Gelet op artikel 3, zesde lid, van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011;
Gehoord het advies van de Adviescommissie pluimveegezondheidszorg,
Besluit:
Zoetermeer9 juni 2011B.J.KrouwelvoorzitterB.M.DellaertsecretarisIn de bijlagen bij dit besluit zijn modellen opgenomen voor het bedrijfsgezondheidsplan en het bedrijfsbehandelplan als bedoeld in artikel 3 van de verordening, onderscheiden naar modellen voor de fok-, opfok- en vermeerderingsbedrijven in de vleeskuikensector en modellen voor vleeskuikenhouders.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaststelling modellen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik (PPE) 2011.
Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking met ingang van de dag na publicatie.
A. Bedrijfsgezondheidsplan
Het bedrijfsgezondheidsplan (bgp) bestaat uit een analyse van de diergezondheidsstatus en van de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf over minimaal het afgelopen jaar en een vastlegging van de afspraken ter verbetering van de diergezondheidsstatus op uw bedrijf voor het komende jaar.
Het plan maakt u samen met uw dierenarts, uw technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse gebruik maken van de aandachtspunten genoemd in onderdeel A.2. Bij onderdeel A.3 kunt u aangeven welke concrete maatregelen u gaat nemen om de diergezondheid op uw bedrijf te verbeteren en binnen welke termijn u dat wilt doen. Hierbij maakt u ook een inschatting van de te behalen reductie in het antibioticumgebruik als gevolg van het nemen van deze maatregelen.
Ten minste jaarlijks voert u samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs een evaluatie uit van het bedrijfsgezondheidsplan. De resultaten van de evaluatie vult u in bij onderdeel A.4. Op basis van de resultaten van de evaluatie stelt u ook maatregelen voor het komende jaar op.
Vleeskuikenbedrijven ontvangen twee keer per jaar een indeling op basis van de hoogte van het antibioticumgebruik op het bedrijf. Deze indeling kent vier categorieën:
- 1.
streefniveau
- 2.
signaleringsniveau
- 3.
actieniveau 1
- 4.
actieniveau 2
Onderdeel A.5 vult u alleen in als u een vleeskuikenbedrijf heeft én het antibioticumgebruik boven het signaleringsniveau ligt.
B. Bedrijfsbehandelplan
Het bedrijfsbehandelplan (bbp) bestaat uit:
- 1.
Een overzicht van de aandoeningen (bacteriële infecties) met per aandoening de wijze waarop op uw bedrijf de aandoening moet worden behandeld. Hierbij wordt, waar nodig, onderscheid gemaakt tussen de verschillende stallen.
- 2.
Afspraken over de wijze waarop de klinische diagnose wordt gesteld, over sectie van dieren en over het inzetten van bacteriologische onderzoeken en/of gevoeligheidstesten.
De dierenarts stelt het bedrijfsbehandelplan samen met u en de eigenaar van de dieren (indien van toepassing) op. U vult onderdelen B.1 t/m B.5 in. Het voorschrijven van antibiotica door de dierenarts en de toediening van antibiotica door de pluimveehouder vindt plaats op basis van het bedrijfsbehandelplan. Het bedrijfsbehandelplan is gebaseerd op de meest recente versie van het Formularium Pluimvee van de WVAB van de KNMvD en veterinaire richtlijnen.
Ten minste jaarlijks voert u een evaluatie uit van het bedrijfsbehandelplan. De resultaten van de evaluatie vult u in bij B.6.
A.1 Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan
UBN en Kipnummer | Handtekening | |
Naam pluimveehouder | ||
Naam dierenarts | ||
Namen technische adviseurs en/of of eigenaar dieren ¹ | ||
Datum opstellen bgp |
¹ Eigenaar dieren indien van toepassing.
A.2 Diergezondheidsstatus
Bespreek samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs de diergezondheidsstatus op uw bedrijf. Daarvoor kunt u gebruik maken van onderstaande thema's en aandachtspunten. Bepaal welke maatregelen kunnen bijdragen aan de verbetering van de diergezondheid op uw bedrijf en daarmee aan het terugdringen van het antibioticumgebruik. Onder A.3. kunt u concrete maatregelen benoemen.
