Ministeriële regeling · BWBR0043749
Regeling experiment gesloten coffeeshopketen
Gelet op de artikelen 7, derde lid, 11, derde lid, 15, vijfde lid, 18, tweede en derde lid, 28, eerste, tweede en vierde lid, 29, tweede, derde en vierde lid, 32, derde lid, en 33, eerste, derde, vierde en vijfde lid, van het Besluit experiment gesloten coffeeshopketen;
Besluiten:
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister voor Medische Zorg,M.J. vanRijnDe Minister van Justitie en Veiligheid,F.B.J.GrapperhausIn deze regeling wordt verstaan onder:
- −
aanvrager: degene die een aanvraag om aanwijzing als teler heeft ingediend;
- –
batch: groep hennepplanten van dezelfde hennepvariëteit die gelijktijdig zijn geoogst;
- −
- −
eindproduct: door een aangewezen teler geproduceerde hennep of hasjiesj in de vorm waarin deze door hem voor de verkoop wordt aangeboden aan coffeeshophouders en waarin al dan niet tevens ingrediënten van andere oorsprong zijn verwerkt;
- −
hennepplant: plant van het geslacht Cannabis;
- −
hennepvariëteit: soort hennepplant met een eigen chemisch profiel waarin onder meer het THC en CBD gehalte besloten ligt;
- –
mengbatch: een samenstelling van meerdere batches;
- −
verpakkingseenheid: verzegelde verpakkingseenheid als bedoeld in artikel 29, tweede lid, van het besluit waarin een of meerdere eindproducten zijn opgenomen;
- −
track-and-tracesysteem: elektronische systeem, bedoeld in artikel 33, tweede lid, van het besluit;
- −
Onze Minister: Onze Minister voor Medische Zorg;
- −
producteenheden: het aantal eindproducten;
- −
productielocatie: locatie als bedoeld in artikel 20, onderdeel d, van het besluit.
- −
vervoersbeweging: vervoer van hennep of hasjiesj tussen de productielocatie van een aangewezen teler en de coffeeshop van een coffeeshophouder dan wel vice versa of, indien de aangewezen teler over meerdere productielocaties beschikt, het vervoer van hennep of hasjiesj tussen die productielocaties.
Tot deelname aan een loting als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van het besluit worden uitsluitend toegelaten de aanvragen die niet reeds buiten behandeling zijn gesteld of die niet reeds zijn afgewezen op grond van artikel 19, eerste lid, onderdelen a tot en met j, of tweede lid, van het besluit.
De loting wordt uitgevoerd door een notaris, aan te wijzen door Onze Minister.
Onze Minister kent aan de aanvragen die deelnemen aan de loting, een uniek nummer toe en verstrekt die unieke nummers aan de notaris.
Bij de loting kunnen als toehoorder aanwezig zijn een ambtenaar van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
De loting is onverminderd het derde lid niet openbaar.
De notaris maakt een proces-verbaal op van de loting dat binnen de door Onze Minister aangegeven termijn aan hem wordt overgelegd.
Het proces-verbaal is gedagtekend en vermeldt de wijze waarop de loting is uitgevoerd, de uitslag en de datum van de loting en is ondertekend door de notaris.
De uitslag van de loting wordt als volgt in het proces-verbaal vermeld:
- a.
een lijst met daarop in de rangorde van trekking, genummerd van 1 tot en met 10: de unieke nummers waarop een winnend lot is gevallen, en
- b.
een lijst met daarop in de rangorde van trekking, genummerd 11 en volgende: de overige unieke nummers waarop niet een winnend lot is gevallen.
Als winnend lot wordt aangemerkt een aan de loting deelnemende aanvraag die in een van de eerste tien rondes van de loting is getrokken.
Onze Minister informeert de aanvrager wiens aanvraag aan de loting heeft deelgenomen, onverwijld na ontvangst van het in artikel 3, vijfde lid, bedoelde proces-verbaal, of op zijn aanvraag wel of geen winnend lot is gevallen. Indien op zijn aanvraag geen winnend lot is gevallen, wordt hij tevens geïnformeerd over zijn plaats in de wachtrij, bedoeld in artikel 5, eerste lid.
Onze Minister houdt een wachtrij in stand. Aanvragen die aan de loting hebben deelgenomen maar waarop geen winnend lot is gevallen, worden in de wachtrij geplaatst tenzij de aanvrager te kennen geeft niet of niet langer van deze mogelijkheid gebruik te willen maken.
De periode gedurende welke de wachtrij in stand wordt gehouden, eindigt uiterlijk op de dag waarop de uitvoering van het experiment, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet, aanvangt.
De volgorde van de wachtrij komt overeen met de rangorde van de uitslag van de loting, bedoeld in artikel 3, zevende lid, onderdeel b.
Onze Ministers kunnen een aanvraag uit de wachtrij verder in behandeling nemen indien naar hun oordeel onvoldoende telers kunnen worden aangewezen of onvoldoende aangewezen telers resteren om met de uitvoering van het experiment te kunnen aanvangen.
Indien een aanvraag uit de wachtrij verder in behandeling wordt genomen, schuift de volgorde van de aanvragen in de wachtrij dienovereenkomstig op.
Het vijfde lid is van overeenkomstige toepassing indien een aanvrager te kennen heeft gegeven niet of niet langer van de wachtrij gebruik te willen maken.
De wettelijke termijn waarbinnen een besluit op een aanvraag om aanwijzing als teler dient te worden genomen, wordt voor aanvragen waarop een winnend lot is gevallen, opgeschort voor de duur van de periode die begint met de dag waarop toepassing wordt gegeven aan artikel 18, eerste lid, van het besluit en eindigt met de dag van ontvangst van het proces-verbaal van de loting door Onze Minister.
De wettelijke termijn waarbinnen een besluit op een aanvraag om aanwijzing als teler dient te worden genomen, wordt ter zake van aanvragen waarop niet een winnend lot is gevallen, opgeschort voor de duur van de periode die begint met de dag waarop toepassing wordt gegeven aan artikel 18, eerste lid, van het besluit en eindigt op uiterlijk de dag waarop de uitvoering van het experiment aanvangt, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet, tenzij:
- a.
de aanvraag voordien uit de wachtrij is gehaald, in welk geval deze termijn eindigt met de dag waarop de verdere behandeling van de aanvraag aanvangt, of
- b.
de aanvraag niet in de wachtrij is geplaatst of voordien uit de wachtrij is gehaald omdat de aanvrager te kennen heeft gegeven hiervan niet of niet langer te willen gebruikmaken, in welk geval deze periode eindigt met de dag waarop de aanvrager dit kenbaar heeft gemaakt.
