Wijzigingen Officiële bron
Besluit van het bestuur van het Productschap Pluimvee en Eieren van 9 juni 2011 houdende vaststelling van een model bedrijfsgezondheidsplan en een model bedrijfsbehandelplan in het kader van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011 (Besluit vaststelling modellen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011)Besluit vaststelling modellen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011Het bestuur van het Productschap Pluimvee en Eieren;

Gelet op artikel 3, zesde lid, van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011;

Gehoord het advies van de Adviescommissie pluimveegezondheidszorg,

Besluit:

Zoetermeer9 juni 2011B.J.KrouwelvoorzitterB.M.Dellaertsecretaris

In de bijlagen bij dit besluit zijn modellen opgenomen voor het bedrijfsgezondheidsplan en het bedrijfsbehandelplan als bedoeld in artikel 3 van de verordening, onderscheiden naar modellen voor de fok-, opfok- en vermeerderingsbedrijven in de vleeskuikensector en modellen voor vleeskuikenhouders.

A. Bedrijfsgezondheidsplan

Het bedrijfsgezondheidsplan (bgp) bestaat uit een analyse van de diergezondheidsstatus en van de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf over minimaal het afgelopen jaar en een vastlegging van de afspraken ter verbetering van de diergezondheidsstatus op uw bedrijf voor het komende jaar.

Het plan maakt u samen met uw dierenarts, uw technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse gebruik maken van de aandachtspunten genoemd in onderdeel A.2. Bij onderdeel A.3 kunt u aangeven welke concrete maatregelen u gaat nemen om de diergezondheid op uw bedrijf te verbeteren en binnen welke termijn u dat wilt doen. Hierbij maakt u ook een inschatting van de te behalen reductie in het antibioticumgebruik als gevolg van het nemen van deze maatregelen.

Ten minste jaarlijks voert u samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs een evaluatie uit van het bedrijfsgezondheidsplan. De resultaten van de evaluatie vult u in bij onderdeel A.4. Op basis van de resultaten van de evaluatie stelt u ook maatregelen voor het komende jaar op.

Vleeskuikenbedrijven ontvangen twee keer per jaar een indeling op basis van de hoogte van het antibioticumgebruik op het bedrijf. Deze indeling kent vier categorieën:

Onderdeel A.5 vult u alleen in als u een vleeskuikenbedrijf heeft én het antibioticumgebruik boven het signaleringsniveau ligt.

B. Bedrijfsbehandelplan

Het bedrijfsbehandelplan (bbp) bestaat uit:

De dierenarts stelt het bedrijfsbehandelplan samen met u en de eigenaar van de dieren (indien van toepassing) op. U vult onderdelen B.1 t/m B.5 in. Het voorschrijven van antibiotica door de dierenarts en de toediening van antibiotica door de pluimveehouder vindt plaats op basis van het bedrijfsbehandelplan. Het bedrijfsbehandelplan is gebaseerd op de meest recente versie van het Formularium Pluimvee van de WVAB van de KNMvD en veterinaire richtlijnen.

Ten minste jaarlijks voert u een evaluatie uit van het bedrijfsbehandelplan. De resultaten van de evaluatie vult u in bij B.6.

A.1 Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan

¹ Eigenaar dieren indien van toepassing.

A.2 Diergezondheidsstatus

Bespreek samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs de diergezondheidsstatus op uw bedrijf. Daarvoor kunt u gebruik maken van onderstaande thema's en aandachtspunten. Bepaal welke maatregelen kunnen bijdragen aan de verbetering van de diergezondheid op uw bedrijf en daarmee aan het terugdringen van het antibioticumgebruik. Onder A.3. kunt u concrete maatregelen benoemen.

NB: het is niet de bedoeling om punten die elders geregistreerd worden hier opnieuw te registreren. De elders geregistreerde gegevens kunnen wel meegenomen worden bij bespreking van dit plan.

A.3 Concrete maatregelen om de diergezondheidssituatie te verbeteren en het antibioticumgebruik terug te dringen

Benoem ten minste drie concrete maatregelen om de diergezondheidssituatie op uw bedrijf te verbeteren en daarmee het antibioticumgebruik terug te dringen. Geef per maatregel aan op welke termijn u deze wilt uitvoeren. Geef aan welke reductie in antibioticumgebruik u met deze maatregelen verwacht te behalen.

