U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 10-10-2010.
Wijzigingen Officiële bron
Rijkswet van 7 juli 2010, houdende Reglement voor de Gouverneur van CuraçaoReglement voor de Gouverneur van Curaçao Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is, in verband met het verkrijgen van de hoedanigheid van land in het Koninkrijk door Curaçao, uitvoering te geven aan het bepaalde in artikel 2, tweede en derde lid, van het Statuut voor het Koninkrijk;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage7 juli 2010BeatrixDe Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch BallinDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,A. Th. B.Bijleveld-Schoutende eerste september 2010De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

De Gouverneur legt in handen van de Koning of van degene, door de Koning hiertoe aangewezen, de eed (verklaring en belofte) af:

«Ik zweer (verklaar), dat ik, middellijk noch onmiddellijk, onder welke naam of wat voorwendsel ook, in verband met het verkrijgen van mijn benoeming tot Gouverneur aan iemand, wie hij ook zij, iets heb gegeven of beloofd, noch zal geven.

Ik zweer (beloof), dat ik om iets hoegenaamd in dit ambt te doen of te laten, van niemand hoegenaamd enige beloften of geschenken aannemen zal, middellijk of onmiddellijk.

Ik zweer (beloof), trouw aan de Koning en aan het Statuut voor het Koninkrijk; dat ik het welzijn van Curaçao naar mijn vermogen bevorderen zal; dat ik de Staatsregeling van Curaçao en het Reglement voor de Gouverneur van Curaçao steeds zal onderhouden en doen onderhouden en dat ik mij in alles zal gedragen, zoals een goed Gouverneur betaamt.

Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!» («Dat verklaar en beloof ik»).

De Gouverneur aanvaardt zijn ambt door overlegging in een plechtige vergadering van de Staten van een afschrift van het koninklijk besluit houdende zijn benoeming en van het procesverbaal van zijn eedaflegging, en brengt de aanvaarding van zijn ambt bij proclamatie ter kennis van de ingezetenen.

Onverminderd hetgeen elders in dit reglement is bepaald, is de Gouverneur verplicht zijn ambt te blijven uitoefenen totdat zijn opvolger het ambt heeft aanvaard, tenzij de uitoefening van zijn ambt eindigt op een eerder tijdstip ingevolge Koninklijke opdracht of toestemming.

De Gouverneur mag zonder verlof van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Curaçao niet verlaten.

De Gouverneur staat wegens ambtsmisdrijven in zijn betrekking gepleegd, ook na zijn aftreden terecht voor de Hoge Raad der Nederlanden. De opdracht tot vervolging wordt gegeven bij koninklijk besluit of bij een besluit van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Indien tegen de Gouverneur, hetzij in het geval voorzien in artikel 10, hetzij ter zake van andere strafbare feiten, een vervolging in Nederland wordt ingesteld, draagt hij de uitoefening van zijn ambt over aan degene, die bij koninklijk besluit is aangewezen om tijdelijk het ambt van Gouverneur uit te oefenen.

De Gouverneur zorgt voor de afkondiging van de hem daartoe vanwege de Koning toegezonden rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur. Hij draagt eveneens zorg voor de uitvoering van de rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur en van de in Curaçao geldende verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties, tenzij deze uitdrukkelijk aan een landsorgaan is opgedragen.

De afgekondigde rijkswet of algemene maatregel van rijksbestuur treedt in werking op het in of krachtens die regeling te bepalen tijdstip.

De Gouverneur houdt toezicht op de naleving van de rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur en van de verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties. Ter zake doet hij de nodige voordrachten aan de regering van het Koninkrijk.

De Gouverneur stelt een landsverordening en een hem voorgedragen landsbesluit niet vast, wanneer hij de verordening of het besluit in strijd acht met het Statuut, een internationale regeling, een rijkswet of een algemene maatregel van rijksbestuur, dan wel met belangen, waarvan de verzorging of waarborging aangelegenheid van het Koninkrijk is. Hij geeft hiervan terstond kennis aan de Koning als hoofd van de regering van het Koninkrijk. Wanneer bij koninklijk besluit, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, wordt beslist dat zodanige strijd niet aanwezig is, stelt de Gouverneur de landsverordening of het landsbesluit alsnog vast. Het koninklijk besluit, waarbij wordt beslist dat zodanige strijd wel aanwezig is, wordt in het officiële publicatieblad bekend gemaakt.

De landsverordening kan aan de Gouverneur als orgaan van het Koninkrijk met koninklijke toestemming bevoegdheden met betrekking tot aangelegenheden van Curaçao opdragen, welke hij niet uitoefent als vertegenwoordiger van de Koning als hoofd van de regering van Curaçao.

Deze rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Deze rijkswet wordt aangehaald als: Reglement voor de Gouverneur van Curaçao.

Het Reglement voor de Gouverneur van de Nederlandse Antillen wordt ingetrokken.