Een verpakkingseenheid als bedoeld in artikel 29 van het besluit:
- a.
is transparant of niet transparant, in welk geval de volledige verpakkingseenheid uit één dekkende kleur bestaat of de binnenzijde van de verpakkingseenheid uit één dekkende kleur bestaat en de buitenzijde uit een andere dekkende kleur bestaat;
- b.
is effen en vrij van opdrukken anders dan het etiket, bedoeld in artikel 8, en de onvervangbare verzegeling, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van het besluit;
- c.
heeft een gladde textuur zonder reliëf, decoratieve richels, decoratieve uitstulpingen of andere decoratieve onregelmatigheden;
- d.
heeft geen uitklapbaar gedeelte;
- e.
bevat geen geur of geluid; en
- f.
heeft geen verborgen functie die het uiterlijk verandert.
De kleur van een niet-transparante verpakking:
- a.
heeft een matte afwerking en geen metalen eigenschappen of glans; en
- b.
is niet fluorescerend of bevat geen pigmenten die ultraviolette energie absorberen.
De aangewezen teler voorziet elke verpakkingseenheid van een wit etiket dat daarop onlosmakelijk wordt bevestigd en waarop de volgende informatie is gedrukt:
- a.
de informatie, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen b tot en met f, van het besluit, met dien verstande dat het gewicht van de hennep of hasjiesj en het percentage THC en CBD als volgt wordt weergegeven: het aantal gram van de in de verpakkingseenheid opgenomen hennep of hasjiesj zonder het gewicht van eventueel daarin verwerkte ingrediënten van andere oorsprong dan van de hennepplant, en het percentage THC en CBD in die hennep of hasjiesj;
- b.
het totale gewicht van het in de verpakkingseenheid opgenomen eindproduct of, indien meerdere eindproducten in de verpakkingseenheid zijn opgenomen, het totale gewicht van de eindproducten gezamenlijk, alsmede de samenstelling van het eindproduct, waarbij alle ingrediënten in aflopende hoeveelheden op het etiket worden vermeld;
- c.
de gezondheidswaarschuwing “houd buiten bereik van kinderen” en de in bijlage I opgenomen symbolen;
- d.
indien de aangewezen teler dat wenst, een eventuele door hem gevoerde code, anders dan de voorgeschreven unieke identificatiemarkering of de code, bedoeld in het tweede lid;
- e.
de handelsnaam en contactgegevens voor de consument, van de aangewezen teler van wie het product afkomstig is;
- f.
indien de coffeeshophouder dat wenst, zijn handelsnaam en contactgegevens voor de consument.
Onverminderd het eerste lid mag de aangewezen teler op het etiket een code aanbrengen die elektronisch toegang geeft tot de in het eerste lid bedoelde informatie zoals opgenomen op het etiket, of eventueel overige informatie over het betreffende eindproduct voor zover die overige informatie blijkt uit een in zijn opdracht door een laboratorium als bedoeld in artikel 28 van het besluit uitgevoerde controle. De betreffende testuitslag dient in dat geval eveneens via de code toegankelijk te zijn. Artikel 11 is van overeenkomstige toepassing op de in dit lid bedoelde controle.
Het etiket bestrijkt minimaal 30% van het geheel van de buitenzijde van de verpakking.
In afwijking van het eerste lid, aanhef, mag de informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, door de coffeeshophouder na ontvangst van de verpakkingseenheden op het etiket worden aangebracht door middel van een sticker, mits de reeds op het etiket gedrukte informatie onaangetast en volledig zichtbaar blijft.
De tekst op het etiket of op een daarop aangebrachte sticker als bedoeld in vierde lid, voldoet aan de volgende eisen:
- a.
standaard lettertype Helvetica, zonder vetgedrukte opmaak of andere opmaakvarianten;
- b.
in de kleur zwart;
- c.
weergegeven in letters van het alfabet en getallen, met dien verstande dat voor de aanduiding van het e-mailadres en het percentage THC en CBD, de daarvoor gebruikelijke tekens worden gebruikt;
- d.
hoofdletters worden uitsluitend gebruikt voor de eerste letter van elk woord; en
- e.
de tekst dient zo groot mogelijk op het etiket te worden weergegeven.
De unieke identificatiemarkering, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel a, van het besluit, wordt leesbaar weergegeven op het deel van de buitenzijde van de verpakkingseenheid dat niet wordt bestreken door het in het eerste lid bedoelde etiket.
De aangewezen teler voorziet elke verpakkingseenheid van een informatiefolder waarin de in bijlage II opgenomen gezondheidswaarschuwingen, preventieboodschappen en gebruiksadviezen zijn opgenomen alsmede een consumentenadvies over de wijze van bewaren van de hennep of hasjiesj.
De informatiefolder is in de verpakkingseenheid gevoegd of zodanig daaraan bevestigd dat het op de verpakking aangebrachte etiket onaangetast en volledig zichtbaar blijft.
Onverminderd het tweede lid kan via een op het etiket opgenomen code als bedoeld in artikel 8, tweede lid de informatiefolder elektronisch toegankelijk worden gemaakt.
Op het gedeelte van de buitenzijde van de verpakkingseenheid dat niet bestreken wordt door het etiket, bedoeld in artikel 8, mag de aangewezen teler de informatie die hij op het etiket van de verpakkingseenheid heeft opgenomen, tevens in braille aanbrengen.
Artikel 7, eerste lid, onderdelen b en c, zijn niet van toepassing op de in braille weergegeven informatie, bedoeld in het eerste lid.
Ter uitvoering van artikel 28, tweede lid, van het besluit laat de aangewezen teler het gehalte THC en CBD bepalen met inachtneming van het tweede tot en met zesde lid, en de controle op aflatoxines, zware metalen en micro-organismen met inachtneming van het tweede tot en met zesde lid en artikel 12.
De aangewezen teler neemt telkens drie monsters:
- a.
van elke batch, na het wassen, knippen en drogen daarvan, en
- b.
van elke mengbatch, na het mengen maar voordat verdere verwerking van deze hennep plaatsvindt.