NB. Als het antibioticumgebruik op uw bedrijf op het streefniveau zit dan is het nemen van maatregelen niet verplicht. Het streefniveau is op dit moment alleen vastgesteld voor vleeskuikenbedrijven.

A.4 Evaluatieverslag bedrijfsgezondheidsplan

Jaarlijks evalueert u samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs de genomen maatregelen en bijbehorende reductiedoelstellingen.

² Eigenaar dieren indien van toepassing.

A.5 Plan van aanpak

Ten minste twee maal per jaar wordt de vleeskuikenhouder in kennis gesteld van de hoogte van het antibioticumgebruik op zijn vleeskuikenbedrijf.

Als is vastgesteld dat op een vleeskuikenbedrijf het antibioticumgebruik (uitgedrukt in dagdoseringen per dierjaar) in het voorafgaande half jaar boven het door de Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit (SDa) vastgestelde signaleringsniveau ligt, is de vleeskuikenhouder verplicht om het bedrijfsgezondheidsplan aan te vullen conform het Plan van aanpak veelgebruikers waarin ten minste de volgende maatregelen en acties zijn voorgeschreven:

Indien het antibioticumgebruik op een vleeskuikenbedrijf bij twee opeenvolgende indelingen in actieniveau 2 valt, is de vleeskuikenhouder verplicht een door de voorzitter aangewezen deskundige in te schakelen om een reductie van het antibioticumgebruik op het vleeskuikenbedrijf te bereiken.

Het Plan van aanpak veelgebruikers is zowel digitaal als op papier beschikbaar. Als u gebruik maakt van de papieren versie dan bewaart u het plan bij uw bedrijfsgezondheidsplan op uw bedrijf.

B.1 Gegevens opstellers bedrijfsbehandelplan

³ Indien van toepassing.

B.2 Entschema (indien van toepassing)

B.3 Overzicht behandelingen van aandoeningen

Na klinische inspectie op bedrijf en vaststellen diagnose.

B.4 Afspraken over beoordeling van de effecten van behandelingen

B.5 Afspraken over het terugnemen van diergeneesmiddelen

B.6 Evaluatieverslag bedrijfsbehandelplan

Jaarlijks evalueert u samen met de dierenarts en eventuele adviseurs of de eigenaar van de dieren het bedrijfsbehandelplan. Indien nodig kan het bedrijfsbehandelplan tussentijds worden bijgesteld.

4 Niet verplicht.

Vervallen

Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan Datum: .…-…..-..….

Wat is een bedrijfsgezondheidsplan?

Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit:

Het plan maakt u met uw dierenarts, uw eventuele technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse en de afspraken de gegevens bij A.2. en A.3. gebruiken.

Wat is een bedrijfsbehandelplan?

Het bedrijfsbehandelplan bestaat uit:

Het plan wordt opgesteld door uw dierenarts samen met u en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren aan de hand van de punten genoemd bij B.

Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit de onderdelen A.1. Analyse van de gezondheidssituatie in het afgelopen jaar, A.2. Doelstellingen gezondheidsituatie / antibioticagebruik komend jaar, A.3. Bespreking van de afspraken en verbetermaatregelen voor het komend jaar en A.4. Vastlegging van de afspraken en doelstellingen. Deze punten bespreekt u met uw dierenarts, eventueel uw technische adviseur(s) en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren.

Bekijk of de tijdens de vorige evaluatie genomen maatregelen effect hebben gehad. Zo niet, stel de maatregelen bij. Leg de nieuwe maatregelen vast bij onderdeel A.4. Analyseer de gezondheidssituatie en de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf in het afgelopen jaar aan de hand van de onderstaande thema’s en aandachtspunten. Houd bij de bespreking het verantwoord gebruik van antibiotica voor ogen. In de lijst kunnen thema’s of aandachtspunten staan die geen betrekking hebben op uw type bedrijf.

Bepaal de doelstellingen voor de diergezondheid op uw bedrijf en/of het gebruik van antibiotica op uw bedrijf in het komende jaar. Indien van toepassing moeten de doelstellingen direct of indirect te maken hebben met een verantwoord, correct en beperkt gebruik van antibiotica op uw bedrijf. Als u geen antibiotica heeft gebruikt is het natuurlijk niet noodzakelijk een doelstelling hiervoor te formuleren. Noteer de doelstellingen hieronder1.

