Ministeriële regeling · BWBR0043213
Tijdelijke regeling gebruiksbeperking commerciële radio-omroep
Gelet op artikel 3.11 van de Telecommunicatiewet;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage13 februari 2020De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,M.C.G.KeijzerIn deze regeling wordt verstaan onder:
allotment 9C: allotment 9C als bedoeld in artikel 1 van de Regeling aanvraag- en veilingprocedure digitale radio-omroep DAB+ laag 7;
commerciële radio-omroep: radio-omroep als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Mediawet 2008 door een commerciële media-instelling;
commerciële media-instelling: commerciële media-instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Mediawet 2008;
demografisch bereik: het percentage van het aantal inwoners van Nederland dat bij benadering de uitzendingen via een etherfrequentie of een samenstel van etherfrequenties in het dekkingsgebied, berekend via de technische Zero Base-planningsnorm, kan ontvangen;
landelijke commerciële radio-omroep: commerciële radio-omroep die betrekking heeft op het verzorgen en uitzenden van radioprogramma's, bestemd voor een landelijk publiek;
maximale hoeveelheid frequentieruimte: maximale hoeveelheid frequentieruimte als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, van de wet;
niet-landelijke commerciële radio-omroep: commerciële radio-omroep die betrekking heeft op het verzorgen en uitzenden van radioprogramma’s waarvoor op grond van artikel 7 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 gebruiksvoorschriften gelden;
rechtspersoon: een privaatrechtelijke rechtspersoon naar Nederlands recht of het equivalent daarvan naar het recht van een van de overige lidstaten van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging heeft binnen de Europese Economische Ruimte, of een Europese naamloze vennootschap als bedoeld in verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese vennootschap (PbEU 2001, L 294);
wet:Telecommunicatiewet.
Deze regeling is van toepassing op frequentieruimte die bestemd is voor commerciële radio-omroep.
Voor de toepassing van artikel 3.11, tweede lid, van de wet, worden twee of meer rechtspersonen als één rechtspersoon aangemerkt, als:
- a.
een rechtspersoon direct of indirect zodanige zeggenschap of feitelijke invloed heeft in één of meer rechtspersonen dat deze in belangrijke mate het beleid van die rechtspersoon of rechtspersonen kan bepalen of aanmerkelijke invloed heeft op de inhoud van dat beleid; of
- b.
een natuurlijk persoon of groep van natuurlijke personen direct of indirect een zodanige zeggenschap of feitelijke invloed heeft in twee of meer rechtspersonen dat deze in belangrijke mate het beleid van die rechtspersonen kan bepalen of aanmerkelijke invloed heeft op de inhoud van dat beleid.
Voor de uitzending via de FM-band van radioprogramma’s, andere dan bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003, door één rechtspersoon, worden ten hoogste drie FM-frequenties of samenstellen van FM-frequenties gebruikt of verworven.
Voor de uitzending via de FM-band van radioprogramma’s als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003, door één rechtspersoon, wordt ten hoogste een hoeveelheid frequentieruimte gebruikt of verworven:
- a.
waarvan het demografisch bereik van de desbetreffende FM-frequenties of samenstellen van FM-frequenties tezamen niet meer bedraagt dan 30 procent, en
- b.
waarbij er geen sprake is van een combinatie als bedoeld in bijlage 2a van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003 en bijlage 2 van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2007 en, voor zover het betreft de kavels B2, B11 en B26, bijlage 2a van de Regeling vervolg verdeling frequenties commerciële radio-omroep 2003, waarbij het demografisch bereik van de kleinste FM-frequentie of samenstel van FM-frequenties voor 35 procent of meer valt binnen het demografisch bereik van de andere FM-frequentie of samenstel van FM-frequenties, dan wel, indien dit percentage lager is dan 35 procent, meer dan 100.000 inwoners binnen het demografisch bereik van beide FM-frequenties of samenstellen van FM-frequenties vallen.
Het eerste lid, onderdeel b, geldt niet voor combinaties die mede bestaan uit frequenties of samenstellen van frequenties die met toepassing van de Regeling aanvraag- en veilingprocedure voor vergunningen kavels B27 en B31 zijn verdeeld of voor combinaties die mede bestaan uit frequenties of samenstellen van frequenties die na inwerkingtreding van die regeling zijn verdeeld overeenkomstig artikel 3.10 van de Telecommunicatiewet.
In allotment 9C bedraagt de maximale hoeveelheid frequentieruimte per rechtspersoon: vier vergunningen voor het gebruik van 1/12e deel van de capaciteit van de multiplex.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 14 maart 2018 tot wijziging van de Telecommunicatiewet en van de Mediawet 2008 (gebruiksbeperking frequentieruimte en digitale radio-omroep) (Stb. 2018, 87) in werking treedt en vervalt op een door de Minister van Economische Zaken en Klimaat te bepalen tijdstip.
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling gebruiksbeperking commerciële radio-omroep.