Het tweede lid is niet van toepassing op batches of mengbatches die verwerkt worden tot hasjiesj. Indien de aangewezen teler een batch of mengbatch verwerkt tot hasjiesj, neemt hij na het productieproces waarbij de hasjiesj tot stand is gebracht, drie monsters van de geproduceerde hasjiesj.
De aangewezen teler draagt zorg voor een zodanige wijze van monsterneming dat de in het tweede en derde lid bedoelde monsters homogeen zijn en een afspiegeling vormen van de betreffende batch, mengbatch of hasjiesj. De monsters dienen van gelijke omvang te zijn en van zodanig gewicht dat het volume voldoende is om de benodigde controles, bedoeld in artikel 28 van het besluit, te kunnen uitvoeren.
De aangewezen teler laat van de drie monsters, bedoeld in het tweede of derde lid, één monster testen ter uitvoering van artikel 28, tweede lid, van het besluit en hij houdt één monster beschikbaar voor een eventuele contra-expertise en één monster voor de personen die krachtens artikel 8 van de wet zijn belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de wet bepaalde, onverminderd hun bevoegdheid om zelf monsters te nemen. De beschikbaar te houden monsters dienen voorhanden te blijven gedurende de periode dat de geproduceerde eindproducten waar de monsters betrekking op hebben nog bij de aangewezen teler voorhanden zijn.
De door de aangewezen teler uit te laten voeren controles, bedoeld in artikel 28 van het besluit, vinden plaats op de in bijlage III bij deze regeling genoemde zware metalen, aflatoxines en micro-organismen. De eventuele op de hennep of hasjiesj aangetroffen waarden van de in bijlage III opgenomen stoffen overschrijden de in die bijlage voor de betreffende stoffen opgenomen grenswaarden niet.
Indien uit een controle als bedoeld in artikel 28, tweede lid, van het besluit blijkt dat de gecontroleerde hennep of hasjiesj niet voldoet aan de in bijlage III bij deze regeling opgenomen grenswaarden voor zware metalen, aflatoxines of micro-organismen, wordt de batch, mengbatch of hasjiesj waaruit het gecontroleerde monster is genomen, onverwijld door de aangewezen teler vernietigd.
Onverminderd artikel 32, eerste lid, van het besluit en artikel 15, eerste lid, houdt de aangewezen teler ten behoeve van de uitoefening van het toezicht en de handhaving in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden beschikbaar in zijn bedrijfsadministratie:
- a.
de bewijzen van bestelling waaruit blijkt hoeveel verpakkingseenheden op welke datum door welke coffeeshophouder zijn besteld;
- b.
de bewijzen van verzending waaruit blijkt hoeveel verpakkingseenheden uit welke bestelling op welke datum zijn verzonden aan welke coffeeshophouder;
- c.
indien derving van hennep of hasjiesj heeft plaatsgevonden, de bewijzen daarvan;
- d.
de verklaringen omtrent gedrag als bedoeld in artikel 27 van het besluit alsmede de loonlijsten van de werknemers;
- e.
de bewijzen van opdrachtverstrekking waaruit per vervoersbeweging blijkt dat deze is uitgevoerd door een vervoerder welke voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 24, derde lid, van het besluit;
- f.
de door de ingeschakelde laboratoria, bedoeld in artikel 28, tweede lid, van het besluit verstrekte bewijzen van uitslagen van de in dat artikel bedoelde controles op zware metalen, aflatoxines en micro-organismen en ter zake van de in dat artikel bedoelde bepaling van het gehalte THC en CBD; en
- g.
indien van toepassing, de uitslagen van uitgevoerde controles als bedoeld in artikel 8, tweede lid.
De in het eerste lid genoemde gegevens en bescheiden worden in ieder geval in originele vorm waarin ze zijn ontvangen bewaard.
De gegevens en bescheiden blijven gedurende het gehele experiment in de bedrijfsadministratie beschikbaar ten behoeve van het toezicht en de handhaving.
Onverminderd artikel 11 van het besluit en artikel 15, tweede lid, houdt de coffeeshophouder ten behoeve van de uitoefening van het toezicht en de handhaving in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden beschikbaar in zijn bedrijfsadministratie:
- a.
de door de aangewezen telers te verstrekken bewijzen van bestelling waaruit blijkt hoeveel verpakkingseenheden op welke datum bij welke aangewezen teler zijn besteld;
- b.
de bewijzen van ontvangst waaruit blijkt hoeveel verpakkingseenheden uit welke bestelling door welke aangewezen teler op welke datum zijn afgeleverd;
- c.
de bewijzen van verkooptransacties waaruit per transactie blijkt hoeveel verpakkingseenheden op welke datum door de coffeeshophouder zijn verkocht; en
- d.
een kopie of scan van de originele certificaten van de door het personeel gevolgde cursussen als bedoeld in artikel 6 van het besluit, als onderdeel van het personeelsdossier binnen de personeelsadministratie.
De in het eerste lid genoemde gegevens en bescheiden worden, met uitzondering van de bescheiden bedoeld in onderdeel d, in ieder geval in de originele vorm waarin ze zijn ontvangen bewaard.
De gegevens en bescheiden blijven gedurende het gehele experiment in de bedrijfsadministratie beschikbaar ten behoeve van het toezicht en de handhaving.
De aangewezen teler voert in zijn bedrijfsprocessen de via het track-and-tracesysteem gegenereerde unieke identificatiemarkering op de wijze als beschreven in bijlage IV, onderdeel A en registreert bij het uitvoeren van de in die bijlage aangegeven handelingen de daarbij genoemde gegevens op de daarbij aangegeven wijze in het track-and-tracesysteem.
De coffeeshophouder voert vanaf de ontvangst van de eindproducten in zijn coffeeshop tot en met de verkoop door hem aan de klant de via het track-and-tracesysteem gegenereerde unieke identificatiemarkering op de wijze als beschreven in bijlage IV, onderdeel B en registreert bij het uitvoeren van de in die bijlage aangegeven handelingen de daarbij genoemde gegevens op de daarbij aangegeven wijze in het track-and-tracesysteem.
Onverminderd artikel 46 van het besluit hebben de personen die krachtens artikel 8 van de wet zijn belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de wet bepaalde, direct toegang tot de in bijlage V genoemde via het track-and-tracesysteem toegankelijke gegevens.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip dat de Wet experiment gesloten coffeeshopketen in werking treedt en vervalt op het tijdstip dat die wet vervalt.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling experiment gesloten coffeeshopketen
Op het etiket af te beelden symbolen als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel d, van de regeling.
