U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 04-07-2020.

Ministeriële regeling · BWBR0042859

Regeling houdende tijdelijke maatregelen Plantenziektenwet

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 27 november 2019, nr. WJZ/ 19213402, houdende tijdelijke maatregelen PlantenziektenwetRegeling houdende tijdelijke maatregelen PlantenziektenwetDe Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op Verordening (EU) 2016/2031 van het Europees parlement en de Raad van 26 oktober 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen plaagorganismen bij planten, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 228/213, (EU) nr. 652/2014 en (EU) nr. 1143/2014 van het Europees parlement en de Raad tot intrekking van de Richtlijnen 69/464/EEG, 74/647/EEG, 93/85/EEG, 98/57/EG, 2000/29/EG, 2006/91/EG en 2007/33/EG van de Raad (PbEU 2016, L 317);

Verordening (EU) 2017/625 van het Europees parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PbEU 2017, L 95); en artikel 3, eerste en tweede lid, van de Plantenziektenwet,

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage27 november 2019De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,C.J.Schouten

In deze regeling wordt verstaan onder:

Onze Minister wordt aangewezen als bevoegde autoriteit, bedoeld in:

De BKD wordt aangewezen als bevoegde autoriteit met betrekking tot bloembollen voor:

De NAK wordt aangewezen als bevoegde autoriteit met betrekking tot landbouwgewassen voor:

De Naktuinbouw wordt aangewezen als bevoegde autoriteit met betrekking tot tuinbouw- en bosbouwgewassen voor:

De KCB wordt aangewezen als bevoegde autoriteit met betrekking tot planten, plantaardige producten, voor opplant bestemde planten en ander materiaal voor:

Ter voorkoming van het optreden en de verbreiding van schadelijke organismen en ter bestrijding daarvan worden de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 5, eerste lid, 9, derde lid, 14, eerste, derde, vierde, vijfde, zesde en zevende lid, 32, tweede lid, 33, eerste lid, 37, eerste lid, 40, eerste lid, 41, eerste lid, 42, tweede lid, 43, eerste lid, 47, eerste lid, 53, eerste lid, 54, eerste lid, 55, 57, 59, 61, eerste lid, 62, 63, derde lid, 64, eerste lid, 66, eerste en vijfde lid, 69, eerste, tweede, derde, vierde en zesde lid, 70, 74, eerste lid, 79, eerste lid, 80, eerste lid, 83, vijfde lid, 84, eerste lid, 87, eerste lid, 88, 90, 93, vijfde lid, 95, eerste, derde en vierde lid, 96, eerste lid, en 97, eerste lid, van verordening 2016/2031 en de artikelen 15, eerste, tweede, derde en vijfde lid, 47, vijfde lid, 50, eerste en derde lid, 56, eerste en vierde lid, 57, eerste lid en 69, eerste lid, van verordening 2017/625 nageleefd.

Ter voorkoming van het optreden en de verbreiding van schadelijke organismen en ter bestrijding daarvan kan de bevoegde autoriteit ook fytosanitaire maatregelen als bedoeld in artikel 2, onder 22, van verordening 2016/2031 treffen met inachtneming van bijlage II van verordening 2016/2031.

De erkenningen als bedoeld in artikel 12 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten en de ontheffingen als bedoeld in artikel 2, derde lid, van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten, die verleend waren voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling, worden geacht te zijn verleend op basis van verordening 2016/2031 en verordening 2017/625.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 14 december 2019 en vervalt met ingang van 14 december 2020.