U kunt onderstaande thema's en bespreekpunten gebruiken om te komen tot afspraken voor verbeteringen in de diergezondheid op uw bedrijf. Houd hierbij rekening met een verantwoord en beperkt gebruik van antibiotica. Leg de afspraken vast bij onderdeel A.4. In de lijst kunnen thema's of bespreekpunten staan die niet voor uw soort bedrijf van toepassing zijn.

NB: het is hier niet de bedoeling om punten die elders geregistreerd worden hier opnieuw te registreren. De elders geregistreerde gegevens kunnen wel meegenomen worden bij bespreking van dit plan.

Schrijf hier de maatregelen op die u bij onderdeel A.3 heeft afgesproken.

Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan wordt vastgelegd op welke wijze een bepaalde aandoening behandeld gaat worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijke verschillen tussen stallen op het bedrijf. Per bacteriële infectie wordt vastgelegd met welke antibiotica de dieren op dit bedrijf / in deze stal het beste behandeld kunnen worden.

Bij het opstellen van het behandelplan wordt het volgende in acht genomen.

Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan Datum: .…-…..-..….

Wat is een bedrijfsgezondheidsplan?

Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit:

Het plan maakt u met uw dierenarts, uw eventuele technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse en de afspraken de gegevens bij A.2. en A.3. gebruiken.

Wat is een bedrijfsbehandelplan?

Het bedrijfsbehandelplan bestaat uit:

Het plan wordt opgesteld door uw dierenarts samen met u en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren aan de hand van de punten genoemd bij B.

Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit de onderdelen A.1. Analyse van de gezondheidssituatie in het afgelopen jaar, A.2. Doelstellingen gezondheidsituatie / antibioticagebruik komend jaar, A.3. Bespreking van de afspraken en verbetermaatregelen voor het komend jaar en A.4. Vastlegging van de afspraken en doelstellingen. Deze punten bespreekt u met uw dierenarts, eventueel uw technische adviseur(s) en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren.

Bekijk of de tijdens de vorige evaluatie genomen maatregelen effect hebben gehad. Zo niet, stel de maatregelen bij. Leg de nieuwe maatregelen vast bij onderdeel A.4. Analyseer de gezondheidssituatie en de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf in het afgelopen jaar aan de hand van de onderstaande thema's en aandachtspunten. Houd bij de bespreking het verantwoord gebruik van antibiotica voor ogen. In de lijst kunnen thema's of aandachtspunten staan die geen betrekking hebben op uw type bedrijf.

Bepaal de doelstellingen voor de diergezondheid op uw bedrijf en/of het gebruik van antibiotica op uw bedrijf in het komende jaar. Indien van toepassing moeten de doelstellingen direct of indirect te maken hebben met een verantwoord, correct en beperkt gebruik van antibiotica op uw bedrijf. Als u geen antibiotica heeft gebruikt is het natuurlijk niet noodzakelijk een doelstelling hiervoor te formuleren. Noteer de doelstellingen hieronder2.

U kunt onderstaande thema's en bespreekpunten gebruiken om te komen tot afspraken voor verbeteringen in de diergezondheid op uw bedrijf. Houd hierbij rekening met een verantwoord en beperkt gebruik van antibiotica. Leg de afspraken vast bij onderdeel A.4. In de lijst kunnen thema's of bespreekpunten staan die niet voor uw soort bedrijf van toepassing zijn.

NB: het is hier niet de bedoeling om allerlei gegevens (uit andere registratie verplichtingen) opnieuw te registreren of ter discussie te stellen. Zorg wel dat u de gegevens beschikbaar heeft bij de bespreking van uw bedrijfsgezondheidsplan.

Schrijf hier de maatregelen op die u bij onderdeel A.3 heeft afgesproken.

Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan wordt vastgelegd op welke wijze een bepaalde aandoening behandeld gaat worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijke verschillen tussen stallen op het bedrijf. Per bacteriële infectie wordt vastgelegd met welke antibiotica de dieren op dit bedrijf / in deze stal het beste behandeld kunnen worden.

Bij het opstellen van het behandelplan wordt het volgende in acht genomen.

De dierenarts stelt samen met de kalkoenhouder en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren een bedrijfsbehandelplan op gericht op een behandeling per stal. Voor behandeling in meerdere stallen is een diagnose per stal nodig.