Dit product is bedoeld voor het gebruik door volwassenen. Onderstaande informatie is daarom bestemd voor personen vanaf 18 jaar.
Deze gebruikersinformatie heeft drie doelen: 1) je informeren over wat cannabis is en wat de effecten zijn, 2) je informeren over ongewenste effecten en bijwerkingen, 3) je informeren over waar je terecht kunt voor hulp. Drugsgebruik is nooit zonder risico.
In deze gebruikersinformatie hebben we het over cannabis. Cannabis is een verzamelnaam voor producten die gemaakt worden van de cannabisplant (of hennepplant). In de coffeeshop zijn wiet en hasj te koop. Wiet bestaat uit gedroogde vrouwelijke bloemtoppen. Hasj is de samengeperste hars. Wiet en hasj bevatten ongeveer dezelfde stoffen.
Tetrahydrocannabinol (THC) is de belangrijkste werkzame stof in cannabis. In het algemeen geldt hoe hoger het percentage THC, hoe sterker de effecten. De tweede belangrijke stof die in cannabis kan voorkomen is cannabidiol (CBD). CBD lijkt invloed te hebben op sommige effecten van THC. De concentraties THC en CBD verschillen per cannabissoort. Deze informatie staat op de verpakking.
Daarnaast zitten er honderden verschillende stoffen die gewenste en ongewenste effecten kunnen hebben. Zo hebben terpenen bijvoorbeeld invloed op de smaak, geur en hoe de cannabis ervaren wordt.
De drie meest voorkomende manieren om cannabis te gebruiken zijn roken, verdampen en eten. De meeste mensen gebruiken cannabis door er een joint van te draaien met vloei en tip. Vaak stopt men er ook tabak in. Het roken van een joint wordt blowen genoemd. Een gebruiker haalt ongeveer 3–6 joints uit 1 gram cannabis, maar dit verschilt per persoon. Een andere wijze van gebruik is verdampen met een vaporizer.
Een vaporizer verhit de cannabis waardoor het verdampt en kan worden geïnhaleerd.
Cannabis kan ook gegeten worden door er bijvoorbeeld een (space)cake van te maken.
De manier van gebruik heeft grote invloed op hoe snel en intens je het effect voelt en hoe lang het aanhoudt. In onderstaande tabel staat een inschatting van hoe lang de effecten ten minste aanhouden. De effecten kunnen dus ook langer duren. Dit kan erg verschillen tussen individuen en hangt van veel factoren af.
Manier om cannabis te gebruiken | Na hoeveel tijd beginnen de eerste effecten? | Na hoeveel tijd ervaar je de meest intense effecten? | Hoe lang houden de effecten aan? |
Roken of verdampen | Vanaf een paar seconden | 3–10 minuten | Ten minste 3 – 6 uur |
Eten | Vanaf 30–90 minuten | 2–3 uur | Ongeveer 4 tot 12 uur |
Van cannabis kun je high of stoned worden. High zijn geeft een opgewekt en vrolijk gevoel. Stoned zijn geeft een zwaar lichamelijk gevoel, met name in armen en benen. Cannabis kan ook een ontspannende werking hebben. Het gebruik van cannabis verandert de waarneming. Zo kun je dingen scherper gaan zien en geluiden sterker en helderder waarnemen. Andere effecten zijn een sterke toename in eetlust (vreetkick), lachen (lachkick) en veranderingen in de beleving van tijd. Verder zorgt cannabis voor een verhoging in de hartslag en rode ogen. Cannabis kan ook zorgen voor een droge mond, duizeligheid en hartkloppingen. Ook kan je misselijk worden of hoofdpijn krijgen.
De effecten hangen af van veel verschillende factoren. Het maakt uit hoe vaak, hoe veel en hoe je gebruikt. De sterkte en het type cannabis hebben invloed. Hoe je je voelt, wat je verwacht en hoe je lichaam de cannabis afbreekt is ook belangrijk. Ten slotte heeft de omgeving (waar en met wie je gebruikt) invloed op de effecten.
Cannabis kan ongewenste effecten geven. Sommige mensen lopen meer kans hierop dan anderen. Onder punt 5 vind je meer informatie over welke mensen meer risico lopen.
- a.
Het gebruik van cannabis heeft invloed op de werking van je brein. Cannabis kan het leren van nieuwe informatie, geheugen, reactiesnelheid, aandacht, motivatie, impulsiviteit en denkprocessen die nodig zijn om activiteiten te plannen en te sturen verslechteren. Deze verslechtering geldt zeker wanneer je net hebt gebruikt en dus onder invloed bent. Wanneer je niet meer onder invloed bent herstelt zich dit weer, maar bij mensen die langdurig en veel gebruiken lijken deze functies ook iets slechter te zijn dan bij niet-gebruikers.
- b.
Cannabis kan kortdurende psychotische symptomen veroorzaken bij mensen die hier aanleg voor hebben. Cannabisgebruik wordt ook in verband gebracht met een grotere kans op het ontwikkelen van psychotische stoornissen zoals schizofrenie.
- c.
Cannabis kan slecht vallen en een ‘bad trip’ veroorzaken. Je voelt je dan ziek en angstig. Hierbij kunnen angstige, achterdochtige en sombere gevoelens optreden. Cannabis kan een paniekaanval en depressieve, manische en angstklachten veroorzaken.
- d.
Regelmatig gebruik kan het risico op verslaving vergroten.
- e.
Cannabis kan een toestand van passiviteit en onverschilligheid veroorzaken.
- f.
Het roken van cannabis kan ademhalings- en longproblemen veroorzaken zoals chronische bronchitis, hoesten, productie van slijm en een piepende ademhaling. Dit geldt ook wanneer je cannabis rookt zonder tabak.
- g.
Van cannabis kun je ‘out’ gaan (flauwvallen). Wanneer je onder invloed bent, zorgt cannabis bijna altijd voor een stijging van de hartslag en veranderingen in de bloeddruk. Bij gezonde mensen is dit meestal niet ernstig. Verlaging van de bloeddruk vergroot wel de kans op misselijkheid en flauwvallen. In zeldzame gevallen kan er door het roken van cannabis een hartaanval ontstaan.
- h.