Thema | Voorbeelden van aandachtspunten |
Diergeneesmiddelengebruik | Antibioticumgebruik (benchmarkrapport)
Afspraken over inschakelen dierenarts
Afspraken over de inzet van diergeneesmiddelen
Afspraken over werkwijze behandelplan Afspraken over vastgelegde entschema
Logboek pluimveehouder
Afspraken over VKI-formulier
|
Bedrijfshygiëne | Bezoekersregistratie, staleigen maatregelen, reiniging en desinfectie. Naar aanleiding van analyse van de specifieke risico's vanuit de omgeving of persisterende infecties op het bedrijf: aanvullende bedrijfs- en managementmaatregelen treffen. Lengte leegstandsperiode i.v.m. gezondheidsproblemen op bedrijf. |
Voer | Reiniging en ontsmetting voersystemen, gegevens voerbon, kwaliteit. Diergezondheidsproblemen die mogelijk te beïnvloeden zijn door voertoevoegingen, zoals wormen en coccidiose, en de hieruit volgende actiepunten:
|
Drinkwater | Reiniging en ontsmetting leidingen, kwaliteit drinkwater, onderzoek kwaliteit drinkwater. Afspraken over onderzoek van het drinkwater met de locatie van de monstername. Afspraken over mogelijke drinkwatertoevoegingen. |
Klimaat | Ventilatiesysteem, gegevens klimaatcomputer, temperatuur bij opvang kuikens, overig. Beoordeling van de relatie tussen diergezondheidsproblemen (zoals respiratieproblemen) en klimaatfactoren. Afspraken over de hieruit volgende actiepunten. |
Technische resultaten | Uitval per koppel, gemiddelde groei per koppel, voederconversie, Salmonella Java status. Afspraken over wijze van registratie en over de beschikbaarheid voor de dierenarts. |
Dierenwelzijn | Bezettingsdichtheid, hakdermatitis, voetzoolleasies, uitval |
Strooisel | Droge stofgehalte |
Uitgangsmateriaal | Merk/ras, kwaliteit kuikens, kwaliteit ouderdieren |
NB: het is niet de bedoeling om punten die elders geregistreerd worden hier opnieuw te registreren. De elders geregistreerde gegevens kunnen wel meegenomen worden bij bespreking van dit plan.
A.3 Concrete maatregelen om de diergezondheidssituatie te verbeteren en het antibioticumgebruik terug te dringen
Benoem ten minste drie concrete maatregelen om de diergezondheidssituatie op uw bedrijf te verbeteren en daarmee het antibioticumgebruik terug te dringen. Geef per maatregel aan op welke termijn u deze wilt uitvoeren. Geef aan welke reductie in antibioticumgebruik u met deze maatregelen verwacht te behalen.
NB. Als het antibioticumgebruik op uw bedrijf op het streefniveau zit dan is het nemen van maatregelen niet verplicht. Het streefniveau is op dit moment alleen vastgesteld voor vleeskuikenbedrijven.
Maatregel | Uitvoeringstermijn |
1. 2. 3. | |
Te verwachten reductie van het antibioticagebruik met bovenstaande maatregelen |
A.4 Evaluatieverslag bedrijfsgezondheidsplan
Jaarlijks evalueert u samen met uw dierenarts en uw technische adviseurs de genomen maatregelen en bijbehorende reductiedoelstellingen.
UBN en Kipnummer | Handtekening | |
Naam pluimveehouder | ||
Naam dierenarts | ||
Namen technische adviseurs of of eigenaar dieren ² | ||
Datum opstellen bgp |
² Eigenaar dieren indien van toepassing.
Maatregelen (A.3) uitgevoerd? Zo nee, waarom niet? | Ja / Nee |
Verwachte reductie behaald? Zo nee, waarom niet? | Ja / Nee |
Maatregelen komend jaar 1. 2. 3. | |
Verwachte reductie met maatregelen komend jaar |
A.5 Plan van aanpak
Ten minste twee maal per jaar wordt de vleeskuikenhouder in kennis gesteld van de hoogte van het antibioticumgebruik op zijn vleeskuikenbedrijf.
Als is vastgesteld dat op een vleeskuikenbedrijf het antibioticumgebruik (uitgedrukt in dagdoseringen per dierjaar) in het voorafgaande half jaar boven het door de Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit (SDa) vastgestelde signaleringsniveau ligt, is de vleeskuikenhouder verplicht om het bedrijfsgezondheidsplan aan te vullen conform het Plan van aanpak veelgebruikers waarin ten minste de volgende maatregelen en acties zijn voorgeschreven:
- ●
de beschrijving van de bedrijfsspecifieke maatregelen die de vleeskuikenhouder neemt om het antibioticumgebruik te reduceren. Deze maatregelen worden binnen vier weken na vaststelling en mededeling van de hoogte van het antibioticumgebruik verantwoord in het door de vleeskuikenhouder vastgestelde plan van aanpak. Het plan van aanpak bevat tevens de datum van vaststelling.
