podiumprogrammering en Marketing worden geacht te zijn ingediend op grond van deze regeling.

4. Aanvragen die na 10 oktober 2008 worden ingediend op grond van de Podiumregeling van het Fonds voor Podiumprogrammering en Marketing worden geacht te zijn ingediend op grond van deze regeling.

5. Op bestaande subsidierelaties die tot stand zijn gekomen op basis van de regelingen genoemd in de leden 2 tot en met 5 is, na intrekking van die regelingen, deze regeling van toepassing.

Deze regeling wordt aangehaald als: Deelregeling projectsubsidies voor podiumkunstinstellingen van het Nederlands Fonds voor de Podiumkunsten+ 2009–2010.