Bij zwangere vrouwen kan cannabisgebruik zorgen voor vroeggeboorte en een vertraging in de groei van de foetus. Ook zijn er aanwijzingen dat het kind later een ontwikkelingsachterstand kan krijgen.
- i.
Cannabisgebruik in de periode waarin je borstvoeding geeft, kan nadelige gevolgen voor het kind hebben zoals vertraging in de groei.
Van bepaalde groepen mensen is bekend dat ze meer risico’s lopen. Deze mensen kunnen beter geen cannabis gebruiken of moeten extra voorzichtig zijn met het gebruik. In het algemeen geldt: drugsgebruik is nooit zonder risico.
- •
Jongvolwassenen lopen meer risico op verslaving. Zij hebben ook een grotere kans op andere nadelige effecten, onder meer op het ontwikkelen van een psychose en van leerproblemen. Daarnaast zijn de hersenen op deze leeftijd nog in ontwikkeling. Het gebruik van cannabis kan dit nadelig beïnvloeden.
- •
Mensen die in het verleden een psychose hebben gehad of familieleden hebben die een psychose hebben gehad. Deze mensen zijn extra gevoelig voor het krijgen van psychotische symptomen en/of het ontwikkelen van een psychotische stoornis zoals schizofrenie.
- •
Mensen die (andere) psychische klachten (zoals depressie, angst of manie) hebben of deze klachten in het verleden hebben ervaren. Bij deze mensen kunnen deze klachten verergeren of terugkomen.
- •
Mensen die gevoelig zijn om verslaafd te raken. Bijvoorbeeld als je al eens eerder een alcohol- of drugsverslaving hebt gehad. Mensen die cannabis gebruiken om met problemen te kunnen omgaan of om hun problemen te vergeten lopen meer risico op verslaving.
- •
Beginnende en gebruikers die zich gespannen voelen lopen een grotere kans op het ervaren van een ‘bad trip’.
- •
Specifiek bij het roken van cannabis: mensen die al longziekten hebben zoals chronische bronchitis of astma.
- •
Mensen die hart- en vaatziekten hebben.
- •
Zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven.
- •
Neem niet deel aan het verkeer als je gebruikt hebt. De effecten van cannabis kunnen erg lang aanhouden. Hoe lang precies is niet te zeggen en hangt o.a. af van hoeveel en hoe je cannabis gebruikt. Realiseer je dat de Nederlandse wet een harde grenswaarde heeft voor het toegestane THC-gehalte in het bloed. Het is mogelijk dat jij de effecten niet meer voelt, maar dat je nog wel boven deze wettelijke grenswaarden zit.
- •
Hanteer geen machines als je gebruikt hebt.
- •
Gebruik niet net voor of op het werk. De effecten van cannabis kunnen lang duren.
- •
Gebruik niet tijdens school of studie.
- •
Weet je niet hoe je lichaam reageert en heb je nog niet veel ervaring, begin dan met een lage dosering. Laat je hierbij adviseren door de coffeeshop. Eten (spacecake) is niet aan te raden bij onervaren gebruikers omdat de effecten erg onvoorspelbaar kunnen zijn.
- •
Zorg dat je cannabis altijd op een veilige plek, buiten het bereik van kinderen en jongeren bewaart.
- •
Gebruik cannabis niet in combinatie met alcohol of andere drugs. Cannabis kan in combinatie met bepaalde medicijnen extra risico’s met zich meebrengen. Laat je informeren door je arts of apotheker of dit ook voor jouw medicijnen geldt.
- •
Gebruik cannabis niet dagelijks om de kans op gewoontevorming en verslaving tegen te gaan.
- •
Gebruik cannabis niet om met je problemen te kunnen omgaan. Dit verhoogt de kans op problematisch gebruik en je problemen worden er niet door opgelost.
- •
Zorg dat je cannabis gebruikt in een vertrouwde omgeving. De omgeving waarin je cannabis gebruikt heeft invloed op de effecten en risico’s.
- •
Deze cannabis is niet bedoeld voor medicinaal gebruik. Vraag een arts om informatie over medicinaal gebruik van cannabis.
Specifiek bij het inhaleren van cannabis:
- •
Het roken van cannabis is schadelijk voor je longen.
- •
Voor gebruikers die cannabis combineren met tabak geldt tevens dat het roken van tabak erg schadelijk is voor de gezondheid en tabaksverslaving kan veroorzaken.
- •
Door cannabis te verdampen met een vaporizer loop je waarschijnlijk minder kans op nadelige bijwerkingen voor je longen dan wanneer je het rookt. De langetermijneffecten van het gebruik van een vaporizer zijn nog onbekend.
- •
Diep inhaleren of je adem inhouden is niet nodig en geeft alleen maar meer gezondheidsrisico’s voor je longen. THC wordt direct opgenomen in de longen.
Hulp nodig?
Het kan gebeuren dat je meer of vaker gebruikt dan je zou willen of dat je problemen ondervindt door je gebruik. Je kunt de Drugsinfolijn bellen via het telefoonnummer 09001995 (0,10 cent/min) of met ze mailen of chatten (zie www.drugsinfo.nl). Je kunt ook een afspraak maken met de huisarts of een gratis adviesgesprek aanvragen bij de afdeling preventie van een instelling voor verslavingszorg bij jou in de buurt.
Op de volgende website kun je informatie vinden wanneer je je zorgen maakt over je gebruik, bijvoorbeeld als je vervelende klachten krijgt, wilt minderen of stoppen, of vragen hebt over gebruik: www.drugsinfo.nl/publiek/stoppen-met-gebruik-en-hulp
Cannabis staat op lijst II van de Opiumwet en wordt genoemd in het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer. In de Nederlandse wet staan de volgende zaken die relevant voor je zijn:
- •
De bereiding, productie (teelt), verkoop, verhandeling en export van cannabis is verboden.
- •
Als je 5 gram cannabis of minder in je bezit hebt dan word je niet vervolgd. Zorg dat je dus niet meer dan 5 gram in bezit hebt.
- •
In het buitenland is het meestal niet toegestaan om cannabis te bezitten. Neem dus geen cannabis mee als je naar het buitenland gaat.
- •
In een groot aantal gemeenten is het volgens plaatselijke regels (Algemene Plaatselijke Verordening) niet toegestaan om in bepaalde gebieden in de openbare ruimte cannabis te gebruiken.