- ●
de beschrijving van de halfjaarlijkse evaluatie van het effect van de ingezette bedrijfsspecifieke maatregelen op de hoogte van het antibioticumgebruik op het vleeskuikenbedrijf. Tevens wordt de datum van de evaluatie vastgelegd.
Indien het antibioticumgebruik op een vleeskuikenbedrijf bij twee opeenvolgende indelingen in actieniveau 2 valt, is de vleeskuikenhouder verplicht een door de voorzitter aangewezen deskundige in te schakelen om een reductie van het antibioticumgebruik op het vleeskuikenbedrijf te bereiken.
Het Plan van aanpak veelgebruikers is zowel digitaal als op papier beschikbaar. Als u gebruik maakt van de papieren versie dan bewaart u het plan bij uw bedrijfsgezondheidsplan op uw bedrijf.
B.1 Gegevens opstellers bedrijfsbehandelplan
UBN en Kipnummer | Handtekening | |
Naam pluimveehouder | ||
Naam dierenarts | ||
Naam van eigenaar dieren ³ | ||
Datum opstellen bgp |
³ Indien van toepassing.
B.2 Entschema (indien van toepassing)
Aandoening | Middel/registratienummer | Toepassing door | Wanneer |
B.3 Overzicht behandelingen van aandoeningen
Na klinische inspectie op bedrijf en vaststellen diagnose.
Aandoening | Middel/registratienummer | Bacteriologisch onderzoek noodzakelijk? | Gevoeligheidstest noodzakelijk? | Afwijking van bijsluiter? Zo ja, beschrijf afwijking |
B.4 Afspraken over beoordeling van de effecten van behandelingen
B.5 Afspraken over het terugnemen van diergeneesmiddelen
B.6 Evaluatieverslag bedrijfsbehandelplan
Jaarlijks evalueert u samen met de dierenarts en eventuele adviseurs of de eigenaar van de dieren het bedrijfsbehandelplan. Indien nodig kan het bedrijfsbehandelplan tussentijds worden bijgesteld.
UBN en Kipnummer | Handtekening | |
Naam pluimveehouder | ||
Naam dierenarts | ||
Naam van eigenaar dieren 4 | ||
Datum evaluatie bbp |
4 Niet verplicht.
Evaluatie inzet diergeneesmiddelen |
Aanpassingen voor komend jaar: |
Vervallen
Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan Datum: .…-…..-..….
Kipnummer: UBN nummer: | Paraaf | |
Naam pluimveehouder: | ||
Naam vertegenwoordigend dierenarts: Dierenartsenpraktijk: | ||
Naam adviseur(s): |
Wat is een bedrijfsgezondheidsplan?
Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit:
- 1.
een analyse van de diergezondheidssituatie en van de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf over het afgelopen jaar, én
- 2.
een vastlegging van de afspraken ter verbetering van de gezondheidssituatie op uw bedrijf voor het komende jaar. De afspraken kunnen onder andere te maken hebben met aanpassingen in uw bedrijfsvoering (managementmaatregelen).
Het plan maakt u met uw dierenarts, uw eventuele technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse en de afspraken de gegevens bij A.2. en A.3. gebruiken.
Wat is een bedrijfsbehandelplan?
Het bedrijfsbehandelplan bestaat uit:
- 1.
een overzicht van de aandoeningen (bacteriële infecties) met per aandoening de wijze waarop op uw bedrijf de aandoening moet worden behandeld in de komende periode. Hierbij wordt, waar nodig, onderscheid gemaakt tussen de verschillende stallen.
- 2.
afspraken over de wijze waarop de klinische diagnose wordt gesteld, over sectie van dieren en over het inzetten van bacteriologische onderzoeken en/of gevoeligheidstesten.
Het plan wordt opgesteld door uw dierenarts samen met u en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren aan de hand van de punten genoemd bij B.
Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit de onderdelen A.1. Analyse van de gezondheidssituatie in het afgelopen jaar, A.2. Doelstellingen gezondheidsituatie / antibioticagebruik komend jaar, A.3. Bespreking van de afspraken en verbetermaatregelen voor het komend jaar en A.4. Vastlegging van de afspraken en doelstellingen. Deze punten bespreekt u met uw dierenarts, eventueel uw technische adviseur(s) en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren.
Bekijk of de tijdens de vorige evaluatie genomen maatregelen effect hebben gehad. Zo niet, stel de maatregelen bij. Leg de nieuwe maatregelen vast bij onderdeel A.4. Analyseer de gezondheidssituatie en de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf in het afgelopen jaar aan de hand van de onderstaande thema’s en aandachtspunten. Houd bij de bespreking het verantwoord gebruik van antibiotica voor ogen. In de lijst kunnen thema’s of aandachtspunten staan die geen betrekking hebben op uw type bedrijf.
Thema | Aandachtspunt |
Behandelplan | Zie B. (bekijk het behandelplan van het afgelopen jaar) |
Gezondheidstoestand | Uitvalslijsten (hokkaarten met gegevens over de uitval) |
Resultaten van secties, bacteriologisch onderzoek en gevoeligheidstesten (antibiogram) | |
Resultaten van bloedonderzoek | |
Vaccinaties | Technische uitvoering van vaccinaties |
Reacties op entingen | |
Serologische respons | |
Antibioticumbehandelingen | Reden voor behandeling |
(eventuele problemen bij) levering van diergeneesmiddelen | |
(eventuele problemen bij) toepassing van diergeneesmiddelen | |
Totaal aantal behandeldagen | |
Overige behandelingen via water en voer | Water: vitaminen, zuren, kopersulfaat, vloeibare aminozuren, etc. Voer: anticoccidiose middelen en ontwormingsmiddelen |
Drinkwater | Resultaat analyses (uitslagen drinkwateronderzoek) |
Welzijnsproblemen | Beoordeel de welzijnsproblemen van het afgelopen jaar. |
Bepaal de doelstellingen voor de diergezondheid op uw bedrijf en/of het gebruik van antibiotica op uw bedrijf in het komende jaar. Indien van toepassing moeten de doelstellingen direct of indirect te maken hebben met een verantwoord, correct en beperkt gebruik van antibiotica op uw bedrijf. Als u geen antibiotica heeft gebruikt is het natuurlijk niet noodzakelijk een doelstelling hiervoor te formuleren. Noteer de doelstellingen hieronder1.
Doelstellingen diergezondheid / antibioticumgebruik | |
1. | |
2. | |
3. |
U kunt onderstaande thema's en bespreekpunten gebruiken om te komen tot afspraken voor verbeteringen in de diergezondheid op uw bedrijf. Houd hierbij rekening met een verantwoord en beperkt gebruik van antibiotica. Leg de afspraken vast bij onderdeel A.4. In de lijst kunnen thema's of bespreekpunten staan die niet voor uw soort bedrijf van toepassing zijn.
NB: het is hier niet de bedoeling om punten die elders geregistreerd worden hier opnieuw te registreren. De elders geregistreerde gegevens kunnen wel meegenomen worden bij bespreking van dit plan.
Thema | Voorbeelden van bespreekpunten |
Diergeneesmiddelen | Afspraken over inschakelen dierenarts
Afspraken over de inzet van diergeneesmiddelen
Afspraken over werkwijze met betrekking tot behandelplan. Afspraken over vastgelegde entschema
Logboek pluimveehouder
Afspraken over VKI-formulier (indien van toepassing)
|
Bedrijfshygiëne | Naar aanleiding van analyse van de specifieke risico's vanuit de omgeving of persisterende infecties op het bedrijf: aanvullende bedrijfs- en managementmaatregelen treffen. Lengte leegstandsperiode i.v.m. gezondheidsproblemen op bedrijf. |
Voer | Diergezondheidsproblemen die mogelijk te beïnvloeden zijn door voertoevoegingen, zoals wormen en coccidiose, en de hieruit volgende actiepunten.
|
Drinkwater | Afspraken over onderzoek van het drinkwater met de locatie van de monstername Afspraken over mogelijke drinkwatertoevoegingen. Reiniging en ontsmetting drinkwatersysteem |
Klimaat | Beoordeling van de relatie tussen diergezondheidsproblemen (zoals respiratieproblemen) en klimaatfactoren. Afspraken over de hieruit volgende actiepunten. |
Technische resultaten | Afspraken over wijze van registratie en over de beschikbaarheid voor de practicus |
Dierenwelzijn | Algemeen |
Schrijf hier de maatregelen op die u bij onderdeel A.3 heeft afgesproken.