- •
Rijden onder invloed van cannabis is strafbaar. De Nederlandse wet hanteert een harde grenswaarde voor het toegestane THC-gehalte in het bloed.
- •
Het gebruik van cannabis is NIET strafbaar. Heb je cannabis gebruikt en heb je hulp nodig? Wees dan altijd eerlijk over je gebruik.
- •
Meer informatie over het Experiment gesloten coffeeshopketen is te vinden op: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/experiment-gesloten-coffeeshopketen-wietexperiment
- •
De gegevens in deze informatiefolder zijn gebaseerd op de huidige beschikbare wetenschappelijke kennis. Niet voor alle punten in de folder is definitief wetenschappelijk bewijs. Het kan dus zijn dat de informatie in deze folder niet volledig is of in de toekomst nog verandert.
- •
De cannabis die je hebt gekocht is gereguleerd gekweekt. Dit in tegenstelling tot cannabis die zonder deze gebruikersinformatie in een coffeeshops die niet aan het experiment deelnemen verkocht wordt. Dat betekent dat je betrouwbare informatie hebt over de samenstelling en dat er geen bestrijdingsmiddelen zijn gebruikt die schadelijk voor je kunnen zijn.
- •
Let op: dit betekent niet dat gereguleerde geteelde cannabis een product is zonder gezondheidsrisico’s (zie de punten 4., 5. en 6.).
- •
Cannabis wordt ook voor medische doeleinden gebruikt. Deze cannabis is bedoeld voor recreationeel gebruik en we geven hier daarom geen informatie over medicinaal gebruik.
Bewaar de cannabis in een droge, donkere ruimte op kamertemperatuur.
Eisen ten aanzien van de afwezigheid van zware metalen, micro-organismen en aflatoxines op de geproduceerde hennep of hasjiesj als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van het besluit en artikel 12 van de regeling
Microbiologische zuiverheid: | Grenswaarde |
Totaal aeroob kiemgetal | max 100.000 kve/gram |
Totaal kiemgetal schimmels en gisten | max 10.000 kve/gram |
Staphylococcus Aureus | max 100.000 kve/gram |
Zware metalen: | |
Lood | max 5,0 milligram/kg |
Kwik | max 0,5 milligram/kg |
Cadmium | max 0,5 milligram/kg |
Arseen | max 3,0 milligram/kg |
Aflatoxines: | |
De som van B1, B2, G1 en G2 | max 4,0 microgram/kg |
De te voeren unieke identificatiemarkering als bedoeld in artikel 15 van de regeling
Voor de toepassing van deze bijlage worden in aanvulling op reeds gedefinieerde begrippen de volgende begrippen gehanteerd:
AFLEVERACTIE | afleveren van een eindproduct bij een coffeeshop door een vervoerder |
AFVALNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van afval |
BAG COFFEESHOP | het in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen geregistreerde adres van een coffeeshop |
BAG PRODUCTIELOCATIE | het in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen geregistreerde adres van een productielocatie |
BATCHDERVING | de situatie dat een batch niet voldoet aan de krachtens artikel 28 van het besluit gestelde kwaliteitseisen of anderszins onbruikbaar is dan wel onvindbaar is geraakt, waardoor deze niet langer wordt of kan worden gebruikt voor de productie van eindproducten |
BATCHKWALITEIT | de kwaliteit van een batch, bedoeld in artikel 11 van de regeling, uitgedrukt in het percentage THC en CBD die de hennep in de batch bevat, alsmede de afwezigheid, in de voorgeschreven mate, van zware metalen, micro-organismen en aflatoxines als bedoeld in bijlage III bij deze regeling |
BATCHNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een specifieke batch |
BATCHVERPLAATSEN | het verplaatsen van een batch van de ene positie naar een andere positie binnen de productielocatie van een teler |
COFFEESHOPNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van de specifieke locatie van een coffeeshop |
DERVINGSREDEN | reden van derving van een hennepplant, batch of eindproduct |
GEWICHT (DROOG) | gewicht van een batch na het drogen in grammen |
GEWICHT (PLANT) | gewicht van een hennepplant in grammen |
GEWICHT (NAT) | gewicht van een batch direct na het oogsten in grammen |
HOOGTE | hoogte van een hennepplant in centimeters vanaf het uitsteken uit de pot c.q. het medium |
KWALITEITSTOETS | door de teler uit te laten voeren controle van de kwaliteit en van het gehalte THC en CBD, bedoeld in artikel 28 van het besluit |
LABORATORIUMNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van het door een individuele teler ingeschakelde laboratorium als bedoeld in artikel 28 van het besluit |
MOEDERPLANT | hennepplant waarvan een stek is afgenomen |
MONSTER | een door een teler afgenomen monster, als bedoeld in artikel 11 van de regeling of een door de toezichthouder krachtens artikel 5:18 van de Algemene wet bestuursrecht afgenomen monster |
MONSTERNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een specifiek monster |
OOGSTEN | handeling waarbij bestanddelen van de hennepplant die de werkzame stoffen THC en CBD kunnen bevatten, van de hennepplant worden gehaald ten behoeve van de productie van eindproducten |
OPHAALACTIE | ophalen van een eindproduct bij een teler door een vervoerder |
PLANTDERVING | het op enigerlei wijze onbruikbaar of onvindbaar raken van een hennepplant, waardoor deze niet langer wordt of kan worden gebruikt voor de productie van eindproducten |
PLANTNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een specifieke hennepplant bij een teler |
PLANTVERPLAATSEN | het verplaatsen van een hennepplant van de ene positie naar een andere positie binnen de productielocatie van een teler |
POSITIE | nadere aanduiding van de specifieke plek van een hennepplant, batch, eindproduct of afval binnen de productielocatie van een teler |
PRODUCTDERVING | de situatie dat een eindproduct niet voldoet aan de krachtens artikel 28 van het besluit gestelde kwaliteitseisen of anderszins onbruikbaar is dan wel onvindbaar is geraakt, waardoor de teler deze niet mag of kan leveren aan de coffeeshophouder of de coffeeshophouder deze niet kan verkopen |
PRODUCTGEWICHT | totaalgewicht van de hoeveelheid gebruikte hennep in het verpakte eindproduct in grammen, afgerond op twee decimalen |
PRODUCTKWALITEIT | de kwaliteit van een eindproduct uitgedrukt in het percentage THC en CBD die het eindproduct bevat, alsmede de afwezigheid, in de voorgeschreven mate, van zware metalen, micro-organismen en aflatoxines als bedoeld in bijlage III, zoals afgeleid vanuit de betreffende batchkwaliteit waarvan hennep of hasjiesj is gebruikt in het eindproduct |
PRODUCTNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een verpakt eindproduct |
PRODUCTSOORT | een omschrijving van het eindproduct |
PRODUCTIELOCATIENUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van de specifieke productielocatie van een teler |
RETOURVERZENDNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een specifieke retourzending van een of meerdere eindproducten door een coffeeshophouder aan een teler |
RETOURZENDING | retourzending van een eindproduct door een coffeeshophouder aan een teler |
STEK | Materiaal afgenomen van een moederplant |
TELER | aangewezen teler als bedoeld in artikel 1 van het besluit |
TELERNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een individuele teler |
VARIËTEIT | Hennepvariëteit als bedoeld in artikel 1 van de regeling |
VERVOERDER | de door de teler of coffeeshophouder ingeschakelde individuele vervoerder, bedoeld in artikel 24, derde lid, van het besluit |
VERZENDNUMMER | NL-uniek nummer ter identificatie van een specifieke levering van een of meerdere eindproducten door een teler aan een coffeeshophouder |
VOCHTPERCENTAGE | Percentage van vocht dat zich in een batch bevindt na drogen |
WIJZE VAN VERNIETIGING | wijze van vernietiging van afval of eindproducten |
Onderdeel A
Wijze van gebruik van de unieke identificatiemarkering en door de aangewezen telers te registreren gegevens als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de regeling
A.1 – Algemeen
UID-TELERNUMMER
WANNEER UID | NA AANWIJZING VAN EEN TELER |
WIJZE UID | TELERNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | KVK-NUMMER TELER + PRODUCTIELOCATIENUMMER(S) + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN TELERNUMMER |
UID-PRODUCTIELOCATIENUMMER
WANNEER UID | BIJ TOEKENNING VAN UID TELERNUMMER OF BIJ HET ONTSTAAN VAN EEN NIEUWE PRODUCTIELOCATIE |
WIJZE UID | PRODUCTIELOCATIENUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | BAG PRODUCTIELOCATIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN TELERNUMMER |
UID – VERVOERDER
WANNEER UID | BIJ CONTRACTEREN VAN EEN VERVOERDER DOOR EEN TELER |
WIJZE UID | VERVOERDER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | KVK-NUMMER VERVOERDER + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN VERVOERDER |
UID-LABORATORIUMNUMMER
WANNEER UID | BIJ CONTRACTEREN VAN EEN LABORATORIUM DOOR TELER |
WIJZE UID | LABORATORIUMNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | KVK-NUMMER LABORATORIUM + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN LABORATORIUMNUMMER |
A.2 – Plantnummer
UID -PLANTNUMMER
WANNEER UID | BIJ EEN STEK OF – INGEVAL VAN START MET ZADEN – IN IEDER GEVAL VANAF EEN HOOGTE VAN 20 CM |
WIJZE UID | PLANTNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | VARIËTEIT + HOOGTE + GEWICHT (PLANT) + POSITIE + INGEVAL VAN EEN STEK HET PLANTNUMMER VAN DE MOEDERPLANT + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PLANTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ PLANTVERPLAATSEN |
WIJZE UID | PLANTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | HOOGTE + GEWICHT (PLANT) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PLANTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ PLANTDERVING |
WIJZE UID | PLANTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | DERVINGSREDEN + HOOGTE + GEWICHT (PLANT) + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PLANTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ HET AFNEMEN VAN STEKKEN |
WIJZE UID | PLANTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | AANTAL + HOOGTE + GEWICHT (PLANT) + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PLANTNUMMER |
A.3 – Batchnummer
UID – BATCHNUMMER
WANNEER UID | NA OOGSTEN |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PLANTNUMMER(S) + GEWICHT (NAT) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
WANNEER UID | NA DROGEN |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | GEWICHT (DROOG) + VOCHTPERCENTAGE + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
WANNEER UID | NA MENGEN VAN BATCHES |
WIJZE UID | BATCHNUMMERS – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | GEWICHT (DROOG) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMERS |
WANNEER UID | NA PRODUCTIEHANDELING MET BATCH |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | GEWICHT (DROOG) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
WANNEER UID | NA KWALITEITSTOETS |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | BATCHKWALITEIT + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
WANNEER UID | BIJ BATCHVERPLAATSEN |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | GEWICHT (DROOG) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
WANNEER UID | BIJ BATCHDERVING |
WIJZE UID | BATCHNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | DERVINGSREDEN + GEWICHT (DROOG) + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN BATCHNUMMER |
A.4 – Monsternummer
WANNEER UID | NA AFNEMEN MONSTER |
WIJZE UID | MONSTERNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | BATCHNUMMER + GEWICHT (DROOG) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN MONSTERNUMMER |
WANNEER UID | NA KWALITEITSTOETS |
WIJZE UID | MONSTERNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | BATCHKWALITEIT + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN MONSTERNUMMER |
A.5 – Productnummer
UID – PRODUCTNUMMER
WANNEER UID | NA PRODUCTIE |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PRODUCTSOORT + BATCHNUMMER(S) + PRODUCTGEWICHT + PRODUCTKWALITEIT + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ PRODUCTDERVING |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | DERVINGSREDEN + PRODUCTGEWICHT + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER |
A.6 – Afvalnummer
UID – AFVALNUMMER
WANNEER UID | PLANTDERVING BUNDELEN TOT AFVAL |
WIJZE UID | AFVALNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PLANTNUMMER(S) + GEWICHT (PLANT) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN AFVALNUMMER |
WANNEER UID | BATCHDERVING VOOR DROGEN BUNDELEN TOT AFVAL |