Afspraken / verbetermaatregelen | |
1. | |
2. | |
3. | |
4. | |
5. | |
6. | |
7. | |
8. | |
9. | |
10. | |
11. | |
12. |
Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan wordt vastgelegd op welke wijze een bepaalde aandoening behandeld gaat worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijke verschillen tussen stallen op het bedrijf. Per bacteriële infectie wordt vastgelegd met welke antibiotica de dieren op dit bedrijf / in deze stal het beste behandeld kunnen worden.
Bij het opstellen van het behandelplan wordt het volgende in acht genomen.
- 1.
De dierenarts stelt samen met de pluimveehouder en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren een bedrijfsbehandelplan op gericht op een behandeling per stal. Voor behandeling in meerdere stallen is een diagnose per stal nodig.
- 2.
De dierenarts werkt bij het voorschrijven van antibiotica en vaccins op basis van de eigen expertise, de expertise van de pluimveehouder (en indien van toepassing de eigenaar van de dieren), de bedrijfservaringen, mogelijke gezondheidsbedreigingen vanuit de omgeving, regelgeving, de resultaten van laboratoriumonderzoeken en eventueel de gegevens afkomstig uit de voorgaande schakel(s).
- 3.
De dierenarts werkt bij het voorschrijven van antibiotica volgens de meest recente versie van het Formularium Pluimvee dat door de KNMvD is opgesteld.
- 4.
De pluimveehouder en de dierenarts en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren maken voor de verschillende aandoeningen afspraken over het inzetten van een behandeling: op basis van welke klinische diagnostiek, sectie, bacteriologisch onderzoek / gevoeligheidstest en bedrijfs- of koppelhistorie.
- 5.
Vul het bijgevoegde model bij B.1 in. Vermeld de meest voorkomende aandoeningen en geef aan met wel middel deze worden behandeld.
- 6.
Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan worden de volgende elementen meegewogen.
Bedrijfshistorie
Type van het aanwezige dier
Ziektehistorie, bedrijfsantibiogram, speciale problemen bij de voorgaande koppel(s)
De ziektedruk in de regio en in de directe omgeving
(Forumlarium en) de farmacokinetische eigenschappen van het in te zetten middel
Logboeken bij leveranties, VKI-formulieren (indien van toepassing)
Uitgevoerde entschema
Wijze van het controleren en vastleggen van effect van de behandeling en de folllow up.
- 7.
Dierenarts en pluimveehouder en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren leggen de afspraken over het behandelen van de dieren vast bij B.2 en vermelden hierbij: naam dierenarts, naam en kipnummer pluimveehouder, de datum waarop de afspraken gemaakt zijn, parafen van pluimveehouder en dierenarts.
- 8.
Het bedrijfsbehandelplan wordt na aflevering van de koppel(s) geëvalueerd, maar kan tussentijds worden bijgesteld op basis van opgedane ervaringen.
Kipnummer: UBN nummer: | Paraaf | |
Naam pluimveehouder: | ||
Naam vertegenwoordigend dierenarts: Dierenartsenpraktijk: |
Aandoening/verwekker | ouderdieren | opfok | legeind |
1. | |
2. | |
3. | |
4. | |
5. | |
6. |
Gegevens opstellers bedrijfsgezondheidsplan Datum: .…-…..-..….
Kipnummer: UBN nummer: | Paraaf | |
Naam kalkoenhouder: | ||
Naam vertegenwoordigend dierenarts: Dierenartsenpraktijk: | ||
Naam adviseur(s): |
Wat is een bedrijfsgezondheidsplan?
Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit:
- 1.
een analyse van de diergezondheidssituatie en van de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf over het afgelopen jaar, en
- 2.
een vastlegging van de afspraken ter verbetering van de gezondheidssituatie op uw bedrijf voor het komende jaar. De afspraken kunnen onder andere te maken hebben met aanpassingen in uw bedrijfsvoering (managementmaatregelen).
Het plan maakt u met uw dierenarts, uw eventuele technische adviseurs en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren. U kunt bij de analyse en de afspraken de gegevens bij A.2. en A.3. gebruiken.
Wat is een bedrijfsbehandelplan?
Het bedrijfsbehandelplan bestaat uit:
- 1.
een overzicht van de aandoeningen (bacteriële infecties) met per aandoening de wijze waarop op uw bedrijf de aandoening moet worden behandeld in de komende periode. Hierbij wordt, waar nodig, onderscheid gemaakt tussen de verschillende stallen.
- 2.
afspraken over de wijze waarop de klinische diagnose wordt gesteld, over sectie van dieren en over het inzetten van bacteriologische onderzoeken en/of gevoeligheidstesten.
Het plan wordt opgesteld door uw dierenarts samen met u en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren aan de hand van de punten genoemd bij B.
Het bedrijfsgezondheidsplan bestaat uit de onderdelen A.1. Analyse van de gezondheidssituatie in het afgelopen jaar, A.2. Doelstellingen gezondheidsituatie / antibioticagebruik komend jaar, A.3. Bespreking van de afspraken en verbetermaatregelen voor het komend jaar en A.4. Vastlegging van de afspraken en doelstellingen. Deze punten bespreekt u met uw dierenarts, eventueel uw technische adviseur(s) en (indien van toepassing) de eigenaar van uw dieren.
Bekijk of de tijdens de vorige evaluatie genomen maatregelen effect hebben gehad. Zo niet, stel de maatregelen bij. Leg de nieuwe maatregelen vast bij onderdeel A.4. Analyseer de gezondheidssituatie en de inzet van diergeneesmiddelen op uw bedrijf in het afgelopen jaar aan de hand van de onderstaande thema's en aandachtspunten. Houd bij de bespreking het verantwoord gebruik van antibiotica voor ogen. In de lijst kunnen thema's of aandachtspunten staan die geen betrekking hebben op uw type bedrijf.
Thema | Aandachtspunt |
Behandelplan | Zie B. (bekijk het behandelplan van het afgelopen jaar) |
Gezondheidstoestand | Uitvalslijsten (hokkaarten met gegevens over de uitval) |
Resultaten van secties, bacteriologisch onderzoek en gevoeligheidstesten (antibiogram) | |
Resultaten van bloedonderzoek | |
Vaccinaties | Technische uitvoering van vaccinaties |
Reacties op entingen | |
Serologische respons | |
Antibioticumbehandelingen | Reden voor behandeling |
(eventuele problemen bij) levering van diergeneesmiddelen | |
(eventuele problemen bij) toepassing van diergeneesmiddelen | |
Totaal aantal behandeldagen | |
Overige behandelingen via water en voer | Water: vitaminen, zuren, kopersulfaat, vloeibare aminozuren, etc. Voer: anticoccidiose middelen en ontwormingsmiddelen |
Drinkwater | Resultaat analyses (uitslagen drinkwateronderzoek) |
Welzijnsproblemen | Beoordeel de welzijnsproblemen van het afgelopen jaar. |
Bepaal de doelstellingen voor de diergezondheid op uw bedrijf en/of het gebruik van antibiotica op uw bedrijf in het komende jaar. Indien van toepassing moeten de doelstellingen direct of indirect te maken hebben met een verantwoord, correct en beperkt gebruik van antibiotica op uw bedrijf. Als u geen antibiotica heeft gebruikt is het natuurlijk niet noodzakelijk een doelstelling hiervoor te formuleren. Noteer de doelstellingen hieronder2.
Doelstellingen diergezondheid / antibioticumgebruik | |
1. | |
2. | |
3. |
U kunt onderstaande thema's en bespreekpunten gebruiken om te komen tot afspraken voor verbeteringen in de diergezondheid op uw bedrijf. Houd hierbij rekening met een verantwoord en beperkt gebruik van antibiotica. Leg de afspraken vast bij onderdeel A.4. In de lijst kunnen thema's of bespreekpunten staan die niet voor uw soort bedrijf van toepassing zijn.
NB: het is hier niet de bedoeling om allerlei gegevens (uit andere registratie verplichtingen) opnieuw te registreren of ter discussie te stellen. Zorg wel dat u de gegevens beschikbaar heeft bij de bespreking van uw bedrijfsgezondheidsplan.