WIJZE UID | AFVALNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | BATCHNUMMER(S) + GEWICHT (NAT) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN AFVALNUMMER |
WANNEER UID | BATCHDERVING NA DROGEN BUNDELEN TOT AFVAL |
WIJZE UID | AFVALNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | BATCHNUMMER(S) + GEWICHT (DROOG) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN AFVALNUMMER |
WANNEER UID | PRODUCTDERVING BUNDELEN TOT AFVAL |
WIJZE UID | AFVALNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PRODUCTNUMMER(S) + PRODUCTGEWICHT + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN AFVALNUMMER |
WANNEER UID | BIJ VERNIETIGEN AFVAL |
WIJZE UID | AFVALNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | WIJZE VAN VERNIETIGEN + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN AFVALNUMMER |
A.7 – Verzendnummer
UID – VERZENDNUMMER
WANNEER UID | BIJ GEREEDMAKEN VOOR OPHAALACTIE |
WIJZE UID | VERZENDNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PRODUCTNUMMER(S) + POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN VERZENDNUMMER |
WANNEER UID | BIJ OPHAALACTIE |
WIJZE UID | VERZENDNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | VERVOERDER + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN VERZENDNUMMER |
A.8 – Retourverzendnummer
UID – RETOURVERZENDNUMMER
WANNEER UID | BIJ ONTVANGEN RETOURZENDING |
WIJZE UID | RETOURVERZENDNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | POSITIE + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN RETOURVERZENDNUMMER |
Onderdeel B
Wijze van gebruik van de unieke identificatiemarkering en door coffeeshophouders te registreren gegevens als bedoeld in artikel 15, tweede lid, van de regeling
B.1 – Algemeen
UID-COFFEESHOPNUMMER
WANNEER UID | BIJ AANVANG VAN DE OVERGANGSFASE EN DAARNA BIJ HET TOESTAAN DOOR DE BURGEMEESTER VAN EEN NIEUWE COFFEESHOP |
WIJZE UID | COFFEESHOPNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | BAG COFFEESHOP + KVK NUMMER COFFEESHOPHOUDER + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN COFFEESHOPNUMMER |
B.2 – Verzendnummer
UID – VERZENDNUMMER
WANNEER UID | BIJ AFLEVERACTIE |
WIJZE UID | VERZENDNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | COFFEESHOPNUMMER + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN VERZENDNUMMER |
B.3 – Product nummer
UID – PRODUCTNUMMER
WANNEER UID | BIJ VOORRAAD REGISTRATIE |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER(S) – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | PRODUCTNUMMER(S) + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER(S) |
WANNEER UID | BIJ VERKOOPTRANSACTIE |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ PRODUCTDERVING |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | DERVINGSREDEN + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER |
WANNEER UID | BIJ VERNIETIGEN PRODUCTDERVING |
WIJZE UID | PRODUCTNUMMER – BIJWERKEN |
WELKE GEGEVENS | WIJZE VAN VERNIETIGEN + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN PRODUCTNUMMER |
B.4 – Retourverzendnummer
UID – RETOURVERZENDNUMMER
WANNEER UID | BIJ RETOURZENDING |
WIJZE UID | RETOURVERZENDNUMMER – TOEKENNEN |
WELKE GEGEVENS | PRODUCTNUMMER(S) VAN EINDPRODUCTEN DIE RETOUR WORDEN GEZONDEN + VERVOERDER + REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD |
WIJZE GEGEVENS | TOEVOEGEN AAN RETOURVERZENDNUMMER |
Toegang toezichthouders tot de unieke identificatiemarkering en de door aangewezen telers of coffeeshophouders geregistreerde gegevens als bedoeld in artikel 16 van de regeling
UID – TELER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
TELERNUMMER | X | |
KVK TELER | X | |
PRODUCTIELOCATIENUMMER(S) | X | |
LOCATIE(S) BAG PRODUCTIELOCATIE(S) | X | |
VERVOERDER | X | |
KVK VERVOERDER(S) | X | |
LABORATORIUMNUMMER | X | |
KVK LABORATORIUM | X | |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X |
UID – COFFEESHOP
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
COFFEESHOPNUMMER(S) | X | X |
BAG COFFEESHOP | X | X |
KVK COFFEESHOPHOUDER | X | X |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X | X |
UID – PLANTNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
PLANTNUMMER | X | |
VARIËTEIT | X | |
HOOGTE | X | |
GEWICHT (PLANT) | X | |
POSITIE | X | |
PLANTNUMMER MOEDERPLANT | X | |
VERPLAATSING | X | |
AFNEMEN VAN STEKKEN | X | |
PLANTDERVING | X | |
DERVINGSREDEN | X | |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X |
UID – BATCHNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
BATCHNUMMER | X | |
PLANTNUMMER | X | |
POSITIE | X | |
BATCHGEWICHT NAT | X | |
BATCHGEWICHT DROOG | X | |
VOCHTPERCENTAGE | X | |
BATCHKWALITEIT | X | |
VERPLAATSING | X | |
BATCHDERVING | X | |
DERVINGSREDEN | X | |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X |
UID – MONSTERNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
MONSTERNUMMER | X | |
BATCHNUMMER | X | |
GEWICHT (DROOG) | X | |
POSITIE | X | |
BATCHKWALITEIT | X | |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X |
UID – PRODUCTNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
PRODUCTNUMMER | X | X |
PRODUCTSOORT | X | X |
BATCHNUMMER | X | |
PRODUCTKWALITEIT | X | |
PRODUCTGEWICHT | X | X |
POSITIE | X | |
VERKOOPTRANSACTIE | X | X |
VERPLAATSING | X | |
PRODUCTDERVING | X | X |
DERVINGSREDEN | X | X |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X | X |
UID – AFVALNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE |
PLANTNUMMER | X | |
GEWICHT (PLANT) | X | |
BATCHNUMMER | X | |
GEWICHT (NAT) | X | |
GEWICHT (DROOG) | X | |
PRODUCTNUMMER | X | |
PRODUCTGEWICHT | X | |
POSITIE | X | |
WIJZE VAN VERNIETIGEN | X | |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X |
UID – VERZENDNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE1 |
OPHAALACTIE | X | |
AFLEVERACTIE | X | X |
PRODUCTNUMMERS | X | X |
VERVOERDER | X | X |
COFFEESHOPNUMMER | X | X |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X | X |
UID – RETOURVERZENDNUMMER
SOORT INFORMATIE | IJENV/NVWA | GEMEENTE1 |
RETOURZENDING | X | X |
ONTVANGEN RETOURZENDING | X | X |
PRODUCTNUMMERS | X | X |
VERVOERDER | X | X |
REGISTRATIE/MUTATIEDATUM&TIJD | X | X |
1 Toezichthouders van deelnemende gemeenten krijgen enkel toegang tot de geregistreerde gegevens voor zover het coffeeshophouders in hun eigen gemeente betreft.