Thema | Voorbeelden van bespreekpunten |
Diergeneesmiddelen | Afspraken over inschakelen dierenarts
Afspraken over de inzet van diergeneesmiddelen
Afspraken over werkwijze met betrekking tot behandelplan. Afspraken over vastgelegde entschema
Logboek kalkoenhouder
Afspraken over VKI-formulier (indien van toepassing)
|
Bedrijfshygiëne | Naar aanleiding van analyse van de specifieke risico's vanuit de omgeving of persisterende infecties op het bedrijf: aanvullende bedrijfs- en managementmaatregelen treffen. Lengte leegstandsperiode i.v.m. gezondheidsproblemen op bedrijf. |
Voer | Diergezondheidsproblemen die mogelijk te beïnvloeden zijn door voertoevoegingen, zoals wormen en coccidiose, en de hieruit volgende actiepunten.
|
Drinkwater | Afspraken over onderzoek van het drinkwater met de locatie van de monstername Afspraken over mogelijke drinkwatertoevoegingen. Reiniging en ontsmetting drinkwatersysteem |
Klimaat | Beoordeling van de relatie tussen diergezondheidsproblemen (zoals respiratieproblemen) en klimaatfactoren. Afspraken over de hieruit volgende actiepunten. |
Technische resultaten | Afspraken over wijze van registratie en over de beschikbaarheid voor de practicus |
Dierenwelzijn | Algemeen |
Schrijf hier de maatregelen op die u bij onderdeel A.3 heeft afgesproken.
Afspraken / verbetermaatregelen | |
1. | |
2. | |
3. | |
4. | |
5. | |
6. | |
7. | |
8. | |
9. | |
10. | |
11. | |
12. |
Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan wordt vastgelegd op welke wijze een bepaalde aandoening behandeld gaat worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijke verschillen tussen stallen op het bedrijf. Per bacteriële infectie wordt vastgelegd met welke antibiotica de dieren op dit bedrijf / in deze stal het beste behandeld kunnen worden.
Bij het opstellen van het behandelplan wordt het volgende in acht genomen.
De dierenarts stelt samen met de kalkoenhouder en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren een bedrijfsbehandelplan op gericht op een behandeling per stal. Voor behandeling in meerdere stallen is een diagnose per stal nodig.
- 1.
De dierenarts werkt bij het voorschrijven van antibiotica en vaccins op basis van de eigen expertise, de expertise van de kalkoenhouder (en indien van toepassing de eigenaar van de dieren), de bedrijfservaringen, mogelijke gezondheidsbedreigingen vanuit de omgeving, regelgeving, de resultaten van laboratoriumonderzoeken en eventueel de gegevens afkomstig uit de voorgaande schakel(s).
- 2.
De dierenarts werkt bij het voorschrijven van antibiotica volgens de meest recente versie van het Formularium Pluimvee dat door de KNMvD is opgesteld.
- 3.
De kalkoenhouder en de dierenarts en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren maken voor de verschillende aandoeningen afspraken over het inzetten van een behandeling: op basis van welke klinische diagnostiek, sectie, bacteriologisch onderzoek / gevoeligheidstest en bedrijfs- of koppelhistorie.
- 4.
Vul het bijgevoegde model bij B.1 in. Vermeld de meest voorkomende aandoeningen en geef aan met wel middel deze worden behandeld.
- 5.
Bij het opstellen van het bedrijfsbehandelplan worden de volgende elementen meegewogen.
Bedrijfshistorie
Type van het aanwezige dier
Ziektehistorie, bedrijfsantibiogram, speciale problemen bij de voorgaande koppel(s)
De ziektedruk in de regio en in de directe omgeving
(Forumlarium en) de farmacokinetische eigenschappen van het in te zetten middel
Logboeken bij leveranties, VKI-formulieren (indien van toepassing)
Uitgevoerde entschema
Wijze van het controleren en vastleggen van effect van de behandeling en de folllow up.
- 6.
Dierenarts en kalkoenhouder en (indien van toepassing) de eigenaar van de dieren leggen de afspraken over het behandelen van de dieren vast bij B.2 en vermelden hierbij: naam dierenarts, naam en kipnummer kalkoenhouder, de datum waarop de afspraken gemaakt zijn, parafen van kalkoenhouder en dierenarts.
- 7.
Het bedrijfsbehandelplan wordt na aflevering van de koppel(s) geëvalueerd, maar kan tussentijds worden bijgesteld op basis van opgedane ervaringen.
Kipnummer: UBN nummer: | Paraaf | |
Naam kalkoenhouder: | ||
Naam vertegenwoordigend dierenarts: Dierenartsenpraktijk: |
Aandoening/verwekker | In te zetten middel |
1. | |
2. | |
3. | |
4. | |
5. | |
6. |